Strengere handhaving op universiteiten

De regering moet landelijke minimumnormen vaststellen voor het aanpakken van bezettingen en intimidatie op campussen. Universiteiten laten onrust en antisemitisch gedrag nu te lang toe door niet in te grijpen. Duidelijke regels en strengere sancties zorgen voor een veiligere leeromgeving voor studenten en medewerkers.

Motie van de leden Claassen en Boomsma over landelijke minimumnormen voor handhaving, ordeherstel en sancties bij bezettingen en intimidatie op campussen

De kamer, constaterende dat bezettingen, intimidatie en verstoring van onderwijs op universiteiten te lang gedoogd worden, met als gevolg normalisering van antisemitisme en gevoelens van onveiligheid onder studenten en medewerkers; overwegende dat universiteiten over huisregels en disciplinaire bevoegdheden beschikken, maar tijdige en consequente handhaving vaak ontbreekt en de-escalatie ten koste gaat van het onderwijs en de veiligheid; overwegende dat harde consequenties een preventieve werking hebben en onderhandelen met agressieve groepen niet leidt tot een veilige campus; verzoekt de regering landelijke minimumnormen vast te stellen voor tijdige handhaving, ordeherstel en sancties bij bezettingen en intimidatie op campussen, en universiteiten aan te spreken op hun verantwoordelijkheid om eerder en consequenter op te treden.
16 april | Markusz, JA21 | Verworpen: 49–101 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma CU

Stemverwachting: voor (erg zeker, 90%)

Argumenten voor: De partij stelt expliciet dat het onderwijs een veilige plek moet zijn voor Joodse studenten en medewerkers en zet zich in om antisemitisme in het onderwijs te bestrijden [1][2]. Daarnaast benadrukt de partij het belang van handhaving en preventieve werking bij overlast en intimidatie [3], en vindt de partij dat acties die de openbare orde buitensporig verstoren of rechten van anderen beperken, gericht moeten worden aangepakt [4].

Argumenten tegen: Er zijn geen argumenten in de tekst gevonden die protesteren of bezetten op universiteiten beschouwen als een beschermingwaardige uiting van demonstratievrijheid in deze specifieke context van veiligheid en antisemitisme.

Bronnen:

  1. "Het onderwijs, van basisschool tot universiteit, moet een veilige plek zijn voor Joodse studenten en medewerkers. De taskforce in het onderwijs wordt ingezet om antisemitisme terug te dringen en te voorkomen dat steeds meer Joodse jongeren besluiten in het buitenland te studeren. De zwarte bladzijden in onze geschiedenis hoe we zijn omgegaan met Joodse medeburgers worden op elke school besproken. Iedere jongere moet een keer in zijn schooltijd het Nationaal Holocaustmuseum of één van de herdenkingscentra zoals kamp Amersfoort of Westerbork bezoeken."
  2. "Het actieplan Bestrijding Antisemitisme wordt doorgezet en waar nodig uitgebreid. De extra financiering voor ondersteuning van het Joodse leven wordt voortgezet. Het aangenomen initiatiefwetsvoorstel van de ChristenUnie dat een antisemitisch oogmerk bij delicten strafbaar stelt, wordt goed gemonitord. Als blijkt dat de strafmaat verhoogd of opsporing geïntensiveerd moet worden, doen we dat. Het is vreselijk dat beveiliging voor Joodse instellingen noodzakelijk is. De overheid draagt hiervoor de beveiligingskosten. Antisemitisme op scholen en onderwijsinstellingen wordt bestreden. Lees hierover meer onder het kopje 'Antisemitismebestrijding in het onderwijs' in paragraaf 3.3. Voor politieagenten die weigeren Joodse instellingen te beschermen of zich antisemitisch (of anderszins racistisch) uitlaten, is geen plaats bij het korps."
  3. "Veel vrouwen durven 's avonds niet alleen over straat te lopen of bereiden zich voor om alleen op weg te gaan door het delen van hun live locatie met een naaste. Dit is niet oké. Iedereen, jong of oud, man of vrouw, moet veilig over straat kunnen zonder angst om lastig gevallen te worden. We onderzoeken of intimiderend groepsgedrag strafbaar gesteld kan worden. De ChristenUnie wil dat gemeenten actief optreden tegen structurele overlast. We investeren in goede straatverlichting, meer handhaving en zichtbare politie in de buurt. Van meer blauw op straat gaat een preventieve werking uit én het vergroot het veiligheidsgevoel. Daarnaast maken we ruimte voor straatcoaches, jongerenwerk en preventieve programma's die gericht zijn op gedragsverandering en respectvol samenleven."
  4. "Het grondrecht om te demonstreren is een groot goed. Het merendeel van de demonstraties verloopt vreedzaam, maar acties die de orde buitensporig verstoren of de rechten en vrijheden van andere mensen ernstig beperken, zijn in opkomst. Om dit gerichter aan te kunnen pakken, moeten de voorwaarden om te kunnen demonstreren waar nodig aangescherpt. Onderdeel daarvan is het verbod op gezichtsbedekkende kleding en het zo mogelijk verhalen van schade op de organisatoren. Daarnaast moet intimidatie en het op andere manier verhinderen van vreedzame bijeenkomsten worden tegengegaan door misbruik van het beginsel van zicht- en gehoorsafstand aan te pakken."