Hoger loon voor publieke dienstverleners

De regering moet geen nullijn (geen loonsverhoging) hanteren voor publieke dienstverleners in de onderhandelingen met vakbonden. Schoonmakers, gevangenbewaarders en weginspecteurs doen zwaar werk, maar verdienen minder dan mensen met hetzelfde werk in bedrijven. Door stijgende kosten gaan zij nu achteruit in hun inkomen.

Motie van het lid Jimmy Dijk over niet inzetten op de nullijn voor publieke dienstverleners

De kamer, constaterende dat door stijgende kosten salarisstilstand een inkomensachteruitgang betekent; constaterende dat onze publieke dienstverleners, zoals schoonmakers, gevangenbewaarders en weginspecteurs, belangrijk en zwaar werk doen; constaterende dat hun salaris achterblijft in vergelijking met soortgelijke functies in de marktsector; overwegende dat de kwaliteit van publieke dienstverlening gebaat is bij behoud van kennis, kunde, toewijding en uitvoeringscapaciteit; verzoekt de regering niet in te zetten op de nullijn voor onze publieke dienstverleners tijdens gesprekken met de vakbonden.
23 april | SP |

Stemverwachting

Verkiezingsprogramma Volt

Stemverwachting: voor (vrij zeker, 80%)

Argumenten voor: De partij vindt dat wie werkt eerlijk beloond moet worden [3] en streeft naar een samenleving waarin iedereen een fatsoenlijk inkomen heeft [4]. Daarnaast vindt de partij dat het minimumloon een normale levensstandaard moet garanderen [2]. Specifiek voor de publieke sector stelt de partij dat een eerlijke beloning noodzakelijk is om personeel te behouden en nieuwe mensen aan te trekken [1].

Argumenten tegen:

Bronnen:

  1. "Volt gaat de loonkloof tussen zorgmedewerkers en andere publieke medewerkers verkleinen. We verhogen de lonen in de zorg stap voor stap, zodat deze meer overeenkomen met vergelijkbare publieke banen. Dit doen we in overleg met de vakbonden en met oog voor structurele financiering. Een eerlijke beloning is nodig om personeel te behouden en nieuwe mensen aan te trekken."
  2. "Betaald werk moet voldoende lonen. Voor veel werk gebeurt dit al. Maar voor mensen die moeten rondkomen van het minimumloon is dit niet het geval. Daarom vindt Volt het belangrijk dat het minimumloon een normale levensstandaard garandeert. Om het minimumloon niet afhankelijk te maken van de politieke kleur van het kabinet, verhogen we het minimumloon geleidelijk naar 19 euro. Het verhogen van het minimumloon mag niet ten koste gaan van kleine ondernemers, en zo grote bedrijven in de kaart spelen. De gekoppelde minimum- en AOW-uitkeringen volgen deze stijging niet, aangezien deze het sociaal minimum nu al garanderen. Het is hierbij essentieel dat mensen die het minimumloon betaald krijgen niet onder het sociaal minimum uitkomen. Volt houdt hier rekening mee in haar andere voorstellen."
  3. "Wie werkt moet eerlijk beloond worden. Daarom verhogen we het minimumloon, zodat je ervan rond kan komen. Ook wordt het minimumjeugdloon afgeschaft. Wie hetzelfde werk doet, moet hetzelfde betaald krijgen, ongeacht leeftijd."
  4. "We geloven in een samenleving waarin iedereen zekerheid en gelijke kansen heeft. In Nederland moet de basis op orde zijn: een fatsoenlijk inkomen, goed onderwijs en toegankelijke zorg. Op dit moment is dat niet het geval. Daarom bouwen we aan een samenleving die mensen echt vooruit helpt."