Pensioencompensatie bij baanwisseling

De minister moet afspraken maken zodat mensen die van baan wisselden of mantelzorg hebben opgenomen, toch hun compensatie krijgen voor de overstap naar het nieuwe pensioenstelsel. Nu vallen deze mensen soms tussen wal en schip en missen zij hun geld.

Motie van de leden Van Ark en Patijn over afspraken over vrijwillige voortzetting bij een vorig pensioenfonds om zo alsnog de gemiste compensatie te kunnen ontvangen

De kamer, constaterende dat pensioenfondsen met sociale partners een regeling hebben afgesproken om de effecten van de transitie naar het nieuwe pensioenstelsel voor 40- tot 60-jarigen te compenseren; constaterende dat niet alle pensioenfondsen tegelijkertijd overgaan naar het nieuwe stelsel; constaterende dat deelnemers die in het afgelopen jaar van baan zijn gewisseld of bijvoorbeeld mantelzorg opgenomen hebben tussen wal en schip kunnen vallen of minder gecompenseerd worden en daardoor mogelijk niet of beperkt in aanmerking komen voor compensatie; overwegende dat bij 93% van de pensioenfondsen vrijwillige voortzetting bij het pensioenfonds van de voormalige werkgever mogelijk is, waardoor deelnemers alsnog de gemiste compensatie kunnen ontvangen; overwegende dat in 7% van de gevallen vrijwillige voortzetting geen oplossing biedt en dat dit met name speelt bij bedrijfspensioenfondsen; verzoekt de Minister om opnieuw in overleg te treden met sociale partners en pensioenfondsen en te komen tot afspraken om voor deze groep alsnog vrijwillige voortzetting mogelijk te maken, daarbij tijdelijke dispensatie te organiseren bij het pensioenfonds van de nieuwe werkgever, en zich tevens in te spannen om de communicatie richting deelnemers te verbeteren over de gevolgen van baanwisseling en verlof, ook bij pensioenfondsen die reeds zijn overgestapt op het nieuwe stelsel.
18 mei | CDA, GL-PvdA | Aangenomen: 150–0 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma SGP

Stemverwachting: voor (vrij zeker, 70%)

Argumenten voor: De partij stelt dat de overheid een schild moet zijn voor de zwakken en dat een adequaat vangnet onmisbaar is [1][2]. De motie is bedoeld om te voorkomen dat mensen die door baanwisseling of mantelzorg geen compensatie krijgen tussen wal en schip vallen, wat aansluit bij de ambitie van de partij voor een beschermde oude dag [3].

Argumenten tegen: Er is in de verstrekte fragmenten geen informatie te vinden die een reden geeft om tegen de motie te stemmen.

Bronnen:

  1. "De overheid is het schild voor de zwakken. Het beleid moet rekening houden met mensen die zichzelf niet kunnen redden en geen sociaal vangnet hebben. Een adequaat vangnet is daarom onmisbaar. Voorop staat dat wie kan werken deze verantwoordelijkheid neemt. Dit wordt ook gestimuleerd, onder andere door de inkomensachteruitgang bij (gedeeltelijke) terugkeer naar werk op te heffen. Een gedegen uitvoering en berekening is van wezenlijk belang voor uitkeringsgerechtigden, aangezien dat hun levensonderhoud raakt."
  2. "10.9 Een vangnet voor kwetsbaren"
  3. "10.10 Een beschermde oude dag"