Stop op het samenvoegen van gemeenten

De regering moet een tijdelijke stop zetten op het samenvoegen van gemeenten. Grotere gemeenten zorgen niet automatisch voor een beter bestuur. Er moet eerst onafhankelijk onderzoek komen naar de effecten op de lokale democratie en het draagvlak.

Motie van het lid Vermeer over een tijdelijke beleidsmatige fusiepauze afkondigen voor nieuwe gemeentelijke herindelingen

De kamer, constaterende dat het aantal gemeenten in Nederland al decennialang afneemt; overwegende dat steeds verdere schaalvergroting niet vanzelf leidt tot beter bestuur; verzoekt de regering een tijdelijke beleidsmatige fusiepauze af te kondigen voor nieuwe gemeentelijke herindelingen, totdat de effecten van eerdere herindelingen op het gebied van nabijheid, draagvlak, opkomst en lokale democratie onafhankelijk zijn geëvalueerd; verzoekt de regering opdracht te geven voor de hiervoor genoemde onafhankelijke evaluatie.
20 mei | BBB | Verworpen: 48–102 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma JA21

Stemverwachting: voor (vrij zeker, 70%)

Argumenten voor: De partij hecht veel waarde aan lokale democratie en wil dat regie en budget zo lokaal mogelijk zijn ingericht [1]. Daarnaast pleit de partij voor decentrale besluitvorming en het subsidiariteitsbeginsel, wat inhoudt dat een hogere overheid pas taken overneemt als een lagere overheid daartoe niet in staat is [5]. Verder wil de partij dat burgers meer zeggenschap en betrokkenheid krijgen, in plaats van te maken hebben met een steeds verder uitdijende en inefficiënte overheid [3][2].

Argumenten tegen: De partij streeft naar een slanke en efficiënte overheid en wil dat onnodige overheidsstructuren kritisch worden bekeken, zodat deze kunnen worden afgebouwd of samengevoegd [4].

Bronnen:

  1. "Volle aandacht verdient ook de wijze waarop de jeugdzorg functioneert. De beoogde transformatie van de jeugdzorg stagneert door een aantal knelpunten zoals het ontbreken van deskundigheid bij gemeenten, gebrek aan samenwer -king, geldtekort, administratieve rompslomp en aanbie -ders van zorg die in zwaar weer verkeren. Wat JA21 betreft wordt de samenwerking in de jeugdzorgregio's steviger aangezet en dienen de regie en dus het budget zo lokaal mogelijk te worden ingericht. Op die manier kan de lokale democratie scherper toezien op een kwalitatief goede uitvoering van de jeugdzorg."
  2. "Overheidsefficiëntie en Autonomie dient hier actief op toe te zien. Dit levert niet alleen meer betrokkenheid en zeggenschap van burgers op, maar zorgt er ook voor dat de nationale overheid zich minder op detailniveau met de levens van mensen bezig zal houden."
  3. "Onze plannen stellen alle Nederlanders in staat de schouders eronder te zetten op een manier die hen past. Daarvoor moet het vertrouwen tussen overheid en politiek hersteld worden: mensen moeten zelf zeggenschap krijgen, in plaats van een steeds verder uitdijende, ineffi -ciënte overheid die bepaalt wat goed voor hen is. Daarom pleit JA21 voor een Minister voor Overheidsefficiëntie en Autonomie. Dit is geen extra bestuurslaag, maar een instrument om de overheid kleiner en doeltreffender te maken."
  4. "De minister voor Overheidsefficiëntie en Autonomie krijgt duidelijke taken: in de eerste plaats het terugdringen van de sluipende groei van de bureaucratie en het stoppen van de steeds snellere groei binnen ministeries en andere overheidsinstanties. De minister dient regels, instanties en het woud aan ongekozen adviesraden en overheidsorganen kritisch tegen het licht te houden, zodat onno -dige overheidsstructuren kunnen worden afgebouwd of samengevoegd. Zo kan de overheid zich weer concentreren op haar kerntaken, en niet ingrijpen waar de over -heid geen meerwaarde biedt. De slanke overheid die dit beleid op moet leveren is niet alleen goedkoper, maar ook efficiënter."
  5. "De minister dient zich niet alleen te richten op het efficiën -ter maken van de overheid, maar in de tweede plaats ook op het versterken van de wetgevende macht. Decentrale besluitvorming speelt hierin een belangrijke rol. Het subsidiari -teitsbeginsel, dat stelt dat een hogere overheid alleen taken op zich neemt als een lagere overheid daartoe niet in staat is, moet zo veel mogelijk nageleefd worden. De Minister voor"