De regering moet geen enkele vorm van (internationaal) draagmoederschap mogelijk maken. Uit onderzoek naar internationale adoptie (commissie-Joustra) bleken ernstige misstanden. Bij draagmoederschap bestaat hetzelfde risico op commerciële uitbuiting van kwetsbare vrouwen en kinderen. De bescherming van deze mensen moet vooropstaan.
Motie van het lid Bikker over afzien van elke vorm van facilitering van draagmoederschap
De kamer,
constaterende dat de commissie-Joustra heeft vastgesteld dat interlandelijke adoptie gepaard ging met «structurele en systematische misstanden»
die leidden tot «het ontstaan van een adoptiemarkt en het tot verhandelbaar goed maken van kinderen, met inbegrip van markttermen als
«vraag en aanbod», «kanalen», «tussenpersonen» en «vergunningen»«;
overwegende dat bij draagmoederschap vergelijkbare mechanismen
optreden, waaronder financiële vergoedingen, internationale bemiddelingsstructuren en afhankelijkheidsrelaties van kwetsbare vrouwen;
overwegende dat het kabinet uit het adoptieverleden heeft geconcludeerd
dat bij twijfel over ernstige misstanden terughoudendheid geboden is en
de bescherming van kinderen en kwetsbare vrouwen voorop dient te
staan;
van mening dat het onaanvaardbaar is om opnieuw een stelsel te creëren
waarin kinderen onderwerp worden van commerciële praktijken en dat
(internationaal) draagmoederschap een onwenselijke en risicovolle
praktijk is die niet binnen de Nederlandse rechtsorde past;
verzoekt de regering af te zien van elke vorm van facilitering van
(internationaal) draagmoederschap.
Argumenten voor: Er is in de verstrekte fragmenten geen informatie te vinden die de partij zou ondersteunen in haar standpunt om af te zien van het faciliteren van draagmoederschap.
Argumenten tegen: De partij geeft aan dat zij een duidelijke wettelijke basis willen regelen voor draagmoederschap [1].
Bronnen:
"We regelen een duidelijke wettelijke basis voor meerouderschap en voor draagmoederschap."