De regering moet aandringen op een herziening van de Vogel- en Habitatrichtlijn (Europese regels voor natuurbehoud). De huidige regels zijn in de praktijk lastig uit te voeren. Het is bijvoorbeeld moeilijk aan te tonen dat veel kleine projecten samen de natuur niet schaden. De regering moet daarom tijdens een Europese test van deze regels actief verbeterpunten aanleveren.
Motie van het lid Diederik van Dijk c.s. over proactief inbreng leveren voor een stresstest inzake de Vogel- en Habitatrichtlijn
De kamer,
constaterende dat de Europese Commissie dit jaar een stresstest uitvoert
voor de Vogel- en Habitatrichtlijn;
overwegende dat er aanzienlijke verschillen bestaan tussen lidstaten in de
uitwerking van de Vogel- en Habitatrichtlijn, onder meer wat betreft de
beoordeling van de stikstofdepositie van projecten;
overwegende dat het vereiste dat toestemmingverlening alleen gedaan
kan worden als met (wetenschappelijke) zekerheid vastgesteld is dat geen
sprake is van negatieve effecten op de natuur, moeilijk werkbaar blijkt te
zijn bij een stapeling van minimale projectbijdragen en dynamische
ecosystemen;
overwegende dat er onduidelijkheid is over de positie van bestaand
gebruik;
verzoekt de regering proactief inbreng te leveren voor de genoemde
stresstest, inclusief de genoemde knelpunten en voorstellen voor
verbetering, en aan te dringen op daadwerkelijke herziening van de Vogelen Habitatrichtlijn.
Argumenten voor: De partij streeft naar stikstofwetgeving die in de praktijk werkbaar is, aangezien de huidige sturing op depositie als onwerkbaar, ingewikkeld en onzeker wordt beschouwd [4]. Om de bouw van woningen en infrastructuur weer mogelijk te maken, wil de partij Europese regels over natuurbescherming aanpassen [6]. Daarnaast wordt er op Europees niveau ingezet op het hanteren van realistische referentiedata voor de staat van de natuur [1] en wordt er gestreefd naar 'eerlijke wetten voor rechtsherstel' om de verlamming door de stikstofcrisis te doorbreken [3].
Argumenten tegen: De partij maakt zich grote zorgen over de huidige staat van de natuur, zoals de verzuring door stikstofuitstoot en de achteruitgang van flora en fauna [2]. Ook wordt benadrukt dat beleid en maatregelen altijd moeten leiden tot een zekere reductie die bijdraagt aan natuurherstel, zodat vergunningen ook standhouden bij de rechter [5].
Bronnen:
"boerenbedrijven die PAS-melder zijn niet over de juiste vergunningen. We zetten alles op alles om deze groep ondernemers te legaliseren met een natuurvergunning. Zo moeten de provincies gebiedsgericht met voorrang vrijgekomen stikstofruimte ter beschikking stellen aan deze ondernemers. Daarvoor moet wel voldaan worden aan het additionaliteitsvereiste. Legalisering kan daarom niet losstaan van op natuurherstel gerichte maatregelen in combinatie met een geborgd emissiereductieplan. PAS-melders met een lage impact op de natuur worden via een versnelde, eenvoudige procedure gelegaliseerd. Op Europees niveau wordt ingezet op het hanteren van realistische referentiedata voor de staat van de natuur."
"De ChristenUnie ziet het als onze opdracht om goed te zorgen voor Gods schepping. De huidige staat van de natuur in Nederland baart ons grote zorgen: soorten verdwijnen in rap tempo, natuurgronden verzuren door stikstofuitstoot, flora sterft af door aanhoudende droogte en vervuiling tast kwetsbare gebieden aan. Natuur is altijd in beweging, maar wordt door klimaatverandering extra kwetsbaar. Droogte, overstromingen en temperatuurveranderingen hebben steeds meer invloed op flora en fauna. Sommige dieren trekken naar andere gebieden toe. In het natuurbeleid moet hier rekening mee gehouden worden, door niet alleen te focussen op behoud en herstel, maar ook op natuurontwikkeling. Daarbij is een gezonde bodem en een veerkrachtig watersysteem van levensbelang: voor huidige en toekomstige generaties, dieren en planten. Daarom komt er een integrale aanpak voor natuurherstel, gericht op het tegengaan van versnippering, vermesting en verdroging."
"De stikstofcrisis verlamt ons land op allerlei vlakken. Inmiddels kunnen zelfs de broodnodige woningen niet meer worden gebouwd. Infrastructuur wordt niet aangelegd en de mogelijkheid om te ondernemen wordt beknot. De overheid heeft het recht op een dak boven het hoofd en een voortvarende vergunningverlening verwaarloosd. Daarom is het hoog tijd aan de slag te gaan met het verminderen van de stikstofuitstoot voor natuurherstel en eerlijke wetten voor rechtsherstel."
"Stikstofwetgeving moet in de praktijk werkbaar zijn. Sturen op neerslag van stikstof in de natuur (depositie) is onwerkbaar gebleken. Het herleiden van depositiewaardes naar bedrijven is immers uiterst ingewikkeld en onzeker. Daarom moeten er landelijke, sectorale en uiteindelijk bedrijfsspecifieke emissienormen worden vastgelegd. Natuurlijk geldt de kritische depositiewaarde nog als indicator van de staat van de natuur, maar als wettelijk doel om op te sturen is de KDW onverstandig gebleken. Op deze manier creëren we handelingsperspectief. Om de bouw van woningen en wegen los te trekken voeren we een houdbare NOx-bouwvrijstelling in. Dit alles gaat samen met ambitieus emissiereductiebeleid."
"Bij alles wat we doen om uit het stikstofmoeras te komen is 'borgen van de aanpak' het sleutelwoord. Dit houdt in dat op voorhand duidelijk moet zijn dat beleid en maatregelen leiden tot een zekere reductie van schadelijke emissies, en daarmee bijdraagt aan natuurherstel. Dat is noodzakelijk om voorbij het additionaliteitsvereiste te komen. Pas dan komt vergunningverlening weer op gang en houden afgegeven vergunningen stand voor de rechter. Dat is dan ook de reden dat bij doelsturing op het boerenerf er altijd een stok achter de deur zal moeten staan, zodat de emissiereductie op voorhand geborgd is. Daarbij is het niet de bedoeling daadwerkelijk dierrechten te schrappen, wel om er zeker van te zijn dat er minder stikstof wordt uitgestoten en vergunningen weer kunnen worden verleend. Als een boerenbedrijf in alle redelijkheid te weinig doet om onder zijn emissieplafond uit te komen, dan is op dat moment minder dieren houden de consequentie. Daartegenover staat dat er 5 miljard euro extra uitgetrokken wordt om boeren te helpen bij doelsturing, extensivering, omschakeling naar biologische landbouw, agrarisch natuurbeheer en natuurherstel."
"De bouw van woningen loopt vaak vast in lange en ingewikkelde vergunningsprocedures. Er zijn veel regels, verplichte onderzoeken naar natuur, archeologie en milieu én er is een tekort aan mensen die de vergunningen afhandelen. We versimpelen en versnellen daarom vergunningprocedures, zodat de meeste tijd van een bouwproject niet meer in procedures zit. Dit doen we zonder afbreuk te doen aan een gezonde en veilige plek om te leven. Landelijke en Europese regels over natuurbescherming passen we hierop aan. Voor grote nieuwbouwlocaties komt er een centrale aanpak, waarin"