Meer geld nodig voor natuurbeheer

De regering moet zorgen dat organisaties die natuurgebieden beheren voldoende geld krijgen. De kosten voor natuurbeheer zijn hard gestegen, maar de vergoedingen zijn te laag. Zonder goed beheer gaat de natuur achteruit. Dit is nodig om de stikstofcrisis op te lossen. Alleen zo ontstaat er weer ruimte voor economische en maatschappelijke ontwikkelingen.

Motie van de leden Vellinga-Beemsterboer en Koorevaar over terreinbeherende organisaties en natuurbeheer volwaardig voortzetten

De kamer, constaterende dat terreinbeherende organisaties een vergoeding ontvangen voor het beheer van natuurgebieden, en dat dit beheer noodzakelijk is om aan de nationale en Europese natuurverplichtingen te voldoen; constaterende dat de kosten voor natuurbeheer de afgelopen jaren sterk zijn gestegen door onder meer inflatie en extra druk op de natuur, en dat de formeel vastgestelde hogere standaardkostprijzen in de praktijk niet worden vergoed; constaterende dat er structureel aanzienlijk meer middelen nodig zijn voor adequaat natuurbeheer; overwegende dat zonder goed natuurbeheer de staat van instandhouding van natuurgebieden achteruitgaat en belangrijke natuurdoelen verder uit beeld raken; overwegende dat het op orde brengen van natuurgebieden een randvoorwaarde is om Nederland van het stikstofslot te krijgen en daarmee ruimte te creëren voor economische en maatschappelijke ontwikkelingen; verzoekt de regering een oplossing te vinden om te zorgen dat terreinbeherende organisaties en natuurbeheer volwaardig voortgezet kunnen worden, en de Kamer daar na de zomer over te informeren.
16 juni | D66, CDA | Aangenomen: 93–56 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma VVD

Stemverwachting: voor (vrij zeker, 80%)

Argumenten voor: De partij wil zorgen voor effectief fauna-, natuur- en landschapsbeheer [3] en noemt specifiek de gerichte inzet van middelen voor agrarisch natuurbeheer als onderdeel van een gebiedsgerichte aanpak [1]. Bovendien wil de partij dat de feitelijke staat van de natuur leidend wordt bij vergunningverlening door middel van monitoring [2], wat een adequaat natuurbeheer noodzakelijk maakt.

Argumenten tegen: Het verkiezingsprogramma bevat geen directe argumenten om tegen de vergoeding van natuurbeheer te stemmen.

Bronnen:

  1. "Fors verminderen van de stikstofuitstoot: We gaan zorgen voor concrete, generieke stikstofreductie door te sturen op emissies waarbij alle sectoren evenredig bijdragen. Zo komt er weer ruimte voor vergunningverlening. De huidige wetgeving kent reductiedoelen voor de berekende hoeveelheid neerslag op natuurgebieden. We gaan deze KDW-doelen vervangen door sectorgebonden emissieplafonds, inclusief wettelijke tussendoelen, die optellen tot 50% geborgde emissiereductie in 2035. Daarnaast is er een gebiedsgerichte aanpak nodig voor de gebieden waar de problematiek het zwaarst speelt, zoals bij De Peel en De Veluwe, met regionale betrokkenheid noodzakelijke keuzes over aanvullende emissiereductie en extensivering. Rijk, provincies en gemeenten moeten samenwerken om te komen tot een effectieve uitvoering, onder meer met ruimtelijke ordeningsinstrumentarium, ondersteuning van nieuwe verdienmodellen, vrijwillige regelingen en gerichte inzet van middelen voor agrarisch natuurbeheer."
  2. "Wet- en regelgeving werkbaar maken: Op het moment dat een structurele emissiereductie wettelijk is geborgd, zorgt de overheid voor de noodzakelijke randvoorwaarden. Zo worden PAS-melders, ondernemers die te goeder trouw hebben gehandeld maar nu zonder vergunning zitten, gelegaliseerd met bijvoorbeeld een juridisch houdbare rekenkundige ondergrens. We willen per sector bekijken of een drempelwaarde mogelijk is - om te beginnen voor de bouw, die slechts tijdelijk een geringe uitstoot veroorzaakt. Er moeten weer vergunningen komen voor agrariërs om aan de slag te gaan met stikstofreducerende innovaties, waarvan het grote potentieel recent is aangetoond door onderzoek van de Wageningen Universiteit. En uiteindelijk moeten we waar mogelijk af van de eenzijdige focus op stikstof door op basis van onafhankelijke en langdurige monitoring de feitelijke staat van de natuur leidend te maken bij vergunningverlening."
  3. "Een sterke natuur zorgt voor balans: We vergroenen onze leefomgeving, zonder er één groot nationaal park van te maken. Natuur en economie kunnen elkaar juist versterken. Daarom geven we ondernemers en bedrijven de ruimte om bij te dragen aan een gezonde leefomgeving en aan een sterke natuur. Ook zorgen we voor effectief fauna-, natuur- en landschapsbeheer, samen met boeren, jagers en natuurbeheerders. Invasieve exoten zoals de Amerikaanse rivierkreeft moeten effectief bestreden worden."