Europese samenwerking voor inlichtingen

De regering moet een Europese samenwerking opzetten voor het delen van inlichtingen, vergelijkbaar met de Five Eyes-alliantie (een samenwerkingsverband tussen landen voor veiligheid). De Europese veiligheid staat onder druk door cyberaanvallen, spionage en sabotage. De huidige samenwerking tussen Europese veiligheidsdiensten is te versnipperd om deze dreigingen effectief aan te pakken.

Motie van de leden Klos en Becker over een coalitie voor de ontwikkeling van een Europese variant van de Five Eyes-samenwerking

De kamer, constaterende dat de Europese veiligheid in toenemende mate wordt bedreigd door statelijke actoren, cyberaanvallen, sabotage, buitenlandse inmenging en spionage; overwegende dat Europese landen beschikken over hoogwaardige inlichtingen- en veiligheidsdiensten, maar dat de samenwerking en informatie-uitwisseling nog sterk versnipperd zijn; verzoekt de regering om samen met gelijkgestemde Europese landen het initiatief te nemen tot de vorming van een coalitie gericht op de ontwikkeling van een Europese variant van de Five Eyes-samenwerking voor intensieve inlichtingenuitwisseling en gezamenlijke dreigingsanalyse, en de Kamer uiterlijk binnen zes maanden te informeren over de mogelijkheden, obstakels en voortgang hiervan.
16 juni | D66, VVD | Aangenomen: 124–26 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma D66

Stemverwachting: voor (erg zeker, 90%)

Argumenten voor: De partij vindt Europese samenwerking essentieel om een vuist te maken en de slagkracht te vergroten door krachten te bundelen [1]. Er is expliciete steun voor het opschalen en uitbreiden van internationale samenwerking om de veiligheid te garanderen, waarbij de partij specifiek verwijst naar samenwerking met landen als het Verenigd Koninkrijk, Canada, Japan en Australië [2]. Daarnaast streeft de partij naar strategische zelfstandigheid van Europa zodat het continent zichzelf kan verdedigen tegen moderne dreigingen zoals cyberaanvallen en desinformatie [3][5]. Het nemen van een voortrekkersrol in Europa voor stabiliteit en veiligheid past binnen de visie van de partij [4].

Argumenten tegen: Het verkiezingsprogramma biedt geen argumenten om tegen een dergelijke internationale samenwerking te stemmen.

Bronnen:

  1. "Om Europees een vuist te maken, is samenwerking essentieel. We moeten gezamenlijk voorraden aanleggen, trainen en investeren in innovatie. Gezamenlijk materieel inkopen en meer standaardiseren. Door onze krachten te bundelen zijn we samen slagvaardiger en besparen we kosten."
  2. "D66 is voorstander van het opschalen en uitbreiden van internationale samenwerking om onze veiligheid te garanderen. Dit doen we ook buiten NAVO-verband en buiten de EU, met landen zoals het Verenigd Koninkrijk, Canada, Japan en Australië. Zo vergroten we onze gezamenlijke slagkracht en wordt samen optreden makkelijker."
  3. "Onze veiligheid is kwetsbaar. De Russische oorlog tegen Oekraïne, cyberaanvallen, desinformatie en de Verenigde Staten die zich afwenden van Europa maken dat duidelijk. Van de Sahel tot de Noordpool, we leven in een wereld waarin het recht te vaak plaatsmaakt voor de macht. Daarom wil D66 dat Europa zichzelf kan verdedigen en internationale vrede en stabiliteit kan beschermen. We kiezen voor strategische zelfstandigheid van Europa. En we kiezen voor een krijgsmacht die onze vrijheid, democratie en rechtsstaat kan bewaken. Niet om te vechten, maar om oorlog te voorkomen en om wereldwijd op te komen voor mensen die nu niet beschermd zijn."
  4. "Met D66 neemt Nederland het voortouw in Europa. Te vaak verzanden we in Haagse regelruzies en blokkades. Dat kost tijd, geld en vertrouwen. Het is tijd voor Europese oplossingen, zoals voor schone energie, innovatie, eerlijke kansen en stabiliteit in een instabiele wereld. Ja, samenwerken vraagt iets van ons. Maar het levert ons meer op: veiligheid, bestaanszekerheid en een gemeenschap die onze waarden beschermt. En dat merken mensen. Van goede treinverbindingen en betaalbare medicijnen tot bescherming tegen desinformatie en klimaatschade. De toekomst wacht niet. Daarom investeren we in het Europa dat mensen écht vooruitbrengt."
  5. "We komen de NAVO-afspraak na om minimaal 3,5% van het bbp aan defensie uit te geven en minimaal 1,5% van het bbp aan de kritieke infrastructuur, civiele paraatheid, veerkracht en het versterken van onze defensie-industrie. Beveiliging tegen hybride oorlogsvoering vraagt om meer dan alleen een sterke krijgsmacht. Minstens zo belangrijk zijn investeringen in de fysieke en digitale infrastructuur, in strategische reserves, in een weerbare samenleving en in het tegengaan van desinformatie. We helpen mensen om te gaan met dreiging en ondersteunen cruciale organisaties bij de maatregelen die zij moeten nemen. Zo blijft het water uit de kraan stromen, het licht in huis branden en de telefoon werken bij aanvallen."