De regering moet scholen meer tijd, geld en ruimte geven voor burgerschapsonderwijs om gelijkwaardigheid te stimuleren. Ook moeten docenten training krijgen om om te gaan met onlinehaat in de klas. Onlinehaat verspreidt zich namelijk snel via algoritmes en zorgt voor discriminatie in het klaslokaal. Veel docenten voelen zich hierdoor niet voldoende ondersteund.
Motie van het lid Moorman over scholen voldoende ruimte bieden om gelijkwaardigheid te stimuleren in het kader van burgerschapsonderwijs
De kamer,
constaterende dat onlinehaat en intolerantie via algoritmes snel verspreid
worden, waaronder content uit de manosfeer;
overwegende dat docenten aangeven dat zij te maken hebben met
discriminerende en haatdragende uitingen in de klas als gevolg hiervan
en meer dan de helft van de docenten aangeeft behoefte te hebben aan
extra ondersteuning;
verzoekt de regering om scholen voldoende ruimte te bieden, in tijd,
middelen en curriculum, om gelijkwaardigheid te stimuleren in het kader
van burgerschapsonderwijs en te zorgen dat docenten toegang krijgen tot
trainingen om te leren omgaan met onlinehaat die het klaslokaal bereikt,
en de Kamer hier voor het herfstreces over te informeren.
Argumenten voor: De partij wil actief moslimhaat, antisemitisme, vrouwenhaat en andere vormen van discriminatie bestrijden, zowel online als in het klaslokaal [3][1]. In het onderwijs willen zij meer aandacht besteden aan de gevolgen van discriminatie en het maken van inclusiever lesmateriaal [2]. Daarnaast pleiten zij ervoor dat mediawijsheid en digitale geletterdheid een vast onderdeel van het onderwijscurriculum worden [4] en dat de kwaliteit van lerarenopleidingen wordt verbeterd, waarbij digitale geletterdheid een standaard onderdeel is [5].
Argumenten tegen: Het verkiezingsprogramma biedt geen argumenten om tegen het versterken van burgerschapsonderwijs, het bieden van middelen aan scholen voor gelijkwaardigheid of het trainen van docenten in het omgaan met onlinehaat te stemmen.
Bronnen:
"Online haat. Haat begint niet met het bekladden van een synagoge of moskee, of met het verbranden van een regenboogvlag of het mishandelen van een vrouw. Het begint met woorden. Sociale media bieden de voedingsbodem bij uitstek waar ontkiemend antisemitisme, moslimhaat, vrouwenhaat, discriminatie en racisme kunnen uitgroeien tot gewelddadige acties. In Europa geven we snel een vervolg op de Digital Services Act, zodat we online haat beter kunnen bestrijden."
"Discriminatie bestrijden. I n het onderwijs besteden we meer aandacht aan de gevolgen van discriminatie, LHBTIQA+haat, antisemitisme, moslimdiscriminatie, discriminatie van nieuwkomers en uitsluiting. We waarborgen aandacht voor onder andere het koloniale verleden, slavernij, de Holocaust, de Joodse cultuur, de diverse LHBTIQA+gemeenschap en de verrijking van onze cultuur door nieuwkomers. We maken middelen vrij voor initiatieven die zich inzetten voor meer bewustwording, zoals het Nationaal Plan Versterking Holocausteducatie, projecten tegen moslimhaat, het programma Internationaal decennium voor mensen van Afrikaanse afkomst en programma's gericht op het versterken van de regenbooggemeenschap. De Nationaal Coördinator Antisemitismebestrijding (NCAB) en de Nationaal Coördinator Discriminatie en Racisme (NCDR) zetten hun belangrijke werk voort, waarbij de NCDR expliciet de opdracht krijgt om ook te focussen op de lhbti+ gemeenschap. Lesmateriaal moet inclusiever en qua representatie meer recht doen aan de huidige diverse samenleving."
"Moslimhaat tegengaan. We erkennen islamofobie als een vorm van institutionele en structurele discriminatie van mensen die moslim zijn of mensen die als moslim worden gezien. We bestrijden moslimhaat in al haar vormen, zowel online als in het klaslokaal, bij financiële instellingen en op de arbeidsmarkt. De normalisering van moslimhaat ondermijnt niet alleen de veiligheid en rechten van moslims, maar voedt een intolerant klimaat dat ook andere minderheden, activisten en maatschappelijke organisaties raakt. Daarom bestrijden we islamofobie expliciet, krachtig en structureel, en wijzen we stigmatiserende taal, zoals het spreken over 'islamisering' actief af."
"Leren over de digitale wereld. Mediawijsheid en digitale geletterdheid worden een vast onderdeel van het onderwijscurriculum. Elke jongere moet voldoende geletterd en gecijferd het onderwijs verlaten. Kerndoelen zoals lezen, schrijven en kritisch nadenken mogen niet lijden onder het gebruik van AI. Plekken waar mensen heen kunnen om wegwijs te worden op het internet, zoals bibliotheken, krijgen toereikende financiering."
"Goede lerarenopleidingen. Door de decentrale organisatie van de lerarenopleidingen ontstaan er te grote verschillen in inhoud en kwaliteit tussen lerarenopleidingen. Dat is niet wenselijk. We pleiten voor uniforme vereisten aan de kwaliteit van de lerarenopleidingen, waarin taal, klassenmanagement, gedifferentieerd lesgeven, adequaat toetsen en digitale geletterdheid standaard onderdeel van de opleiding zijn."