Afschaffen indirecte kostencompensatie (IKC)

De regering moet in Brussel pleiten voor het afschaffen van de indirecte kostencompensatie (IKC). Dit is een regeling om kosten te vergoeden. Europese landen hanteren namelijk allemaal verschillende regels voor deze regeling.

Motie van het lid Van Oosterhout over pleiten voor afschaffing van de IKC en, tot de afschaffing, voor een hogere investeringsplicht

De kamer, overwegende dat Nederland de indirecte kostencompensatie (IKC) weer heeft ingevoerd omdat andere EU-landen dat ook doen; constaterende dat landen verschillende voorwaarden stellen aan de IKC; verzoekt de regering in Brussel te pleiten voor het afschaffen van de IKC en, tot de afschaffing, voor een hogere investeringsplicht.
18 juni | onbekend | Verworpen: 32–117 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma VVD

Stemverwachting: tegen (erg zeker, 90%)

Argumenten voor: De partij streeft naar een gelijk speelveld voor de industrie met de rest van Europa [3] en wil harmonisatie van regels om de groei van bedrijven niet te verstoren [5]. Daarnaast is de partij voor het doen van investeringen om het vestigingsklimaat te verbeteren [2] en innovatie te stimuleren [4].

Argumenten tegen: De partij wil de IKC juist verlengen om bedrijven te compenseren voor de hoge elektriciteitskosten en hun concurrentienadeel te verkleinen [1].

Bronnen:

  1. "We compenseren bedrijven met hoge elektriciteitskosten: De energieprijzen in Nederland zijn vele malen hoger dan in onze buurlanden. Hierdoor ervaren onze bedrijven een groot concurrentienadeel. Om de hoge energiekosten te dempen, verlengen we de IKC, een compensatieregeling voor sectoren met hoge elektriciteitskosten. We nemen ook andere maatregelen om de energiekosten voor bedrijven te verlagen. We willen met bedrijven een nieuw energieakkoord sluiten om ook in de toekomst de rekening betaalbaar te houden en de problemen op het energienet samen op te kunnen lossen."
  2. "Op de gevel van een pand aan onze eeuwenoude hoofdstedelijke binnenstad prijkt de leus: 'De cost gaet voor de baet uyt'. In modern Nederlands: er moet eerst geïnvesteerd worden, voordat er geld verdiend kan worden. Dat bewustzijn moeten we weer van stal halen. Alleen met forse verbeteringen en investeringen in ons vestigingsklimaat en het schrappen van verstikkende regelgeving, zorgen we ervoor dat ook toekomstige generaties in een rijk land opgroeien."
  3. "Een gelijk speelveld voor de industrie met de rest van Europa: We willen een gelijk speelveld voor onze industrie met de rest van Europa. Europees klimaatbeleid is daarom het beste klimaatbeleid. We schrappen waar mogelijk nationale koppen op Europees beleid. We willen geen nieuwe koppen die het verdienvermogen en de concurrentiepositie van Nederland schaden. We zorgen ervoor dat Nederland net als andere landen voldoet aan haar Europese verplichtingen op klimaat- en energiegebied."
  4. "Uitgaven aan innovatie omhoog: We spannen ons in om de investeringen in onderzoek en ontwikkeling in Nederland te laten stijgen naar minimaal 3% van de totale omvang van de economie. Met de logica dat ongeveer iedere euro die door de overheid wordt geïnvesteerd in innovatie leidt tot twee euro aan investeringen door de markt. De inspanning is van de overheid en bedrijven gezamenlijk. Bedrijven die in Nederland willen investeren en een bijdrage willen leveren aan innovatie helpen we met het wegnemen van belemmeringen, door middel van het recent door de VVD aangekondigde R\&D-lanceerplatform. We versterken de samenwerking met universiteiten en kennisinstellingen zodat hun innovaties bijdragen aan economische groei."
  5. "Een EU die onze economie versterkt: De EU moet zelf sterk zijn om opgewassen te zijn tegen handelstarieven en schommelingen op het wereldtoneel. Dat doen we door: de interne markt te verstevigen, de kapitaalmarktunie te verdiepen, nieuwe handelsrelaties aan te gaan en technologisch leiderschap te bevorderen. Momenteel zijn er te veel verschillende regels tussen Europese landen. Dit verstoort de groei van onze bedrijven over de grens. We zullen dus streven naar harmonisatie van regels voor ondernemers. Dit betekent ook geen strengere nationale koppen bovenop EU-beleid."