Meer tijd voor gekoeld transport van pluimvee

De regering moet wachten op besluiten uit Brussel en een overgangsperiode regelen voor geconditioneerd transport (gekoeld vervoer). Er is nu niet genoeg gekoeld vervoer beschikbaar om de hele pluimveesector te bedienen. Zonder deze extra tijd daalt de slachtcapaciteit met de helft.

Motie van het lid Ten Hove c.s. over de besluitvorming in Brussel afwachten en een passende overgangsperiode hanteren

De kamer, constaterende dat de voorgenomen beleidsregel voor diertransporten bij temperaturen boven de 30 graden is bedoeld om het dierenwelzijn tijdens warme dagen te verbeteren en er juist op dit punt vanuit Brussel nieuwe richtlijnen komen; constaterende dat vanuit de pluimveevleessector is aangegeven dat de beleidsregel kan leiden tot een vermindering van de beschikbare slachtcapaciteit met circa 50%, mede doordat toezicht tijdens koelere momenten, zoals in de nacht en in de weekenden, momenteel niet structureel beschikbaar is; constaterende dat geconditioneerd transport voor het pluimvee zich in de afrondende fase van ontwikkeling bevindt, maar dat de beschikbare productiecapaciteit ontoereikend is om vóór 1 april 2027 de gehele sector van voldoende geconditioneerd transport te voorzien; verzoekt de regering de besluitvorming in Brussel af te wachten en een passende overgangsperiode te hanteren waarin geconditioneerd transport op voldoende schaal beschikbaar kan komen.
18 juni | Markusz, BBB, SGP | Verworpen: 29–120 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma D66

Stemverwachting: voor (vrij zeker, 70%)

Argumenten voor: De partij maakt zich sterk voor een zorgvuldige uitvoering van regels [2] en legt de nadruk op Europese samenwerking [6]. Daarnaast pleit de partij voor Europese afspraken over eisen aan het dierenwelzijn [5], wat het verzoek om de besluitvorming in Brussel af te wachten ondersteunt.

Argumenten tegen: De partij ziet dierenwelzijn als een moreel en maatschappelijk kompas [4] en wil dieronvriendelijk transport aanpakken [1]. Het uitstellen van regels die bedoeld zijn om dieren te beschermen tegen pijn en ongemak, kan in strijd zijn met het streven naar een dierwaardig bestaan en de wettelijke bescherming van dieren [4][3].

Bronnen:

  1. "De bio-industrie past niet in een voedselsysteem dat rekening houdt met dier, natuur en gezondheid. We schaffen dieronwaardige praktijken af en pakken dieronvriendelijk transport aan, zoals het gesleep met jonge kalveren. We stoppen met internationaal transport van vee voor de slacht, naar Zwitsers voorbeeld."
  2. "D66 is trots op dit resultaat en maakt zich sterk voor een zorgvuldige uitvoering: betere stallen en leefomstandigheden, duidelijke richtlijnen én goede controle."
  3. "Om een dierwaardig bestaan voor alle dieren te waarborgen leggen we de rechtspositie van dieren vast in onze Grondwet."
  4. "D66 staat voor een samenleving die dieren erkent als levende wezens met gevoel. Dierenwelzijn is voor ons geen bijzaak, maar een moreel en maatschappelijk kompas. Daarom hebben we in 2024 de wet aangescherpt: dieren hebben recht op vrijheid van honger, dorst, pijn, angst en ongemak, én op natuurlijk gedrag, goede leefomstandigheden en een positieve emotionele toestand."
  5. "We pleiten voor Europese afspraken over kringlooplandbouw, beprijzen van CO₂ en eisen aan dierenwelzijn. Import van goedkoop veevoer en dierlijke producten die leiden tot ontbossing of biodiversiteitsverlies elders op de wereld moet worden tegengegaan."
  6. "De overheid moet deze voedselinnovaties helpen versnellen. Denk aan snellere toelating, gerichte investeringen en Europese samenwerking. Zo wordt onze voedselsector gezond voor mens en planeet, én goed voor de economie."