Meer tijd voor vrij lezen op scholen

De regering moet alle scholen in het voortgezet onderwijs stimuleren om wekelijks minstens 60 minuten tijd vrij te maken voor begeleid vrij lezen. De leesvaardigheid van Nederlandse jongeren daalt namelijk al jaren. Leerlingen die op school structureel en onder begeleiding tijd krijgen om vrij te lezen, gaan gemiddeld vaker en beter lezen.

Motie van de leden Biekman en Rooderkerk over minstens 60 minuten begeleid vrij lezen per week in het voortgezet onderwijs

De kamer, constaterende dat de leesvaardigheid en leesmotivatie van Nederlandse jongeren al jaren dalen en ongeveer een op de drie 15-jarigen onvoldoende leesvaardig is; constaterende dat slechts 16% van de scholen de aanbevolen 60 minuten vrij lezen per week haalt; constaterende dat het leesonderwijs in het voortgezet onderwijs nog te vaak beperkt blijft tot het vak Nederlands en een schoolbrede aanpak vaak ontbreekt; overwegende dat leerlingen die op school structureel en onder begeleiding tijd krijgen om vrij te lezen, gemiddeld vaker én beter gaan lezen; verzoekt de regering te stimuleren dat alle scholen in het voortgezet onderwijs minstens 60 minuten per week inruimen voor begeleid vrij lezen.
22 juni | D66 | Aangenomen: 131–19 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma D66

Stemverwachting: voor (erg zeker, 90%)

Argumenten voor: De partij erkent dat de taalvaardigheid al jaren afneemt en dat dit verbeterd moet worden [3]. Daarnaast wil de partij het leesplezier vergroten [2] en streeft zij ernaar dat elke school beschikt over een volledige schoolbibliotheek [3]. Ook benadrukt de partij dat te veel leerlingen zonder goede leesvaardigheid van school gaan [1] en wil zij scholen de benodigde ruimte, tijd en geld geven om dergelijke zaken op te lossen [4].

Argumenten tegen: Het programma biedt geen directe argumenten tegen het stimuleren van leesuren, al wordt wel opgemerkt dat leraren momenteel vaak te veel tijd kwijt zijn aan zaken die niets met lesgeven te maken hebben [1].

Bronnen:

  1. "Maar die belofte wordt nu nog lang niet altijd waargemaakt. Door het lerarentekort vallen te vaak lessen uit. En te veel leerlingen gaan van school zonder goed te kunnen lezen, schrijven en rekenen. Tussen scholen zijn de verschillen groot: sommige scholen blinken jaar na jaar uit, andere blijven structureel achter. Jongeren worden te vroeg vastgezet in keuzes die hun kansen later bepalen. Leraren zijn te veel tijd kwijt aan bijzaken die niets met lesgeven te maken hebben. En scholen missen rust en een visie voor de lange termijn, omdat het beleid steeds verandert."
  2. "D66 doorbreekt dit. Dat doen we door te kiezen voor hoge verwachtingen, gelijke kansen en goede gebouwen om in te leren. Kinderen en jongeren krijgen meer tijd om hun talent te ontdekken, doordat we later selecteren en onderwijs op maat écht laten werken. Leraren krijgen het vertrouwen en de ruimte in hun vak. Studenten krijgen meer zekerheid, zoals met een hogere aanvullende beurs voor mbo'ers en meer studentenhuisvesting. We investeren in goede schoolgebouwen die ook duurzaam en toegankelijk zijn en we versterken digitale vaardigheden én vergroten het leesplezier. En we investeren in mbo's, hogescholen en universiteiten, zodat we ook de toekomst aankunnen. Zo bouwen we aan onderwijs waar mensen altijd blijven leren, op een manier die bij ze past, van nul tot honderd jaar."
  3. "We zorgen voor een sterke basis voor ieder kind. Lessen in taal, rekenen, burgerschap en digitale vaardigheden zijn het belangrijkst. De vaardigheden in taal en rekenen nemen al jaren af. Dat moet beter. Iedere school krijgt een volle schoolbibliotheek."
  4. "Geen kind ontwikkelt hetzelfde. Niet alles wat anders is, is een zorgvraag. Veel kan op school worden opgelost als scholen hiervoor de ruimte, tijd en geld krijgen. D66 wil scholen die ruimte geven."