De regering moet een onafhankelijke impactanalyse naar de Kamer sturen voordat de regels in het Besluit kwaliteit leefomgeving worden aangepast. De gevolgen van de nieuwe Europese regels voor luchtkwaliteit voor de woningbouw, industrie en landbouw zijn nu nog niet bekend. Er is inzicht nodig naar de kosten en de winst voor de volksgezondheid.
Motie van het lid Russcher over een zelfstandige Nederlandse impactanalyse vóór vaststelling van de beleidsrijke wijzigingen van het Besluit kwaliteit leefomgeving en de Omgevingsregeling
De kamer,
constaterende dat de herziene Europese Richtlijn luchtkwaliteit leidt tot
een aanzienlijke aanscherping van de luchtkwaliteitsnormen;
constaterende dat de gevolgen voor woningbouw, industrie, landbouw,
infrastructuur en vergunningverlening in Nederland nog niet in beeld zijn
gebracht;
overwegende dat een zorgvuldige afweging vraagt om inzicht in zowel de
maatschappelijke kosten als de verwachte gezondheidswinst;
verzoekt de regering om, vóór vaststelling van de beleidsrijke wijzigingen
van het Besluit kwaliteit leefomgeving en de Omgevingsregeling ter
implementatie van de herziene Richtlijn luchtkwaliteit, een zelfstandige
Nederlandse impactanalyse aan de Kamer te zenden waarin de gevolgen
voor woningbouw, industrie, landbouw, infrastructuur, vergunningverlening,
uitvoeringslasten en de verwachte gezondheidswinst in kaart worden
gebracht.
Argumenten voor: De partij wil dat het huidige beleid fundamenteel wordt heroverwogen [1]. Zij vinden dat de financiële en maatschappelijke implicaties van grote plannen aan de kiezer voorgelegd moeten worden [2]. Daarnaast staat de partij voor een beleid dat gebaseerd is op de werkelijkheid en meetbare gegevens in plaats van op rekenmodellen [4][3].
Argumenten tegen: Het programma bevat geen argumenten om een impactanalyse tegen te zijn; de partij pleit juist voor meer inzicht in de gevolgen van beleid [5][2].
Bronnen:
"Deze zelfbeperking van het CPB vinden wij problematisch. Want het gaat ons er nu juist om, een aantal hoofdlijnen van het huidige beleid - zoals het klimaatbeleid en het sluiten van het Groninger gasveld - te heroverwegen. Wij vinden dat we ons bij verkiezingen met zijn allen moeten afvragen: was datgene wat we tot nu toe hebben gedaan eigenlijk wel zo verstandig? Of moeten we ons beleid wellicht fundamenteel herzien? Als dat soort vragen buiten de reikwijdte van het CPB vallen - wat héb je dan aan een ' doorrekening'?"
"Want hoewel het op zichzelf natuurlijk klopt, dat je het gehele klimaatbeleid - dat in vele jaren is opgebouwd, dat ten uitvoer wordt gebracht door vele bestuurslagen en verdeeld wordt over vele instanties die daarbij gebruik maken van talloze (inter)nationale subsidies en publiek-private 'investeringsfondsen' - niet zomaar in één regeerperiode, met een enkele pennenstreek, kunt afschaffen (en je in onze parlementaire democratie überhaupt slechts langzaam grote veranderingen kunt doorvoeren), vinden wij dat de financiële implicaties van dergelijke 'grote plannen' juist wél aan de kiezer zouden moeten worden voorgelegd."
"Natuurbeleid op basis van metingen
In plaats van op stikstof-rekenmodellen baseren we natuurbeleid en vergunningverlening uitsluitend op empirisch waarneembare gegevens."
"Het huidige stikstofbeleid is gebaseerd op computermodellen en aannames die geen verband houden met de werkelijkheid. Politici en bureaucraten gebruiken zogenaamde Kritische Depositiewaarden (KDW) om te beweren dat er een stikstofcrisis zou bestaan. In de praktijk is er echter geen stikstofprobleem: onze natuur is niet aantoonbaar in gevaar, integendeel. Boeren worden ten onrechte aangewezen als veroorzakers van een crisis die er niet is. De gevolgen zijn desastreus: het beleid zet druk op de voedselproductie, bedreigt het bestaansrecht van boerengezinnen en leidt tot kaalslag in het Nederlandse platteland."
"In Nederland bestaat de traditie dat partijen hun verkiezingsprogramma laten 'doorrekenen' door het Centraal Planbureau (CPB). De bedoeling hiervan is dat kiezers een beeld krijgen bij de (financiële) implicaties van het voorgestelde beleid van politieke partijen en daar hun stem weloverwogen op kunnen baseren. Geen luchtfietserij, geen loze beloftes: maar serieus onderbouwde voorstellen."