De regering moet onderzoeken of testen met eenvoudige hulpmiddelen, zoals rolstoelen, minder streng beoordeeld mag worden. Het huidige proces onder de Wet medisch-wetenschappelijk onderzoek duurt vaak meer dan een jaar, terwijl het voor anderen veel sneller gaat. Hierdoor worden mensen met een beperking uitgesloten bij de ontwikkeling van hulpmiddelen die zij zelf gebruiken.
Motie van de leden Huizenga en De Kort over onderzoeken of het testen van hulpmiddelen met een laag risico kan worden vrijgesteld van de zware medisch-ethische toetsing
De kamer,
constaterende dat het ontwikkelen en testen van eenvoudige laagrisicohulpmiddelen (MDR Klasse I), zoals een rolstoel of een prothese, met
mensen met een beperking onder de Wet medisch-wetenschappelijk
onderzoek met mensen valt en daarmee hetzelfde maandenlange
METC-traject doorloopt als onderzoek met hoogrisicohulpmiddelen, zoals
pacemakers;
overwegende dat dit soms meer dan een jaar aan goedkeuring kost,
terwijl een vergelijkbare test met mensen zonder beperking binnen enkele
weken kan starten;
overwegende dat mensen met een beperking daardoor regelmatig
buitenspel staan bij het ontwikkelen van de hulpmiddelen die zij zelf gaan
gebruiken;
overwegende dat dit ook betere hulpmiddelen voor aangepast sporten,
zoals sportrolstoelen en sportprotheses, onnodig ophoudt;
verzoekt de regering te onderzoeken of het testen van hulpmiddelen met
een laag risico kan worden vrijgesteld van de zware medisch-ethische
toetsing, zolang een ethische commissie de veiligheid van deelnemers
blijft bewaken.
Argumenten voor: De partij pleit voor het verminderen van belemmerende regelgeving en vergunningseisen om innovatie te stimuleren [1]. Daarnaast vindt de partij de ondersteuning van mensen die niet volledig zelfredzaam zijn zeer belangrijk [2].
Argumenten tegen: Het programma bevat geen argumenten tegen het verminderen van regelgevende lasten om innovatie te stimuleren [1].
Bronnen:
"De Nederlandse defensie-industrie versterken door minder belemmerende regelgeving en vergunningseisen, en door het verstrekken van langdurige opdrachten. Zo stimuleren we innovatie en werkgelegenheid in eigen land."
"Gemeenten hebben sinds 2015 een deel van de zorgtaken van de rijksoverheid overgenomen op grond van de Wet maat -schappelijke ondersteuning (Wmo). Gemeenten zijn op basis van deze wet verantwoordelijk voor de ondersteuning van mensen die niet (volledig) zelfredzaam zijn. Zij kunnen daar -toe bij de gemeenten budget aanvragen om bijvoorbeeld thuiszorg of dagactiviteiten te betalen, of mantelzorgers te vergoeden. Dit vindt JA21 dusdanig belangrijk dat hier niet verder op bezuinigd mag worden. Om dit alles te bekostigen is de financiële positie van gemeenten van groot belang. De kortingen op het Gemeentefonds waarmee gemeenten wor -den geconfronteerd, moeten dan ook van tafel. Verder wil JA21 extra investeren in Skaeve Huse: afgelegen woningen waarin mensen begeleid kunnen wonen omdat zij wegens hun gedrag niet in staat zijn in normale woningen te wonen."