Meer geld voor Maritiem Innovatie Programma

De regering moet kijken hoe er meer geld beschikbaar kan komen voor een nieuwe ronde van het Maritiem Innovatie Programma. De Nederlandse maritieme sector moet technologisch voorloper blijven om winstgevend te blijven. Hierbij moet de samenwerking met private partijen uit het bedrijfsleven behouden blijven.

Motie van het lid Goudzwaard c.s. over onderzoeken of en hoe aanvullende middelen beschikbaar gesteld kunnen worden voor een nieuwe ronde van het Maritiem Innovatie Programma

De kamer, constaterende dat voor het Maritiem Innovatie Programma voor de periode 2025–2026 20 miljoen aan rijksmiddelen beschikbaar is gesteld, aangevuld met cofinanciering vanuit het bedrijfsleven; constaterende dat voor het Maritiem Innovatie Programma voor de periode 2026–2027 op dit moment geen nieuwe middelen opzijgezet zijn en de Subsidieregeling maritieme innovatieprojecten bij de RVO daarmee gesloten blijft; overwegende dat het voor het verdienvermogen van de Nederlandse maritieme sector van fundamenteel belang is om technologisch koploper te zijn en te blijven; verzoekt de regering te onderzoeken of en hoe aanvullende middelen beschikbaar gesteld kunnen worden voor een nieuwe ronde van het Maritiem Innovatie Programma, met behoud van private cofinanciering.
8 oktober | JA21, CDA, SGP | Aangenomen |

Stemverwachting

Verkiezingsprogramma GL-PvdA

Stemverwachting: voor (erg zeker, 90%)

Argumenten voor: De partij wil fors investeren in wetenschappelijk onderzoek en innovatie , waarbij zij streeft naar het behalen van de Lissabon-doelstelling van 3 procent van het nationaal inkomen voor onderzoek en innovatie [2][4]. De partij stelt dat de overheid actief moet meenoverwegen in baanbrekende innovaties [1]. Daarnaast is er een expliciete nadruk op het versterken van de maritieme en logistieke capaciteiten voor de nationale veiligheid en een moderne defensie [3][5].

Argumenten tegen: De partij levert geen argumenten tegen het investeren in maritieme innovatie of het beschikbaar stellen van extra middelen voor onderzoek.

Bronnen:

  1. "Investeren in onderzoek en innovatie met nationale technologiestrategie. De overheid gaat actief mee-investeren in baanbrekende innovaties: van fundamenteel en praktijkgericht onderzoek op universiteiten en hogescholen tot commerciële toepassing in innovatieve bedrijven."
  2. "Nieuwe kansen voor Nederland. De Nederlandse economie profiteert van onderzoek naar nieuwe technieken. We werken toe naar de Lissabon-doelstelling om drie procent van ons nationaal inkomen aan onderzoek en innovatie te besteden."
  3. "Investeren in defensie. We committeren ons aan het verhogen van het defensiebudget naar 3,5% van het bbp vanwege de Russische agressie en de noodzaak om ons onafhankelijker te maken van de Verenigde Staten. De krijgsmacht wordt sterker, groter en moderner, met meer gevechtskracht op land, betere luchtverdediging en sterke maritieme en logistieke capaciteiten. We zetten in op innovatie, bijvoorbeeld op het gebied van drones. Hiermee schrikken we Russische agressie af, voldoen we aan onze NAVO-doelstellingen en kunnen we ons land beter beschermen."
  4. "Wetenschappelijk onderwijs. Na jaren van afbraakbeleid moet er weer ruimte komen voor onderzoek en innovatie. We investeren fors in wetenschappelijk onderzoek. We werken toe naar de Lissabon-doelstelling om 3 procent van ons nationaal inkomen aan onderzoek en innovatie te besteden. Hierbij is regionale samenwerking tussen universiteiten, hogescholen en het mbo van groot belang."
  5. "Veiligheid vereist publieke sturing. Onze veiligheid is te belangrijk om alleen aan de markt over te laten. We investeren in een onafhankelijkere, moderne defensie-industrie in samenwerking met Europese partners met wie we gezamenlijk inkopen en ontwikkelen. We specialiseren in onze sterke sectoren. Voor Nederland betekent dit investeringen in maritieme en logistieke capaciteiten en de drone-, sensor-, cyber- en ruimtevaarttechnologie. Strategisch relevante defensiebedrijven komen deels in publieke handen via staatsdeelnemingen. We gaan zo prijsopdrijving en overwinsten tegen zodat gemeenschapsgeld bijdraagt aan collectieve veiligheid en niet eindigt in de portemonnee van wapenspeculanten."