De regering moet de regels voor de maatschappelijke diensttijd (MDT) aanpassen. Nu vallen veel ervaren organisaties buiten de boot door strenge financiële eisen. Door een deel van het budget speciaal voor deze bewezen projecten te reserveren, blijven goede plekken voor jongeren bestaan. Zo gaat de ervaring die de afgelopen jaren is opgebouwd in het netwerk niet verloren.
Motie van de leden Armut en Ceder over bij de Subsidieregeling MDT voor 2026 en volgende jaren het bestaande mdt-netwerk borgen op basis van kwaliteit
De kamer,
constaterende dat de door OCW gehanteerde financiële subsidie-eisen
voor de maatschappelijke diensttijd (mdt) 2025 in de praktijk hebben
geleid tot uitsluiting van met name anbi-organisaties en andere
maatschappelijke organisaties met beperkt eigen vermogen;
constaterende dat er in 2025 van de 281 ingediende aanvragen voor
mdt-subsidie slechts 85 aanvragen zijn gehonoreerd en 196 zijn
afgewezen, waaronder aanvragen van organisaties die sinds 2018
onderdeel uitmaken van het mdt-netwerk;
overwegende dat mdt zich heeft bewezen als investering in sociale
samenhang, burgerschap en talentontwikkeling van jongeren, en dat de
rijksoverheid de afgelopen jaren heeft geïnvesteerd in de opbouw van een
landelijk dekkend, duurzaam en weerbaar mdt-netwerk;
overwegende dat de continuïteit van ervaren en kwalitatieve
mdt-aanbieders en samenwerkingsverbanden van groot belang is voor
het behoud van dit netwerk en voor het aanbod van mdt-trajecten aan
jongeren;
verzoekt de regering om bij de vormgeving van het subsidiekader voor de
Subsidieregeling MDT voor 2026 en volgende jaren het mdt-netwerk op
basis van kwaliteit expliciet te borgen, en daarbij maatregelen op te
nemen die de continuïteit van bewezen kwalitatieve mdt-projecten en
samenwerkingsverbanden waarborgen met aandacht voor landelijke
spreiding, en een substantieel deel van het beschikbare budget te
reserveren voor bestaande mdt-uitvoerders, met daarnaast ruimte voor
nieuwe initiatieven.
Behandeld
Datum
Activiteit
12 februari
Begroting Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (36800-VIII) (antwoord 1e termijn + rest)