De regering moet samen met scholen en studenten een plan maken voor het verantwoord gebruik van kunstmatige intelligentie (AI) in het middelbaar beroepsonderwijs en het hoger onderwijs. AI heeft grote invloed op hoe er geleerd en getoetst wordt. Een duidelijke strategie helpt om kansen te benutten en risico's zoals privacyschendingen en fraude te verkleinen.
Motie van het lid Rooderkerk c.s. over een strategie voor verantwoord gebruik van Al in het mbo en hoger onderwijs
De kamer,
constaterende dat kunstmatige intelligentie (Al) in hoog tempo haar
intrede doet in het hoger onderwijs en grote invloed heeft op onderwijs,
toetsing en de arbeidsmarkt;
overwegende dat Al zowel kansen biedt voor innovatie en toegankelijkheid als risico’s met zich meebrengt, zoals op het gebied van academische integriteit, privacy en kwaliteit van onderwijs;
overwegende dat studenten en docenten behoefte hebben aan ondersteuning bij verantwoord gebruik van Al;
verzoekt de regering om, in samenwerking met onderwijsinstellingen,
docenten, studenten en relevante experts, te komen tot een strategie voor
verantwoord gebruik van Al in het mbo en hoger onderwijs.
Argumenten voor: De motie vraagt om een strategie voor verantwoord gebruik van AI in het onderwijs. De partij pleit voor 'verantwoorde inzet van AI' met nadruk op 'transparantie, menselijk toezicht en het beperken van risico's' [1]. Daarnaast wil de partij 'voorlichting en onderwijs over cyberveiligheid' doortrekken tot het beroepsonderwijs [6] en benadrukt de partij dat 'menselijke besluitvorming altijd leidend' moet zijn bij modellen [5]. De behoefte aan bescherming en voorlichting tegen risico's van technologie wordt eveneens breed ondersteund [3].
Argumenten tegen: Er is geen directe tegenargumentatie in het verkiezingsprogramma te vinden die de ontwikkeling van een nationale strategie voor AI in het onderwijs afwijst. Mogelijke weerstand zou enkel kunnen voortkomen uit een wens voor meer regionale autonomie in plaats van een centrale regeringsstrategie, aangezien de partij stelt dat toegankelijkheid en onderwijsbeleid per instelling en regio bekeken moeten worden [4][2].
Bronnen:
"Verantwoorde inzet van AI. De overheid zet AI op een verantwoorde en doelmatige manier in, met nadruk op transparantie, menselijk toezicht en het beperken van risico's."
"Voor BBB staat één ding voorop: mensen moeten hun talenten kunnen ontwikkelen en samen met anderen hun omgeving leefbaar houden. Daarvoor is nabijheid belangrijk. Juist in de regio's buiten het zicht van Den Haag heeft BBB concrete resultaten geboekt. Met de invoering van de krimpcheck wordt nieuw onderwijsbeleid voortaan getoetst op regionale impact. De aan universiteiten en HBO's sterk gestegen instroom van internationale studenten wordt steeds meer afgestemd op het behoud van lokaal en regionaal onderwijsaanbod. Tevens aansluitend op de vraag uit bedrijfsleven, instellingen en maatschappelijke organisaties. BBB wil dat het onderwijs betrouwbaar is, vrij denkt en onafhankelijk bijdraagt aan maatschappelijke opgaven. Vrij van haat en intimidaties. Nuttig voor Nederland en de internationale samenwerking. Waar studenten en medewerkers zich veilig voelen."
"Onze kinderen en jongeren groeien op in een wereld waarin schermtijd, sociale media en online contacten een groot deel van hun leven vormen. Tegelijk neemt het aantal risico's toe: identiteitsfraude, online pesten, verslaving, misinformatie, deepfakes en ongewenste beïnvloeding zijn reële bedreigingen. Jongeren, maar ook ouderen en kwetsbare groepen, verdienen extra bescherming én voorlichting om weerbaar te blijven."
"Toegankelijkheid voor internationale studenten. De toegankelijkheid voor internationale studenten moet per onderwijsinstelling worden bekeken. Het belang voor de regio en het bestaan van deze onderwijsinstellingen moet leidend zijn. Wij zien meer in een uitbreiding van 'numerus fixus' en zeker niets in de 'toets anderstalig onderwijs'. We stimuleren grensoverschrijdende samenwerkingen tussen onderwijsinstellingen."
"Wetenschappelijke modellen. Wetenschappelijke modellen kunnen ter ondersteuning van wetenschappelijk onderzoek en politieke besluitvorming nuttig zijn. Menselijke besluitvorming moet echter altijd leidend zijn en de uitkomsten van modellen moeten altijd door mensen op hun waarde worden getoetst."
"Digitale educatie vanaf de basis. Voorlichting en onderwijs over cyberveiligheid begint op de basisschool en loopt door tot het beroepsonderwijs en bijscholing voor ondernemers."