Controle op risico-scholen onderzoeken

De regering moet onderzoeken of het vooraf controleren van documenten bij scholen echt werkt om risico's te ontdekken. De onderwijsinspectie en de Raad van State twijfelen namelijk of deze papieren controles effectief zijn.

Motie van het lid Stoffer c.s. over een effectmeting van voorafgaand toezicht bij bekostigde en niet-bekostigde scholen voor het detecteren van risico's

De kamer, overwegende dat binnen vijf jaar een evaluatie wordt uitgevoerd van het wetsvoorstel; constaterende dat het wetsvoorstel en het beoordelen van initiatieven van nieuwe bekostigde scholen hoge verwachtingen hebben van het voorafgaande toezicht op basis van documenten, maar dat de onderwijsinspectie en de Raad van State de waarde hiervan sterk relativeren; verzoekt de regering als onderdeel van de evaluatie een effectmeting te laten uitvoeren van in hoeverre het voorafgaande toezicht op basis van documenten bij bekostigde en niet-bekostigde scholen in de praktijk effectief is gebleken om scholen met risico’s te detecteren.
13 mei | SGP, CU, FVD, JA21, Markusz | Aangenomen: 79–71 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma CU

Stemverwachting: voor (vrij zeker, 80%)

Argumenten voor: De partij stelt dat scholen te veel controle ervaren en dat er juist meer vertrouwen, rust en ruimte nodig is [2]. Daarnaast wil de partij dat inclusiever onderwijs kan plaatsvinden zonder bureaucratie [3]. Een effectmeting die aantoont dat voorafgaand toezicht op basis van documenten niet effectief is, zou kunnen bijdragen aan het verminderen van deze controle en bureaucratie. Bovendien vindt de partij dat overheidstoezicht in het informeel onderwijs vaak niet in verhouding staat tot de risico's [1], wat aansluit bij de vraag in de motie of dit toezicht wel effectief is in het detecteren van risico's.

Argumenten tegen: Er zijn geen fragmenten in het verkiezingsprogramma die aanleiding geven om tegen deze effectmeting te stemmen.

Bronnen:

  1. "Overheidstoezicht hoort niet thuis in het informeel onderwijs, gegeven door bijvoorbeeld (sport) verenigingen en kerkgenootschappen. De overheid kan nu al ingrijpen wanneer de regels van de rechtsstaat overtreden worden. Overheidstoezicht op al het informeel onderwijs schiet zijn doel voorbij en staat niet in verhouding tot de mogelijke risico's."
  2. "Het onderwijs staat onder druk door lerarentekorten en doordat de politiek te veel van haar eigen wensen en eisen bij de scholen neerlegt. Scholen en hoger onderwijsinstellingen ervaren te veel controle, waar juist vertrouwen gevraagd wordt. Het is van belang dat scholen rust en ruimte krijgen om hun werk te doen. Daar wordt onderwijs beter van."
  3. "Ieder kind, ongeacht thuissituatie, achtergrond of leerproblemen, heeft recht op goed onderwijs dat bijdraagt aan een brede ontwikkeling, met ondersteuning die aansluit bij zijn of haar mogelijkheden. De behoefte van het kind staat centraal. We blijven stappen zetten richting inclusiever onderwijs, waarbij alle kinderen zoveel mogelijk naar dezelfde school gaan. Voorwaarde is dat de scholen dit kunnen doen zonder bureaucratie en geschuif met budgetten. Er wordt gekeken naar wat een kind nodig heeft om tot leren te komen en niet naar labels en indicaties. Dit vraagt nauwe samenwerking tussen onderwijs, ouders, jeugdhulpverlening en zorg, met bijbehorende gecombineerde financieringsstromen. Schoolgebouwen dienen beter te worden ingericht op inclusief onderwijs. De overheid zorgt voor voldoende speciaal onderwijs (primair en voortgezet) in elke regio, inclusief volwaardig voortgezet speciaal onderwijs op havo- en vwo-niveau. In het primair onderwijs komt een landsdekkend passend onderwijsaanbod voor (hoog)begaafden met een extra ondersteuningsbehoefte om schooluitval in deze groep terug te dringen. Er wordt aandacht besteed aan soepele terugkeer en doorstroming naar regulier onderwijs, waarbij het leerrecht van kinderen even centraal staat als de leerplicht. Door in te zetten op later selecteren zal de overgang van PO naar VO soepeler verlopen en worden de kansen voor ieder kind eerlijker. Daarvoor kan nu al ingezet worden op brede en verlengde brugklassen."