De regering moet uitwerken hoe de minister meer controle krijgt op de spreiding en concentratie van ziekenhuiszorg. Er moet met nieuwe cijfers worden bewezen dat het samenvoegen van ziekenhuizen echt zorgt voor lagere kosten, meer personeel en betere zorg. Oude onderzoeken, zoals het IPSE-onderzoek uit 2013, zijn niet meer genoeg om dit te bewijzen.
Motie van het lid Coenradie over meer regie van de minister op spreiding en concentratie van ziekenhuizen
De kamer,
constaterende dat het kabinet meer regie wil nemen op
spreiding en concentratie van zorg, terwijl bereikbaarheid, regionale
spreiding en continuïteit van streekziekenhuizen van groot belang
blijven;
overwegende dat concentratie van ziekenhuiszorg vaak wordt onderbouwd
met verwachte doelmatigheids-, personeels- en kwaliteitswinst, terwijl
daarbij nog altijd wordt verwezen naar onder meer het IPSE-onderzoek
naar schaal- en synergie-effecten bij de spoedeisende hulp uit 2013;
overwegende dat aannames over de financiële, personele en
kwalitatieve effecten van concentratie actueel, toetsbaar,
domeinoverstijgend en niet-vrijblijvend moeten zijn;
verzoekt de regering om uit te werken hoe de minister meer regie
neemt op spreiding en concentratie van ziekenhuiszorg, welke
bestuurlijke of wettelijke instrumenten daarvoor nodig zijn, en daarbij
concreet, cijfermatig en actueel te onderbouwen of en in hoeverre
concentratie daadwerkelijk leidt tot lagere kosten, personeelswinst en
betere kwaliteit van zorg.
Argumenten voor: D66 wil dat de landelijke overheid de regie neemt om Nederland ruimtelijk weer in balans te brengen [4] en dat de overheid optreedt als regisseur met duidelijke doelen [5]. Daarnaast wil de partij de kwaliteit van de ziekenhuiszorg verbeteren door complexe behandelingen te laten plaatsvinden op locaties met de meeste expertise en ervaring [1]. De motie vraagt om meer regie en een actuele, cijfermatige onderbouwing van de effecten van concentratie, wat aansluit bij de wens om zorg te beoordelen op kwaliteit en de juiste inzet van professionals [3][2].
Argumenten tegen: D66 wil de kwaliteit van ziekenhuiszorg verbeteren door complexe behandelingen te concentreren op plekken met de meeste expertise en ervaring [1]. De strikte eisen in de motie voor een actuele en cijfermatige onderbouwing van de effecten van concentratie zouden dit proces van kwaliteitsverbetering kunnen vertragen.
Bronnen:
"We verbeteren de kwaliteit van ziekenhuiszorg door complexe behandelingen te laten plaatsvinden waar de beste voorzieningen en de meeste ervaring en expertise zijn."
"D66 wil zorg die draait om de patiënt, niet om marktwerking en commercie. Nu loont het voor specialisten te vaak om zoveel mogelijk behandelingen of operaties te doen. Dat is niet gek, omdat ze daar 'per stuk' voor betaald worden. Het gevolg is dat kwantiteit boven kwaliteit komt te staan. Wij willen dat zorg wordt beoordeeld op wat het de patiënt écht oplevert, zoals op wat het effect van de behandeling is of op meer kwaliteit van leven van de patiënt."
"Werken in de zorg is een prachtig beroep: of je nu wijkverpleegkundige bent, arts aan het bed of werkt op de ambulance. Maar regeldruk, te veel patiënten, te weinig tijd en lange wachtlijsten maken het werk zwaar. Die last kunnen we niet op de schouders van onze zorgprofessionals leggen. D66 geeft zorgprofessionals vertrouwen, autonomie en een goed salaris. We maken gebruik van de kansen die digitalisering biedt en verminderen de administratie. De vraag naar professionals in de zorg groeit sneller dan dat er mensen beschikbaar zijn. Des te belangrijker dat zorgprofessionals op de juiste plekken aan de slag gaan én blijven. Daarom maakt D66 vooral het werken in de nabije zorg aantrekkelijker, zoals publieke gezondheidszorg, ouderenzorg, huisartsen en wijkverpleegkunde."
"Welvaart in de breedste zin - van inkomen tot gezondheid en leefomgeving - hoort overal te groeien, in de grote steden en in de regio. Of je nu in Zeeland, Limburg, de Achterhoek, Groningen, Haarlem of Breda woont: dat moet geen verschil maken voor je kansen. D66 wil dat de rijksoverheid samen met de regio's de regie neemt om Nederland sociaal, economisch en ruimtelijk weer in balans te brengen."
"De landelijke overheid blijft regisseur: duidelijke doelen, stabiele regels en voldoende geld. Wat op de ene plek werkt, delen we nationaal. Succesvolle voorbeelden - zoals van ruilverkaveling of beloningen bij het behalen van doelen - maken we zichtbaar en bruikbaar voor andere regio's."