Het kabinet moet Europese landen aansporen de regels van het Dublin-systeem weer strikt te volgen. Nu wijken landen vaak af van de afspraken, waardoor asielzoekers te lang in Nederland blijven. Ook is het proces door ingewikkelde regels te zwaar voor de IND (de Dienst voor het Immigratie en Naturalisatie). Landen moeten asielzoekers ook direct en goed registreren.
Motie van het lid Boomsma over tussen lidstaten bij Dublin- en AMMR-overdrachten weer uitgaan van het interstatelijk vertrouwensbeginsel
De kamer,
overwegende dat de werking van het Europese Asiel- en migratiepact
afhankelijk is van handhaving van het Dublinsysteem;
overwegende dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel daarbij formeel
uitgangspunt is, maar daar in de praktijk al jaren van wordt afgeweken,
waardoor asielzoekers in de Nederlandse procedure blijven;
overwegende dat het risico bestaat dat lidstaten asielzoekers niet
registreren of bewust laten doorreizen;
overwegende dat Dublinoverdrachten steeds complexer en arbeidsintensiever zijn geworden door opeenstapeling van Europese jurisprudentie en
toetsingscriteria, waardoor de uitvoerbaarheid voor de IND ernstig onder
druk staat;
verzoekt het kabinet:
– erop aan te dringen dat tussen lidstaten bij Dublin- en AMMRoverdrachten weer moet worden uitgegaan van het interstatelijk
vertrouwensbeginsel en waar nodig op vereenvoudiging van het
Unierecht en/of toelaatbaarheidstoetsen om dat te bewerkstelligen;
– in de JBZ-Raad en in bilateraal overleg duidelijk te maken dat volledige
en tijdige registratie, screening en opname in Eurodac essentieel is;
– aan te dringen op goede monitoring van de uitvoering door frontstaten.
Argumenten voor: De partij wil het Europese Migratie- en Asielpact uitvoeren [1][2] en streeft naar een effectieve terugkeer van mensen die geen recht hebben op asiel [2][3]. De motie, die vraagt om het herstellen van het interstatelijk vertrouwensbeginsel en het verbeteren van de registratie (Eurodac), sluit aan bij het doel van de partij om een werkbaar systeem te hebben binnen het EU-pact [1]. Daarnaast vraagt de motie om goede monitoring van de uitvoering door frontstaten; dit sluit direct aan bij de wens van de partij om onafhankelijke monitoring van de mensenrechtensituatie aan de buitengrenzen te waarborgen en consequenties te verbinden aan het niet naleven van mensenrechten [2][1].
Argumenten tegen: De partij hecht zeer aan zorgvuldige procedures [1][2] en de waarborging van mensenrechten [1][2]. Een argument tegen de motie zou kunnen zijn dat de gevraagde 'vereenvoudiging van het Unierecht' of het terugkeren naar het vertrouwensbeginsel de zorgvuldigheid of de juridische toetsing op mensenrechten in gevaar zou kunnen brengen, aangezien de partij expliciet stelt dat procedures 'zorgvuldig' moeten zijn [1][2].
Bronnen:
"Europees vluchtelingenbeleid. We voeren het Migratie- en Asielpact van de EU uit en stellen onze wetgeving daarop in. Een zorgvuldige, snelle en eerlijke procedure aan de buitengrens moet vluchtelingen duidelijkheid geven over de kans op asiel. We staan zeer kritisch tegenover de verruiming van de 'Veiligederdelandenregeling', en de lijst met veilige herkomstlanden. Deze wetsvoorstellen maken het makkelijker om asielzoekers naar landen te sturen waar zij niet vandaan komen en nooit geweest zijn en leggen een zwaardere bewijslast op aan asielzoekers afkomstig uit 'veilige' landen. In de procedures en bij de opvang aan de buitengrens zien we er daarom streng op toe dat de mensenrechten van vluchtelingen gewaarborgd zijn. Wanneer hiervan niet volledig sprake blijkt te zijn, verbindt Nederland daar consequenties aan, spreken we die landen aan en sturen we geen asielzoekers terug naar deze buitengrenslanden. Europese ambtsberichten blijven openbaar. Asielzoekers hebben tijdens de procedure recht op menswaardige opvang, rechtsbijstand, medische hulp en onderwijs voor kinderen. We verzetten ons tegen massale detentie aan de grens, in het bijzonder tegen detentie van kinderen. Wie veilig terug kan en geen recht heeft op asiel, wordt ondersteund bij terugkeer naar het land van herkomst. We spannen ons in de EU maximaal in voor een eerlijke verdeling van vluchtelingen over de lidstaten. We nemen daarbij onze eigen verantwoordelijkheid qua opvang, en kiezen ervoor om solidariteit niet af te kopen."
"In Europees verband. We baseren ons beleid en onze asielwetgeving op het EU asiel- en migratiepact: snelle en zorgvuldige procedures aan de buitengrens, effectieve terugkeer van wie veilig terug kan en evenredige verdeling over de lidstaten van wie kansrijk is. Bij al deze maatregelen moeten de rechten van asielzoekers en internationale verdragen worden gerespecteerd. We zorgen op Europees niveau voor onafhankelijke monitoring van de mensenrechtensituatie in de centra aan de buitengrenzen en zorgen dat mensenrechtenwaarnemers en ngo's toegang hebben. We verbinden er consequenties aan als deze mensenrechten niet zijn gewaarborgd. Menswaardige opvang, rechtsbijstand, medische hulp, en onderwijs voor kinderen zijn immers niet onderhandelbaar. We blijven pal staan voor het VN-Vluchtelingenverdrag en het recht op subsidiaire bescherming."
"Effectief terugkeerbeleid. Mensen die geen recht hebben op asiel, moeten terug naar hun land van herkomst. Asielprocedures moeten kort en zorgvuldig zijn en mensenrechten van migranten moeten te allen tijde zijn gewaarborgd. Met landen van herkomst gaan we, op basis van gelijkwaardigheid, brede partnerschappen aan waar terugkeer van uitgeprocedeerde asielzoekers onderdeel van is. Investering in het herkomstland is de meest duurzame, humane en effectieve manier van het bevorderen van terugkeer. We zijn zeer kritisch op de 'terugkeerhubs', vanwege het grote risico aan mensenrechtenschendingen, detentie of jarenlange in limbo zijn van de mensen die hiernaartoe gestuurd zouden worden."