De regering moet de uitstoot van steenkolen vergelijken met die van lng (gas uit schaliegas). Gas kan door methaanlekkages en transport net zo schadelijk zijn voor het klimaat als kolen. De regering moet ook onderzoeken of het langer openhouden van kolencentrales beter is voor de leveringszekerheid en de betaalbaarheid van energie.
Motie van de leden Boomsma en Van den Berg over een realistische vergelijking tussen elektriciteitsproductie met steenkolen en die met lng op basis van schaliegas
De kamer,
overwegende dat de energietransitie de komende jaren nog afhankelijk is
van regelbaar elektrisch vermogen opgewekt door fossiele brandstoffen
als kolen en gas;
overwegende dat is besloten tot het uitfaseren van de resterende
Nederlandse kolencentrales per 2030, maar dat gascentrales daarna
noodzakelijk blijven voor systeemstabiliteit en leveringszekerheid;
overwegende dat dit gas grotendeels bestaat uit geïmporteerd lng,
gewonnen als schaliegas;
overwegende dat sommige studies suggereren dat de broeikaseffecten
van steenkolen vergelijkbaar of zelfs lager zijn dan die van schaliegas
wanneer methaanlekkages en de kosten van koeling en transport worden
meegenomen;
verzoekt de regering
– een realistische vergelijking te maken tussen de totale emissies en
broeikaseffecten over de komende vijftien jaar van elektriciteitsproductie met steenkolen in de bestaande Nederlandse centrales en met lng
op basis van (geïmporteerd) schaliegas;
– op basis daarvan een overzicht te geven van de kosten en baten van
het eventueel langer openhouden van de kolencentrales, gelet op
broeikaseffecten, leveringszekerheid, betaalbaarheid en systeemstabiliteit;
– de Kamer hierover te informeren om te komen tot een zorgvuldige
afweging.
Argumenten voor: De partij wil dat klimaatdoelen niet de enige factor zijn, maar dat ook energie-onafhankelijkheid en betaalbaarheid even zwaar wegen [1]. Er is een sterke focus op het beschermen van de industrie tegen hoge energiekosten om te voorkomen dat bedrijven naar het buitenland vertrekken [7209, 7210, 7211]. Daarnaast is het waarborgen van een onafhankelijke energievoorziening en leveringszekerheid een essentieel onderdeel van het beleid [7390, 7399]. De motie vraagt om een vergelijking die juist deze aspecten — emissies, leveringszekerheid, betaalbaarheid en stabiliteit — centraal stelt.
Argumenten tegen: De partij streeft naar een schoon en onafhankelijk Nederland [2] en wil blijven voldoen aan de Europese verplichtingen op het gebied van klimaat en energie [1]. De koers is gericht op het inzetten van nieuwe energiebronnen zoals kernenergie, windenergie, waterstof, zonne-energie en groen gas [7399, 7390, 7226, 7227].
Bronnen:
"Van Klimaatwet naar Klimaat- en groeiwet: We bouwen aan een schone én weerbare economie. In onze tijd, met de enorme uitdagingen die we vandaag zien, is de Klimaatwet te eenzijdig gericht op het terugdringen van broeikasgasuitstoot. We zien dat de industrie vertrekt uit Nederland vanwege knellende nationale wet- en regelgeving. Er is geen gelijk speelveld met de rest van Europa. Daarom passen we de Klimaatwet aan naar Klimaat- en groeiwet en voegen we de pijlers energie-onafhankelijkheid en betaalbaarheid toe. We werken door aan het halen van de klimaatdoelen en wegen de andere doelen net zo zwaar. Loopt het uit de pas, komt de betaalbaarheid in het gedrang en vertrekt de industrie daardoor naar het buitenland, dan grijpen we in. We blijven voldoen aan onze Europese verplichtingen op klimaat- en energiegebied."
"Kiezen voor een schoon én onafhankelijk Nederland: De VVD kiest voor een schoon en onafhankelijk Nederland. Als we ondernemers vragen te verduurzamen, dan moet de overheid zijn zaken op orde hebben. Als bedrijven en huishoudens niet kunnen verduurzamen omdat de overheid de zaak niet op orde heeft, bijvoorbeeld vanwege netcongestie of omdat infrastructuur vertraagd is, dan mogen ondernemers rekenen op extra ruimte. We accepteren niet dat CO2-reductie op papier gehaald wordt omdat onze industrie verdwijnt."