De regering moet de verantwoordelijkheid voor het bestrijden van fraude en corruptie bij Defensie leggen bij een onafhankelijke partij. De risico's op fraude en corruptie zijn groot en nemen toe door de stijgende uitgaven. Daarom is onafhankelijk toezicht nodig, los van de afdelingen die de inkoop en uitvoering doen.
Motie van het lid Piri c.s. over de eindverantwoordelijkheid voor de beheersing van fraude- en corruptierisico's beleggen bij een onafhankelijke functionaris
De kamer,
constaterende dat de verantwoordelijkheid voor het beheersen van
fraude- en corruptierisico’s bij Defensie is belegd in de commandantenlijn
en pas in het derde kwartaal van 2026 wordt besloten welke functionaris
hiervoor primair verantwoordelijk wordt;
overwegende dat Defensie zelf erkent dat de fraude- en corruptierisico’s
groot zijn en verder toenemen door de sterk groeiende uitgaven, en dat
het beheersen daarvan vraagt om toezicht dat onafhankelijk staat van de
organisatieonderdelen die de inkoop en uitvoering verzorgen;
verzoekt de regering de eindverantwoordelijkheid voor de beheersing van
fraude- en corruptierisico’s te beleggen bij een functionaris of orgaan dat
onafhankelijk opereert van de inkoop- en commandantenlijn, en de Kamer
hierover voor Prinsjesdag 2026 te informeren.
Argumenten voor: De partij stelt dat ambtenaren problemen moeten oplossen en dat het doorschuiven of laten liggen van dossiers niet meer kan [1]. Deze focus op een oplosverplichting en het centraal stellen van de oplossing [1] kan worden gebruikt om de motie te ondersteunen, die gericht is op het effectiever beheersen van fraude- en corruptierisico's.
Argumenten tegen: Er is onvoldoende informatie in het verkiezingsprogramma om een argument tegen de motie te formuleren.
Bronnen:
"Ambtenaren gaan problemen oplossen. Een advies krijgt binnen een maand navolging, met het 'pas toe of leg uit' principe. Voor de overheid komt er een oplosverplichting: een dossier doorschuiven of laten liggen kan niet meer. Ook als een probleem niet het domein van de ambtenaar is, helpt die toch tot er een oplossing is. De inhoud en de oplossing komen centraal te staan. Als blijkt dat een oplossing geblokkeerd wordt door wetten en regels, dan wordt de wetgevende macht daarover geïnformeerd."