Uitstel Wet vrachtwagenheffing bij stroomtekort

De regering moet de invoering van de Wet vrachtwagenheffing uitstellen. De wet dwingt transportbedrijven namelijk om over te stappen op elektrische vrachtwagens. Het stroomnet is echter te vol om deze overstap mogelijk te maken. Dit zorgt voor te hoge kosten en kan ervoor zorgen dat veel transportbedrijven failliet gaan.

Motie van het lid Prickaertz over de Wet vrachtwagenheffing uitstellen tot er geen sprake meer is van netcongestie

De kamer, constaterende dat met de invoering van de vrachtwagenheffing transporteurs worden gedwongen te elektrificeren; constaterende dat er momenteel geen ruimte op het stroomnet is om elektrificatie door te voeren; overwegende dat dit desastreuze gevolgen heeft voor de transportsector; overwegende dat dit zal leiden tot een enorme lastenverzwaring en ook faillissementen binnen de transportsector; verzoekt de regering de invoering van de Wet vrachtwagenheffing uit te stellen tot er geen sprake meer is van netcongestie.
30 juni | PVV | Verworpen: 37–113 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma CU

Stemverwachting: voor (vrij zeker, 80%)

Argumenten voor: De partij stelt dat de randvoorwaarden voor de vergroening van de economie, zoals een functionerend elektriciteitsnet, eerst op orde moeten worden gebracht om te voorkomen dat bedrijven in de knel komen door een gebrek aan reëel handelingsperspectief [4]. Daarnaast heeft de capaciteit voor laadvoorzieningen in het stroomnet een lagere prioriteit dan andere sectoren zoals de zorg, woningbouw en industrie [2].

Argumenten tegen: De partij wil het gebruik van zero-emissie voertuigen stimuleren [1] en zet in op het versterken van de energie-infrastructuur om de energietransitie mogelijk te maken [3].

Bronnen:

  1. "We stimuleren het gebruik van zero-emissie auto's. We passen de motorrijtuigenbelasting aan, via een gewichtscorrectie voor elektrische auto's. We introduceren voor de auto een kilometerprijs, gedifferentieerd naar milieukenmerken, tijd en plaats: op het platteland laag, op drukke momenten in de brede Randstad hoger. Bij de invoering worden privacyoverwegingen, fraudegevoeligheid en uitvoerbaarheid meegewogen. Het wegvervoer draagt bij aan de nationale stikstofdoelstellingen. We stimuleren de productie van groene waterstof met het oog op vrachtvervoer, inclusief zwaar wegtransport."
  2. "Een andere prioritering en zekerheidsklassen is nodig: ziekenhuizen krijgen gegarandeerd vermogen, gevolgd door woningen, industrie, utiliteit en tot slot laadvoorzieningen. Er wordt capaciteit gereserveerd in het net voor nieuw te bouwen zorginstellingen, kritische infrastructuur en woningbouw, zodat investeringen vooraf meer zekerheid krijgen. Warmtepompen, laadpalen en batterijen krijgen een verplichte schakelmogelijkheid waardoor de netbeheerder lokaal, regionaal en landelijk stuurmogelijkheden krijgt. Inzet van het hoogspanningsnetwerk voor transport van en voor het buitenland wordt ondergeschikt gemaakt aan binnenlandse transportbehoefte."
  3. "De netverzwaring wordt een kwestie van nationaal belang. De overheid neemt nationale regie over de energie-infrastructuur, zet in op het vereenvoudigen van de vergunnings- en beroepsprocedures en heeft oog voor het belang van uitvoering bij netbeheerders, provincies en gemeenten. We stellen extra geld uit het Klimaatfonds beschikbaar om netverzwaring en de warmtetransitie een noodzakelijke impuls te geven. Netbeheerders krijgen snel vergunningen en meer fysieke ruimte om transformatorhuisjes en kabels te realiseren. Vergunningen worden sneller verleend en kritische infrastructuur wordt via nationale coördinatie afgestemd op verwachte vraag en lokale opwekking en opslag."
  4. "De klimaat- en energietransitie zit in een taaie fase. Klimaatdoelen afspreken bleek nog vrij eenvoudig, klimaatdaden stellen en volhouden blijkt een stuk ingewikkelder. Dat heeft deels te maken met de ingewikkelde internationale context, maar ook met het feit dat Nederland zijn randvoorwaarden voor vergroening van de economie niet op orde heeft: het elektriciteitsnet zit overvol, de vergunningverlening zit op slot en er is een gebrek aan goed opgeleide vakmensen. Die randvoorwaarden moeten met voorrang op orde worden gebracht, anders komen burgers en bedrijven in de knel, omdat er geen reëel handelingsperspectief is (zie ook hoofdstuk 2 'Nederland van het slot')."