De regering moet de Tweede Kamer vooraf informeren over het aanwijzen of uitbreiden van nationale parken. De gevolgen voor burgers, ondernemers en overheden zijn namelijk groot en moeilijk vooraf in te schatten. De Kamer moet de kans krijgen om een oordeel te vellen voordat er een besluit wordt genomen.
Motie van het lid Van der Plas
De kamer,
constaterende dat de aanwijzing van een nationaal park
aanzienlijke gevolgen heeft voor burgers, ondernemers en
overheden;
overwegende dat deze gevolgen vooraf niet zijn te overzien en dat
de Nederlandse bevolking erop moet kunnen vertrouwen dat haar
volksvertegenwoordiging zulke grote besluiten vooraf kan
beoordelen;
verzoekt de regering voortaan geen nieuw nationaal park aan te
wijzen of een bestaande aanwijzing uit te breiden voordat de
Tweede Kamer hierover vooraf is geinformeerd en in de
gelegenheid is gesteld haar oordeel hieroverte geven.
Argumenten voor: De partij vindt dat wetgeving die impact heeft op Nederland tijdig besproken moet worden in de Tweede Kamer, zodat de volksvertegenwoordiging sturing kan geven [1]. Daarnaast streeft de partij naar het versterken van de wetgevende macht [2] en vindt zij dat ministers geen besluiten mogen steunen zonder een mandaat van het parlement [1]. Tevens wil de partij de zeggenschap van mensen vergroten om te voorkomen dat een uitdijende overheid bepaalt wat goed is voor de burger [3].
Argumenten tegen: Niet van toepassing.
Bronnen:
"Naast de reeds ingebouwde controlemechanismen in de rapportages door ministeries moeten de Eerste en Tweede Kamer betere handvatten krijgen om subsidia -riteit te waarborgen binnen Europese verordeningen en richtlijnen. JA21 staat voor een Europese Unie die trouw blijft aan het subsidiariteitsbeginsel. Er moet onderzocht worden hoe de informatievoorziening verbeterd kan worden opdat deze wetgeving ook een grotere rol kan spelen in het publieke debat. Wetgeving die in Nederland impact heeft, moet tijdig besproken worden in de Tweede Kamer, zodat de volksvertegenwoordiging sturing kan geven. Ministers en staatssecretarissen mogen geen Europese besluiten steunen zonder een mandaat van het parlement."
"De minister dient zich niet alleen te richten op het efficiën -ter maken van de overheid, maar in de tweede plaats ook op het versterken van de wetgevende macht. Decentrale besluitvorming speelt hierin een belangrijke rol. Het subsidiari -teitsbeginsel, dat stelt dat een hogere overheid alleen taken op zich neemt als een lagere overheid daartoe niet in staat is, moet zo veel mogelijk nageleefd worden. De Minister voor"
"Onze plannen stellen alle Nederlanders in staat de schouders eronder te zetten op een manier die hen past. Daarvoor moet het vertrouwen tussen overheid en politiek hersteld worden: mensen moeten zelf zeggenschap krijgen, in plaats van een steeds verder uitdijende, ineffi -ciënte overheid die bepaalt wat goed voor hen is. Daarom pleit JA21 voor een Minister voor Overheidsefficiëntie en Autonomie. Dit is geen extra bestuurslaag, maar een instrument om de overheid kleiner en doeltreffender te maken."