Geen dwang bij plaatsing van leerlingen

Samenwerkingsverbanden mogen geen kinderen op een school plaatsen als die school dat niet wil. Het is onwenselijk dat scholen onder dwang leerlingen moeten accepteren.

Motie van het lid Van Houwelingen over uitspreken dat het onwenselijk is dat samenwerkingsverbanden onder dwang en tegen de zin van een school een kind kunnen plaatsen

De kamer, spreekt uit dat het onwenselijk is dat samenwerkingsverbanden onder dwang en tegen de zin van een school kunnen besluiten om een kind op die desbetreffende school te plaatsen.
30 september | FVD |

Stemverwachting

Verkiezingsprogramma D66

Stemverwachting: voor (onzeker, 65%)

Argumenten voor: D66 wil dat scholen de nodige ruimte, tijd en middelen krijgen om de behoeften van leerlingen zelfstandig op te kunnen vangen [1]. De partij streeft ernaar dat scholen de middelen krijgen om ontwikkelingsprofessionals in het schoolteam te integreren, zodat zij leraren kunnen ondersteunen [4] en deze de ruimte hebben om vanuit hun professionele kracht te werken [5].

Argumenten tegen: De partij vindt dat onderwijs voor ieder kind passend moet zijn [2] en dat kinderen zoveel mogelijk samen naar school moeten gaan [2]. Daarnaast vindt de partij het onacceptabel dat kinderen thuis zitten [3].

Bronnen:

  1. "Geen kind ontwikkelt hetzelfde. Niet alles wat anders is, is een zorgvraag. Veel kan op school worden opgelost als scholen hiervoor de ruimte, tijd en geld krijgen. D66 wil scholen die ruimte geven."
  2. "D66 wil dat kinderen zoveel mogelijk samen naar school kunnen gaan. Onderwijs moet voor ieder kind passend zijn. Dat vraagt om genoeg leraren, ondersteuners, kennis en ruimte. Daar wil D66 sneller voor zorgen."
  3. "In Nederland krijgen veel kinderen en jongeren geen onderwijs. Zij zitten thuis. Dat is voor D66 onacceptabel. Wij vinden dat alle kinderen en jongeren leerrecht hebben. Als je niet vijf dagen in de week naar school kunt, vinden we andere mogelijkheden, zoals een flexibele tussenvorm tussen thuis en op school zijn. Zo bieden we leerlingen die het moeilijk hebben, of die nu al thuis zitten, de ruimte om te leren in hun tijd, op een passende plek en met een eigen leerprogramma."
  4. "Als een kind zich anders ontwikkelt dan verwacht, is dat niet altijd meteen een probleem waar zorg voor nodig is. Er zou ook geen diagnose nodig moeten zijn om hulp te kunnen organiseren. De leraar is geen zorgverlener. Daarom krijgen scholen ruimte en geld om ontwikkelingsprofessionals aan te nemen. Zij kunnen als deel van het schoolteam, leraren helpen om leerlingen die dat nodig hebben te ondersteunen."
  5. "Goed onderwijs begint bij goede leraren en schoolleiders. Zij zijn de spil van het onderwijs. Leraren krijgen de tijd, ruimte en het vertrouwen om zich te ontwikkelen en les te geven vanuit hun professionele kracht."