Geen apart doctoraat voor het hbo

De regering mag geen apart doctoraat voor het hbo invoeren. Een aparte route zorgt voor verwarring en maakt diploma's minder duidelijk in het buitenland. Praktijkonderzoek moet daarom onder de universiteiten blijven vallen. Zo blijft de kwaliteit gelijk en is er voor iedereen één duidelijke internationale titel.

Motie van de leden Claassen en Keijzer over afzien van de wettelijke verankering van een apart hbo-doctoraat

De kamer, constaterende dat het kabinet een wettelijk verankerd professioneel doctoraat (PD) in het hbo wil introduceren; overwegende dat dit leidt tot een tweede, parallelle doctoraatsroute naast de universitaire promotie, met risico op versnippering van het hogeronderwijsstelsel, aantasting van de internationale herkenbaarheid van de bamastructuur en niveau-inflatie; overwegende dat hoogwaardig praktijkgericht onderzoek uitstekend kan plaatsvinden binnen bestaande universitaire PhD-trajecten in samenwerking met hogescholen en het werkveld; verzoekt de regering af te zien van de wettelijke verankering van een apart hbo-doctoraat en in plaats daarvan praktijkgericht onderzoek te integreren onder universitaire regie met één uniform kwaliteitskader en één internationale doctorstitel.
16 april | Markusz, Keijzer | Verworpen: 62–88 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma D66

Stemverwachting: tegen (zeer onzeker, 40%)

Argumenten voor: De partij stelt dat het mbo, hbo en wo nog altijd ongelijk gewaardeerd worden en dat dit anders moet [1]. Het introduceren van een professioneel doctoraat (PD) in het hbo zou kunnen worden gezien als een middel om de positie van het hbo te versterken en de kloof met het wo te verkleinen.

Argumenten tegen: De partij benadrukt dat mbo'ers, hbo'ers en wo'ers elkaar moeten ontmoeten in de collegezaal [1], wat duidt op een wens voor integratie van de onderwijsvormen in plaats van verdere segmentatie of parallelle routes. Daarnaast investeert de partij in hogescholen en universiteiten [2] zonder expliciet te pleiten voor het creëren van een apart doctoraatsstelsel, wat impliceert dat de huidige onderwijsstructuren voldoende zouden kunnen zijn.

Bronnen:

  1. "Studeren op het mbo, de hogeschool of aan de universiteit zou een tijd moeten zijn waarin je groeit, nieuwe mogelijkheden ontdekt en een goede basis legt voor je toekomst. Maar te vaak lopen studenten vast door stress over geld, druk om te presteren en een gebrek aan betaalbare huizen. De mentale gezondheid van studenten staat al jaren onder druk. Het mbo, hbo en wo worden nog altijd ongelijk gewaardeerd. Dat moet anders. D66 kiest voor een studietijd waarin iedereen kan leren en leven, zonder torenhoge schulden. En waar mbo'ers, hbo'ers en wo'ers elkaar ontmoeten, ook in de collegezaal."
  2. "D66 doorbreekt dit. Dat doen we door te kiezen voor hoge verwachtingen, gelijke kansen en goede gebouwen om in te leren. Kinderen en jongeren krijgen meer tijd om hun talent te ontdekken, doordat we later selecteren en onderwijs op maat écht laten werken. Leraren krijgen het vertrouwen en de ruimte in hun vak. Studenten krijgen meer zekerheid, zoals met een hogere aanvullende beurs voor mbo'ers en meer studentenhuisvesting. We investeren in goede schoolgebouwen die ook duurzaam en toegankelijk zijn en we versterken digitale vaardigheden én vergroten het leesplezier. En we investeren in mbo's, hogescholen en universiteiten, zodat we ook de toekomst aankunnen. Zo bouwen we aan onderwijs waar mensen altijd blijven leren, op een manier die bij ze past, van nul tot honderd jaar."