Onderzoek naar premies arbeidsongeschiktheid

De regering moet onderzoeken of het verhogen van de premies voor het Arbeidsongeschiktheidsfonds juridisch en maatschappelijk klopt. De sociale fondsen hebben nu een overschot van 60 miljard euro, waarvan het fonds voor arbeidsongeschiktheid het grootste deel bevat. Het is onduidelijk waarom de premies sneller stijgen dan nodig is voor de uitgaven aan arbeidsongeschiktheid.

Motie van de leden Grinwis en Patijn

De kamer, constaterende dat het spaaroverschot in de sociale fondsen steeds groter wordt en ditjaar ca. € 60 miljard bedraagt, waarbij het Arbeidsongeschiktheidsfonds met ca. € 40 miljard het grootste overschot voor zijn rekening neemt en dit overschot met vele miljarden per jaar aanzwelt; overwegende dat implementatie van de voorgenomen maatregelen in het coalitieakkoord leiden tot nog grotere overschotten; overwegende dat de Wfsv (Wet financiering sociale verzekeringen) duidelijk regelt voor welk doel er premies worden geheven, maar dat er ondertussen een kloof is ontstaan tussen doel en praktijk, die niet los kan worden gezien van het onderscheid tussen het inkomsten- en uitgavenkader in het begrotingsbeleid en de politieke keuzes die het afgelopen decennium zijn gemaakt; verzoekt de regering de juridische houdbaarheid en maatschappelijke wenselijkheid te analyseren van de huidige praktijk van een veel sneller stijgende aof-premie dan noodzakelijk voor de arbeidsongeschiktheidsuitgaven, waar nodig consequenties aan deze analyse te verbinden, en de Kamer hierover uiterlijk voor de eerstvolgende begrotingsbehandeling van SZW te informeren.
22 april | CU, GL-PvdA |

Partijstandpunten

Verkiezingsprogramma JA21 over dit onderwerp

Stemverwachting: voor (vrij zeker, 70%)

Waarom voor? De partij stelt dat de lastendruk in Nederland te hoog is en dat de overheid steeds meer geld uitgeeft zonder dat daar een duidelijk rendement tegenover staat [2]. Het analyseren van een onnodig snelle stijging in de Aof-premie en het kijken naar de juridische houdbaarheid hiervan past bij het streven naar een begrijpelijker belastingstelsel en het adresseren van de te hoge lastendruk [2]. Daarnaast kan een efficiëntere omgang met publieke middelen worden gezien als onderdeel van begrotingsdiscipline, waarbij de overheid niet onnodig geld uit de markt haalt via te hoge premies [1].

Waarom tegen? De verstrekte fragmenten bevatten geen expliciete argumenten tegen het verlagen of analyseren van premies in sociale fondsen. Wel benadrukt de partij het belang van begrotingsdiscipline, waarbij tegenvallers niet automatisch tot lastenverhoging mogen leiden [1]. Men zou kunnen aanvoeren dat de buffers in sociale fondsen noodzakelijk zijn voor toekomstige maatschappelijke uitdagingen en demografische trends, alhoewel dit niet direct uit de tekst blijkt als tegenargument voor deze motie.

Bronnen:

  1. "Dat tegenvallers niet automatisch lastenverhoging betekenen. Begrotingsdiscipline staat voorop. De eerste stap is het versoberen of temporiseren van niet-kernuitgaven." (0.665)
  2. "Investeringen en onze arbeidsproductiviteit nemen af, en door toenemende regeldruk, energieproblematiek, per -soneelstekorten en beleidsonzekerheid verslechtert ons vestigingsklimaat. Tegelijkertijd hebben we na jarenlange versnippering van beleid en een enorme hoeveelheid aan subsidies nu een belastingsysteem dat zelfs experts niet meer begrijpen; van eenvoud en eerlijkheid is weinig over. De lastendruk is te hoog geworden en de overheid geeft steeds meer geld uit zonder dat daar altijd een duidelijk rendement tegenover staat. Bovendien leidt het complexe belasting- en toeslagenstelsel ertoe dat mensen met lagere en middeninkomens er amper op vooruitgaan als ze meer gaan werken." (0.654)