Onderzoek overschotten Arbeidsongeschiktheidsfonds

De regering moet onderzoeken of het verhogen van de Aof-premie (premie voor het Arbeidsongeschiktheidsfonds) juridisch en maatschappelijk klopt. Het fonds heeft een spaaroverschot van 60 miljard euro, mede door het Aof-overschot van 40 miljard euro. Dit geld groeit sneller dan nodig is voor de daadwerkelijke uitkeringen, wat niet strookt met het doel waarvoor de premies worden geheven.

Motie van de leden Grinwis en Patijn over een analyse van de juridische houdbaarheid en maatschappelijke wenselijkheid van een veel sneller dan noodzakelijk stijgende Aof-premie

De kamer, constaterende dat het spaaroverschot in de sociale fondsen steeds groter wordt en dit jaar circa 60 miljard bedraagt, waarbij het Arbeidsongeschiktheidsfonds met 40 miljard het grootste overschot voor zijn rekening neemt en dit overschot met vele miljarden per jaar aanzwelt; overwegende dat implementatie van de voorgenomen maatregelen in het coalitieakkoord leidt tot nog grotere overschotten; overwegende dat de Wfsv (Wet financiering sociale verzekeringen) duidelijk regelt voor welk doel er premies worden geheven, maar dat er ondertussen een kloof is ontstaan tussen doel en praktijk, die niet los kan worden gezien van het onderscheid tussen het inkomsten- en uitgavenkader in het begrotingsbeleid en de politieke keuzes die het afgelopen decennium zijn gemaakt; verzoekt de regering de juridische houdbaarheid en maatschappelijke wenselijkheid te analyseren van de huidige praktijk van een veel sneller stijgende Aof-premie dan noodzakelijk voor de arbeidsongeschiktheidsuitgaven, waar nodig consequenties aan deze analyse te verbinden, en de Kamer hierover uiterlijk voor de eerstvolgende begrotingsbehandeling van SZW te informeren.
22 april | CU, GL-PvdA | Aangenomen: 143–7 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma Volt

Stemverwachting: voor (vrij zeker, 80%)

Argumenten voor: De partij streeft naar lagere lasten op arbeid door het afschaffen van premies [1]. De motie richt zich op de juridische en maatschappelijke houdbaarheid van de huidige Aof-premie (Arbeidsongeschiktheidsfonds), die sneller stijgt dan noodzakelijk voor de feitelijke uitgaven. Dit sluit aan bij het streven van de partij om de lasten op arbeid te verlagen door premies te reduceren of af te schaffen [1]. Daarnaast ondersteunt de partij het principe van parlementaire wetsverkenning en het vroegtijdig verzamelen van beleidsinformatie ter onderbouwing van wetgeving [2].

Argumenten tegen: Er is geen directe aanwijzing in de verstrekte tekst waaruit blijkt dat de partij voorstander is van het behouden van overschotten in sociale fondsen ten koste van de lasten op arbeid.

Bronnen:

  1. "Lasten op arbeid dalen fors door het afschaffen van premies."
  2. "Wij pleiten voor het invoeren van een parlementaire wetsverkenning. Hiermee krijgt de Tweede Kamer bij het ontwikkelen van nieuwe wetgeving al vroeg de gelegenheid om de beoogde wetgeving op hoofdlijnen te (laten) onderzoeken en adviezen van uitvoeringsorganisaties en de samenleving te verzamelen. Informatie die zo verkregen is, kan dan meegenomen worden bij de behandeling in de Kamer."