De regering moet zorgen dat zoveel mogelijk werknemers de verhoging van de onbelaste reiskostenvergoeding krijgen. Deze verhoging gaat namelijk niet automatisch naar alle medewerkers. Veel mensen krijgen nu te weinig of helemaal geen vergoeding voor hun reis naar het werk.
Motie van de leden Bikker en Jimmy Dijk over de maatregel verhogen onbelaste reiskostenvergoeding laten landen bij zo veel mogelijk werknemers
De kamer,
overwegende dat de maatregel verhogen onbelaste reiskostenvergoeding
niet automatisch bij alle relevante werknemers terechtkomt en dat een
significant deel van de werknemers nu geen of een lagere reiskostenvergoeding ontvangt dan het onbelaste maximum;
overwegende dat het kabinet om die reden werkgevers oproept om van
deze fiscale faciliteit gebruik te maken en met hen in overleg wil;
verzoekt de regering met een maximale inspanning eraan bij te dragen
dat zo veel mogelijk werknemers, zeker ook zij die nu geen of minder
reiskostenvergoeding ontvangen dan het onbelaste maximum – van de
schoonmaker tot de wijkverpleegkundige – de voorgestelde verhoging
tegemoet kunnen zien, en de Kamer hierover regelmatig te informeren.
Argumenten voor: De partij wil dat werkenden met gewone inkomens, van het minimumloon tot circa twee keer modaal, netto meer overhouden van hun loon [1]. Daarnaast streeft de partij ernaar om het niet-gebruik van regelingen terug te dringen [4] en wil zij dat extra verdiensten ook daadwerkelijk leiden tot meer geld in de portemonnee [3]. Ook vindt de partij dat de overheid, werkgevers en werknemers in overleg moeten zoeken naar het gezamenlijk algemeen belang [2][5].
Argumenten tegen: Er is in de verstrekte teksten geen informatie te vinden die een reden biedt om tegen deze motie te stemmen.
Bronnen:
"Werkenden met gewone inkomens - van een minimumloon tot circa twee keer modaal moeten netto meer overhouden van hun loon. De ChristenUnie heeft een doordacht en werkend voorstel voor belastingen en toeslagen. Lees hierover meer in paragraaf 2.3 'Naar een nieuw, eenvoudig en eerlijk belastingstelsel'. Voor inkomen uit werk betekent dit concreet dat de eerste € 30.000 inkomen belastingvrij is. Nu is de belastingdruk op extra verdiensten (het percentage belasting dat je betaalt over elke euro meer inkomen, marginale druk) veel te groot. In sommige gevallen zelfs boven de 100%. Dat betekent dat één euro extra verdienen ertoe kan leiden dat je er netto op achteruit gaat. In het door het CPB doorgerekende nieuwe belastingstelsel van de ChristenUnie is de marginale druk altijd lager dan 50%. Werken wordt daarmee veel lonender."
"Ons land kent een lange traditie van overleg tussen werkgevers en werknemers. In de befaamde Nederlandse polder zijn werkgevers en werknemers belangrijke partners bij grote hervormingsbesluiten over de arbeidsmarkt en sociale zekerheid. In tijden van polarisatie en verwijdering blijven we samen zoeken naar overeenstemming en het gezamenlijk algemeen belang."
"of een loonsverhoging krijgen. Met ons nieuwe belastingstelsel is dat verleden tijd. De marginale druk is zelfs in het meest extreme geval lager dan 50%. Dat betekent dat je altijd meer dan de helft van hogere verdiensten terugziet in je portemonnee (en vaak nog meer)."
"Het aantal mensen en kinderen dat in armoede leeft moet sterk omlaag. Voor een beter armoedebeleid is het advies van de Commissie Sociaal Minimum de leidraad. Het sociaal minimum moet voldoende zijn om van rond te kunnen komen. Periodiek wordt getoetst of het sociaal minimum nog voldoende is. Ook wordt het niet-gebruik van regelingen teruggedrongen (bijvoorbeeld via gegevensuitwisseling). De verschillen in armoederegelingen tussen gemeenten zijn nu te groot en een aantal verschillende regelingen te ingewikkeld. Dit moet eenvoudiger. Gemeenten moeten adequate financiële middelen hebben om goed, lokaal toegespitst armoedebeleid te voeren. De Rijksoverheid gaat weer werken met een doelstelling om de (kinder)armoede te verlagen in plaats van armoede niet te laten toenemen."
"De krimpende beroepsbevolking, bestaande arbeidsmarktkrapte, grote maatschappelijke uitdagingen (bijvoorbeeld verduurzaming) en groeiende vraag naar personeel in publieke sectoren zoals defensie en zorg, is een grote puzzel voor de arbeidsmarkt en economie. Deze structurele krapte vraagt om een gezamenlijke, met 'de polder' gedragen, aanpak. Werkgevers, werknemers, overheid en maatschappelijke organisaties maken samen de arbeidsmarkt toekomstbestendig. In goed polderoverleg maken we eerlijke keuzes over hoe we arbeid anders organiseren, arbeid eerlijker verdelen en welke prioriteiten we stellen in publieke dienstverlening. Arbeidsmigratie is daarbij geen eenvoudig antwoordvoor de oplossing van onze structurele tekorten."