Hogere onbelaste reiskostenvergoeding voor iedereen

De regering moet zorgen dat zoveel mogelijk werknemers de verhoging van de onbelaste reiskostenvergoeding krijgen. Deze verhoging gaat namelijk niet automatisch naar alle medewerkers. Veel mensen krijgen nu te weinig of helemaal geen vergoeding voor hun reis naar het werk.

Motie van de leden Bikker en Jimmy Dijk over de maatregel verhogen onbelaste reiskostenvergoeding laten landen bij zo veel mogelijk werknemers

De kamer, overwegende dat de maatregel verhogen onbelaste reiskostenvergoeding niet automatisch bij alle relevante werknemers terechtkomt en dat een significant deel van de werknemers nu geen of een lagere reiskostenvergoeding ontvangt dan het onbelaste maximum; overwegende dat het kabinet om die reden werkgevers oproept om van deze fiscale faciliteit gebruik te maken en met hen in overleg wil; verzoekt de regering met een maximale inspanning eraan bij te dragen dat zo veel mogelijk werknemers, zeker ook zij die nu geen of minder reiskostenvergoeding ontvangen dan het onbelaste maximum – van de schoonmaker tot de wijkverpleegkundige – de voorgestelde verhoging tegemoet kunnen zien, en de Kamer hierover regelmatig te informeren.
22 april | CU, SP | Aangenomen: 134–16 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma SGP

Stemverwachting: voor (vrij zeker, 80%)

Argumenten voor: De partij streeft naar een economie die sociaal is en die zorgt voor bescherming van werknemers [3]. Daarnaast stelt de partij dat 'de arbeider zijn loon waard is' [4], wat suggereert dat werknemers recht hebben op een eerlijke vergoeding. Verder is de partij voor duurzaam vervoer voor iedereen [1] en willen zij het openbaar vervoer goedkoper maken [2], wat aansluit bij het doel om reiskosten voor werknemers te verlagen.

Argumenten tegen: Er zijn geen fragmenten in het verkiezingsprogramma die aanleiding geven om tegen deze motie te stemmen.

Bronnen:

  1. "9.7 Duurzaam vervoer voor iedereen"
  2. "Het ov wordt goedkoper door een btw-vrijstelling. De SGP wil verder gratis ov voor kinderen tot en met 11 jaar en terugkeer van de jongerendagkaart."
  3. "Het Griekse woord voor econoom, oikonomos, komt in de Bijbel meermaals voor en wordt veelal vertaald met 'rentmeester'. Zoals een rentmeester de verantwoordelijkheid heeft het bezit van een ander te beheren en te gebruiken, zo heeft de mens de taak gekregen deze aarde te bouwen en te bewaren. Deze houding vormt een belangrijk vertrekpunt voor hoe wij kijken naar onze economie. Ongebreidelde groei en materialisme is zeker niet het Bijbelse ideaal. Ons economisch handelen moet tot doel hebben dat mens en maatschappij opbloeien. Daarom moeten we toe naar een economie die gebaseerd is op waarden, die robuust, sociaal, duurzaam en innovatief is. Dat vraagt om een goed vestigingsklimaat, met rechtvaardige belastingen voor burgers én minder administratieve rompslomp voor ondernemers. Dat vraagt ook om bescherming van werknemers, maar wel zo dat werkgevers hen graag in dienst blijven nemen."
  4. "10.8 De arbeider is zijn loon waard"