Het kabinet moet ervoor zorgen dat elke conducteur een ov-boa (handhaver) kan worden. Dit verbetert de veiligheid in het openbaar vervoer. Bovendien moeten deze handhavers toegang krijgen tot politiedatabanken. Ook moeten slimme technieken, zoals camera's die geweld herkennen, landelijk worden getest.
Motie van de leden Jumelet en Schutz over op te nemen zaken in een convenant sociale veiligheid in het ov
De kamer,
constaterende dat het kabinet in samenwerking met vervoerders
afspraken voorbereidt ter versterking van de handhaving op het gebied
van veiligheid in het ov, met als doel deze in september 2026 vast te
leggen in een convenant sociale veiligheid in het ov;
overwegende de ambities van dit kabinet ter verbetering van de veiligheid
in het ov door het breder uitrollen van de verschillende maatregelen;
overwegende dat in de RET-pilots innovatieve manieren van handhaving
worden toegepast ter bevordering van veiligheid in het openbaar vervoer,
zoals zelfstandige identiteitsvaststelling, camera’s met geweldsdetectie,
zwartrijdersdetectie, en slimme spreiding van boa’s;
verzoekt het kabinet om samen met vervoerders in kaart te brengen welke
aanpassingen er nodig zijn, en welk tijdpad er mogelijk is, om het principe
in te voeren dat elke conducteur die dat wil ov-boa kan worden;
verzoekt het kabinet om daarnaast in het convenant sociale veiligheid in
het ov afspraken te maken over toegang van de ov-boa’s tot het vreemdelingenregister en de strafrechtketendatabank;
verzoekt het kabinet eveneens te bezien of de succesvolle elementen op
het gebied van de handhaving in de RET-pilots op landelijk niveau kunnen
worden uitgeprobeerd, door middel van bijvoorbeeld een stationspilot
met camera’s met geweldsdetectie.
Argumenten voor: De partij wil de inzet van boa's op straat vergroten [1] en is voor het versterken van hun bevoegdheden, bijvoorbeeld om straatintimidatie te beboeten [2] of in het kader van de veiligheid van vrouwen [5]. Daarnaast is de partij van mening dat succesvolle pilots landelijk moeten worden uitgerold [3], wat aansluit bij het verzoek om succesvolle elementen uit de RET-pilots op landelijk niveau te testen. Verder pleit de partij voor het koppelen van systemen om trends in mishandelingen zichtbaar te maken [5], wat past bij de wens om boa's toegang te geven tot registers. Tot slot streeft de partij naar een veiligere openbare ruimte voor iedereen [4].
Argumenten tegen: Er zijn geen fragmenten in het verkiezingsprogramma die aanleiding geven om tegen de motie te stemmen.
Bronnen:
"Samen met de politie, boa's en wijkagenten vergroten we de politie-inzet op straat. Alle boa's moeten standaard worden uitgerust met bodycams, waardoor beelden van strafbare delicten direct als bewijs kunnen dienen in de rechtszaal."
"Om de pakkans te vergroten moeten onder andere speciaal opgeleide boa's bevoegdheden krijgen om plegers van straatintimidatie te beboeten, zoals in een aantal steden al gebeurt."
"Gemeenten worden gestimuleerd van elkaar te leren en succesvolle pilots worden landelijk uitgerold."
"Er worden, in samenspraak met maatschappelijke organisaties, maatregelen genomen om de openbare en online ruimte veiliger te maken voor iedereen die onveiligheid ervaart, zoals vrouwen en LHBTQIA+'ers zodat zij zonder angst zichzelf kunnen zijn."
"In Nederland wordt elke acht dagen een vrouw vermoord. Femicide vindt plaats in een spectrum van ander geweld, crimineel gedrag, ongewenst gedrag en schadelijke opvattingen. Dit gedrag overstijgt de privésfeer. We willen een Nationaal Actieplan in lijn met de campagne 'Wij eisen de nacht op, laat vrouwen veilig thuiskomen'. Met een stevige aanpak van femicide, met vergroot bewustzijn van schadelijke opvattingen en aandacht voor het herkennen van rode vlaggen die kunnen leiden tot geweld, bedreiging en intimidatie. De inspanningen beperken zich niet tot dader en slachtoffer, maar doeneen beroep op de hele samenleving. Hieronder vallen SIRE-campagnes, het versterken van bevoegdheden van boa's, het herijken van de strafmaat, beter monitoren van femicide, bescherming en versterken van de opvang, maar ook het voeren van gesprekken aan de keukentafel, op de werkplek en binnen verenigingen. Systemen die melding maken van mishandeling in de privésfeer moeten daarom aan elkaar gekoppeld worden zodat bij een nieuwe melding meteen zichtbaar is dat er een trend is."