Overgangsregeling samenwonen bijstand

De regering moet een overgangsregeling van zes maanden maken voor mensen in de bijstand die gaan samenwonen. Zij behouden in deze periode hun uitkering. Dit voorkomt dat mensen afzien van samenwonen uit angst voor inkomensverlies of boetes. Hierdoor krijgen zij de ruimte om het samenwonen te proberen en dit helpt de doorstroming op de woningmarkt.

Motie van het lid Lahlah over een overgangsregeling van zes maanden voor mensen met een bijstandsuitkering die willen samenwonen

De kamer, constaterende dat mensen met een bijstandsuitkering die willen samenwonen of dat willen proberen direct te maken kunnen krijgen met een lagere uitkering of verlies van hun zelfstandige aanspraak op bijstand; constaterende dat de huidige regels daarmee een drempel vormen om te gaan samenwonen of dat uit te proberen; constaterende dat we in een wooncrisis zitten; overwegende dat het belangrijk is om mensen de ruimte te geven om samenwonen uit te proberen zonder direct risico op inkomensverlies, terugvordering of boetes; overwegende dat het ontbreken van een overgangsperiode ertoe kan leiden dat mensen afzien van samenwonen, terwijl dit ook de doorstroom op de woningmarkt kan belemmeren; verzoekt de regering om te regelen dat mensen met een bijstandsuitkering gedurende de eerste zes maanden van samenwonen een overgangsregeling met voorwaarden krijgen, zodat zij in die periode hun uitkering kunnen behouden.
15 april | GL-PvdA | Verworpen: 42–108 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma FvD

Stemverwachting: tegen (vrij zeker, 80%)

Argumenten voor: Er is geen directe onderbouwing in het verkiezingsprogramma te vinden die het steunen van bijstandsgerechtigden of het versoepelen van bijstandsregels ondersteunt. Het enige argument dat indirect zou kunnen bijdragen is de algemene wens voor een land 'waar iedereen een thuis heeft' [2], wat samenwonen theoretisch zou kunnen vergemakkelijken.

Argumenten tegen: De partij focust in het verkiezingsprogramma primair op het vergroten van de invloed van de vrije markt, het afschalen van sociale voorzieningen zoals sociale huur [3][5] en het bevorderen van eigenwoningbezit door koop en marktwerking [4][1]. Het programma toont een ideologische voorkeur voor het verkleinen van de rol van de overheid in de sociale sector, wat haaks staat op het voorstel om gedurende zes maanden een uitzondering op de bijstandswet te creëren.

Bronnen:

  1. "Huurgeschiedenis meewegen bij hypotheekaanvraag We wegen de huurgeschiedenis van de laatste drie jaar mee bij hypotheekaanvragen. Mensen die vergelijkbare huurlasten hebben kunnen dragen, kunnen dezelfde hypotheeklast dragen."
  2. "Een nieuwe kans voor Nederland: een land waar iedereen een thuis heeft, wonen betaalbaar is en onze steden bruisen van karakter."
  3. "Minder sociale huur We verkleinen het aandeel sociale huurwoningen, zodat de markt gezonder wordt en minder afhankelijk van de overheid."
  4. "Behouden en uitbreiden startersvrijstelling We schrappen de leeftijds- en woningprijsgrens uit de startersvrijstelling; de eerste woning is altijd vrij van overdrachtsbelasting, zodat kopen bereikbaar wordt voor iedereen."
  5. "We schaffen de Wet Betaalbare Huur af om de huurmarkt te vitaliseren en geven verhuurders vrije keuze in huurders. Sociale huurwoningen worden beperkt, met voorrang voor Nederlanders boven statushouders. Bouwen doen we met oog voor schoonheid en menselijke maat, zonder natuur of landbouwgrond op te offeren."