De regering moet zorgen dat er meer banen komen voor mensen met een beperking en de aangekondigde boete invoeren voor overheidsinstanties die hun doelstellingen niet halen. De overheid komt afspraken uit 2013 niet na en blijft ver achter bij het aantal afgesproken banen. Het heffen van boetes moet de overheid dwingen haar verantwoordelijkheid te nemen.
Motie van de leden Van Brenk en Lahlah over alles op alles te zetten om de banenafspraak te realiseren
De kamer,
constaterende dat er in 2013 een breedgedragen sociaal akkoord is
afgesloten tussen werkgevers, werknemers en overheid;
constaterende dat de daarin gemaakte afspraak over 125.000 banen te
realiseren voor mensen met een beperking bij lange na niet wordt
gehaald;
constaterende dat met name de overheid haar steentje daar niet aan
bijdraagt;
overwegende dat het nakomen van afspraken belangrijk is, zeker als
overheid;
overwegende dat de quotumregeling voor de overheid in 2018 is
ingevoerd, maar tot op heden geen heffing is opgelegd;
verzoekt de regering om alles op alles te zetten om de banenafspraak te
realiseren en conform de afspraak in de quotumregeling de heffing in te
laten gaan voor de overheidssector als zij zich niet aan hun afspraak
houden.
Argumenten voor: De partij stelt dat iedereen die aan de kant staat of afstand heeft tot de arbeidsmarkt, volwaardig moet kunnen meedoen [1]. Verder benadrukt de partij dat de Participatiewet is bedoeld als vangnet zodat iedereen kan meedoen en pleit voor meer perspectief voor mensen met onder andere een medische urenbeperking [4]. Het realiseren van deze banenafspraak sluit direct aan bij deze missie.
Argumenten tegen: Er zijn geen directe argumenten in de tekst gevonden om tegen de motie te stemmen. De partij hecht wel grote waarde aan het poldermodel en overleg tussen sociale partners [2][3], wat een argument zou kunnen zijn om eerst het overleg te zoeken in plaats van direct heffingen op te leggen, al wordt dit niet expliciet tegen deze motie gebruikt.
Bronnen:
"Werk is meer dan inkomen: het geeft mensen structuur, eigenwaarde en verbondenheid met collega's. Een baan is daarmee de beste vorm van sociale zekerheid. Iedereen die aan de kant staat of een afstand heeft tot de arbeidsmarkt, moet volwaardig kunnen meedoen in de samenleving. De ondersteuningsbehoefte van de werknemer staat centraal, bijvoorbeeld via extra begeleiding of een beschutte werkplek. De verschillende instrumenten (zoals jobcoaching of loonkostensubsidie) worden eenvoudiger toegankelijk voor werkgevers, ongeacht via welke wet (WIA, WW, bijstand) de werknemer nu een uitkering ontvangt."
"Ons land kent een lange traditie van overleg tussen werkgevers en werknemers. In de befaamde Nederlandse polder zijn werkgevers en werknemers belangrijke partners bij grote hervormingsbesluiten over de arbeidsmarkt en sociale zekerheid. In tijden van polarisatie en verwijdering blijven we samen zoeken naar overeenstemming en het gezamenlijk algemeen belang."
"De krimpende beroepsbevolking, bestaande arbeidsmarktkrapte, grote maatschappelijke uitdagingen (bijvoorbeeld verduurzaming) en groeiende vraag naar personeel in publieke sectoren zoals defensie en zorg, is een grote puzzel voor de arbeidsmarkt en economie. Deze structurele krapte vraagt om een gezamenlijke, met 'de polder' gedragen, aanpak. Werkgevers, werknemers, overheid en maatschappelijke organisaties maken samen de arbeidsmarkt toekomstbestendig. In goed polderoverleg maken we eerlijke keuzes over hoe we arbeid anders organiseren, arbeid eerlijker verdelen en welke prioriteiten we stellen in publieke dienstverlening. Arbeidsmigratie is daarbij geen eenvoudig antwoordvoor de oplossing van onze structurele tekorten."
"De Participatiewet is het vangnet zodat iedereen volwaardig mee moet kunnen doen in de samenleving. Nu de wijzigingen van de Participatiewet op korte termijn in gang zijn gezet, is het tijd voor een hervorming van de Participatiewet op lange termijn. Vereenvoudiging van inkomensondersteuning en versteviging van inkomenszekerheid (ook bij de overgang tussen dagbesteding, bijstand en betaald werk) moet daarbij de kern zijn. Onderdeel daarvan ook is perspectief voor chronisch zieken en mensen met een medische urenbeperking in de bijstand,de afschaffing van de 4-wekenzoektermijn bij jongeren en meer ruimte voor initiatieven zoals het bouwdepot dat kwetsbare jongeren financiële stabiliteit biedt."