De regering moet zorgen dat er meer banen komen voor mensen met een beperking en de aangekondigde boete invoeren voor overheidsinstanties die hun doelstellingen niet halen. De overheid komt afspraken uit 2013 niet na en blijft ver achter bij het aantal afgesproken banen. Het heffen van boetes moet de overheid dwingen haar verantwoordelijkheid te nemen.
Motie van de leden Van Brenk en Lahlah over alles op alles te zetten om de banenafspraak te realiseren
De kamer,
constaterende dat er in 2013 een breedgedragen sociaal akkoord is
afgesloten tussen werkgevers, werknemers en overheid;
constaterende dat de daarin gemaakte afspraak over 125.000 banen te
realiseren voor mensen met een beperking bij lange na niet wordt
gehaald;
constaterende dat met name de overheid haar steentje daar niet aan
bijdraagt;
overwegende dat het nakomen van afspraken belangrijk is, zeker als
overheid;
overwegende dat de quotumregeling voor de overheid in 2018 is
ingevoerd, maar tot op heden geen heffing is opgelegd;
verzoekt de regering om alles op alles te zetten om de banenafspraak te
realiseren en conform de afspraak in de quotumregeling de heffing in te
laten gaan voor de overheidssector als zij zich niet aan hun afspraak
houden.
15 april | 50PLUS, GL-PvdA | Verworpen: 39–111 |
Argumenten voor: De partij pleit voor het wegnemen van discriminatie op basis van handicap en benadrukt dat publieke instellingen hierin het goede voorbeeld moeten geven [1]. Daarnaast wordt gesteld dat de overheid proactief aan de slag moet gaan tegen structurele patronen van discriminatie in haar eigen instituten [3]. Het realiseren van de banenafspraak kan worden gezien als een concrete actie om inclusie op de werkvloer te bevorderen en als voorbeeldrol van de overheid.
Argumenten tegen: Hoewel er geen directe tegenargumenten in de fragmenten staan die zich verzetten tegen baangaranties voor mensen met een beperking, bevat het programma de algemene opmerking dat er 'geen afspraken mee kunnen worden gemaakt, en zeker niet op kosten van de belastingbetaler' [2]. Hoewel de context van dit citaat onduidelijk is, zou men dit theoretisch kunnen gebruiken om een heffing op publieke instellingen (die door belastinggeld worden gefinancierd) te bekritiseren indien men de quotumheffing als inefficiënt of kostbaar beschouwt.
Bronnen:
"De overheid treedt daadkrachtig op tegen alle vormen van discriminatie op basis van (vermeende) afkomst, etniciteit, seksuele geaardheid, gender, religie of levensovertuiging, handicap, leeftijd of politieke overtuiging. Dit geldt ook voor discriminatie bij sollicitaties en stages. Publieke instellingen moeten hierin het goede voorbeeld geven met eerlijke, transparante en inclusieve selectie-procedures."
"Daar kunnen geen afspraken mee worden gemaakt, en zeker niet op kosten van de belastingbetaler."
"Patronen van institutionele discriminatie zijn helaas structureel aanwezig bij de overheid en bij de uitvoering van de taken van de overheid. Discriminatie is zichtbaar en onzichtbaar verweven in onze instituten, in hoe we werken, hoe we onderwijs geven en zorg verlenen. Daarom is het tijd dat de landelijke overheid en ook gemeenten en publieke dienstverleners zoals DUO en de Belastingdienst zelf proactief aan de slag gaan om discriminatie tegen te gaan. Dat is ook een van de vele lessen uit het toeslagenschandaal."