Afwijzing sharia in Palestijnse grondwet

De regering moet in diplomatieke gesprekken aangeven dat Nederland geen Palestijns bestuur steunt waarbij de sharia leidend is. De huidige conceptgrondwet van de Palestijnse Autoriteit bevat onwenselijke wetgeving die minderheden kan onderdrukken. Dit beleid staat haaks op de hervormingen die de internationale gemeenschap van de Palestijnse Autoriteit vraagt.

Motie van het lid Ceder over in diplomatieke contacten benadrukken dat Nederland onderdrukking van minderheden middels shariawetgeving niet kan steunen

De kamer, constaterende dat de ontwerpgrondwet van de Palestijnse Autoriteit de sharia benoemt als een primaire bron van wetgeving en nergens enige vorm van co-existentie met Joden voorkomt in de stukken; overwegende dat de internationale gemeenschap verdere hervormingen heeft geëist van de PA en het gepresenteerde voornemen op meerdere onderdelen op gespannen voet staat met deze eis; spreekt uit dat de conceptgrondwet waarin de sharia leidend is voor een Palestijns bestuur onwenselijk is; verzoekt de regering in haar diplomatieke contacten expliciet te benadrukken dat Nederland een politieke richting waarbij de shariawetgeving zo wordt ingericht dat er onderdrukkende mechanismen voor minderheden ontstaan, niet kan steunen en tevens niet verenigbaar acht met de hervormingen zoals de internationale gemeenschap die van de PA verwacht.
16 april | CU |

Partijstandpunten

Verkiezingsprogramma Volt over dit onderwerp

Stemverwachting: tegen (onzeker, 60%)

Waarom voor? De partij stelt zich principieel op tegen schendingen van internationaal recht en onderdrukking [4]. Gezien de motie de sharia associeert met onderdrukkende mechanismen voor minderheden, zou de partij vanuit een mensenrechtenperspectief kritisch kunnen staan tegenover dergelijke beleidsvormen.

Waarom tegen? De partij focust in haar programma primair op de ondersteuning van een democratisch bestuur in Palestina en de tweestatenoplossing [2][1]. Het politiseren van de grondwet via een Nederlandse motie kan worden gezien als inmenging in het zelfbeschikkingsrecht van de Palestijnen, terwijl het programma juist inzet op onmiddellijke erkenning en verkiezingen [3].

Bronnen:

  1. "De ondersteuning van een democratisch bestuur van Palestina. In dit bestuur is geen ruimte voor Hamas." (0.721)
  2. "Nederland zet zich in voor een rechtvaardige en vreedzame oplossing op basis van internationaal recht, met als doel een tweestatenoplossing waarin Palestijnen en Israëli's in veiligheid en met waardigheid kunnen leven:" (0.719)
  3. "De onmiddellijke erkenning van Palestina en zo snel mogelijk daarna door de Verenigde Naties geleide verkiezingen in Palestina." (0.702)
  4. "De EU moet zich verzetten tegen iedere schending van het internationaal recht. De genocide in Gaza, het systeem van discriminatie en onderdrukking van de Palestijnen, de illegale Israëlische nederzettingen in Palestina, maar ook de terreur van organisaties zoals Hamas en Hezbollah, staan hierin nu centraal." (0.691)