23 maart, Wijziging van de Vreemdelingenwet 2000 en enkele andere wetten in verband met de uitvoering en implementatie van het EU-Asiel- en migratiepact 2026 (Uitvoerings- en implementatiewet Asiel- en migratiepact 2026)

Bescherming kinderen bij biometrische controle

De regering moet in de uitvoeringsregelgeving vastleggen dat biometrie bij kinderen alleen mag worden gebruikt als het nodig en evenredig is, zonder dwang en op een kindvriendelijke manier, en dat ambtenaren een verplichte kindgerichte opleiding volgen. Het belang van het kind staat voorop en dwang bij jonge kinderen moet worden voorkomen. ›› 
23 maart | Volt | Verworpen: 40–110 |
Wijziging van de Vreemdelingenwet 2000 en enkele andere wetten in verband met de uitvoering en implementatie van het EU-Asiel- en migratiepact 2026 (Uitvoerings- en implementatiewet Asiel- en migratiepact 2026)
De kamer, constaterende dat de herziene Eurodacverordening de leeftijdsgrens voor biometrische gegevens verlaagt naar zes jaar en dat minderjarigen als uiterste middel aan dwang mogen worden onderworpen; overwegende dat het belang van het kind vooropstaat en dat dwang bij jonge kinderen zo veel mogelijk voorkomen dient te worden; verzoekt de regering in de uitvoeringsregelgeving vast te leggen dat biometrie bij minderjarigen uitsluitend plaatsvindt indien dit noodzakelijk en proportioneel is, zonder dwang en op kindvriendelijke wijze wordt uitgevoerd, en dat betrokken ambtenaren hiervoor een verplichte kindgerichte opleiding hebben gevolgd.

IND vrijmaken voorasielherbeoordeling

De regering moet voldoende aparte capaciteit bij de IND vrijmaken en behouden voor herbeoordeling van asielvergunningen wanneer feiten zijn achtergehouden of wanneer het land van herkomst terugkeer toestaat, en de Kamer hierover informeren. Dit voorkomt dat de druk om achterstanden weg te werken leidt tot te snelle asielbeslissingen. ›› 
23 maart | JA21, SGP | Verworpen: 73–77 |
Wijziging van de Vreemdelingenwet 2000 en enkele andere wetten in verband met de uitvoering en implementatie van het EU-Asiel- en migratiepact 2026 (Uitvoerings- en implementatiewet Asiel- en migratiepact 2026)
De kamer, overwegende dat de IND kampt met grote achterstanden in het verwerken van asielaanvragen, nareisaanvragen en andere zaken terwijl de instroom nog altijd hoog is; overwegende dat het wegwerken van die achterstanden en bijhouden van nieuwe aanvragen kan leiden tot druk op de organisatie om sneller te besluiten, ook als dit leidt tot het makkelijker verlenen van asielvergunningen; overwegende dat het cruciaal is dat de IND voldoende capaciteit houdt voor het herbeoordelen van asielvergunningen indien de omstandigheden in het land van herkomst zijn veranderd; verzoekt de regering: – voldoende aparte capaciteit bij de IND vrij te maken en te houden voor het starten van herbeoordelingsprocedures wanneer relevante feiten zijn achtergehouden of omdat de omstandigheden in landen van herkomst terugkeer mogelijk maken, en de Kamer te informeren over de uitvoering hiervan; – er aanhoudend zorg voor te dragen dat het streven naar het wegwerken van achterstanden en verwerken van nieuwe aanvragen nooit ten koste mag gaan van de zorgvuldigheid van beoordelingen en in geen geval ertoe mag leiden dat eerder en sneller asielvergunningen worden verleend.

Naleving Migratiepact en Dublinprincipes

De regering moet in overleg treden met de Europese Commissie en Italië, Spanje en Griekenland over afspraken voor naleving van het Migratiepact en de Dublinprincipes. Zonder goede grensprocedure en registratie blijven asielzoekers doorreizen naar Noord-Europa, wat de opvangstroom verstoort. ›› 
23 maart | JA21, SGP | Aangenomen: 123–27 |
Wijziging van de Vreemdelingenwet 2000 en enkele andere wetten in verband met de uitvoering en implementatie van het EU-Asiel- en migratiepact 2026 (Uitvoerings- en implementatiewet Asiel- en migratiepact 2026)
De kamer, overwegende dat het overgrote deel van de asielzoekers via een fysieke buitengrens naar de EU komt en niet via een luchthaven; overwegende dat deze landen in het verleden ervoor hebben gekozen om asielzoekers niet te registreren maar door te laten reizen naar Noord-Europa; overwegende dat het solidariteitsmechanisme kan motiveren om Dublin beter na te leven maar nog altijd van belang kan zijn om mensen niet tijdelijk op te vangen; overwegende dat de werking van het Migratiepact afhankelijk is van de bereidheid van andere EU-landen met buitengrenzen om de grensprocedure, eerste screening en registratie succesvol te implementeren; verzoekt de regering: – in overleg te treden met de Europese Commissie en landen met een buitengrens waaronder in ieder geval Italië, Spanje en Griekenland over afspraken over naleving van het pact en specifiek de Dublinprincipes en het toezicht daarop; – indien noodzakelijk daartoe zelf aanvullende maatregelen te nemen en ondersteuning te bieden ter naleving van de regels van het pact; – daarover afspraken te maken en die terug te koppelen aan de Tweede Kamer.

Asielinstroom beperken

De regering moet aanvullende maatregelen voorleggen aan de Tweede Kamer om de instroom van asielzoekers te beperken. Het Nederlandse asielsysteem is nu onhoudbaar. ›› 
23 maart | JA21, SGP | Verworpen: 51–99 |
Wijziging van de Vreemdelingenwet 2000 en enkele andere wetten in verband met de uitvoering en implementatie van het EU-Asiel- en migratiepact 2026 (Uitvoerings- en implementatiewet Asiel- en migratiepact 2026)
De kamer, overwegende dat het urgent en noodzakelijk is om de instroom van asielzoekers naar Nederland drastisch te beperken; overwegende dat de regering zelf ook aangeeft dat het Nederlandse asielsysteem in de huidige vorm onhoudbaar is; overwegende dat onze Europese buurlanden strengere maatregelen treffen; verzoekt de regering, indien de instroom van asielzoekers zes maanden na de invoering van het Asiel- en Migratiepact op 12 juni niet drastisch is gedaald ten opzichte van het gemiddelde van afgelopen twee jaar, aanvullende maatregelen voor te leggen aan de Tweede Kamer om de instroom te beperken.

Start uitzetprogramma tegen illegaliteit

De regering moet een uitzetprogramma starten en wekelijks 800 illegalen uitzetten. Er zijn tienduizenden mensen illegaal in Nederland en het Migratiepact lost dit probleem niet op. ›› 
23 maart | Markusz | Verworpen: 42–108 |
Wijziging van de Vreemdelingenwet 2000 en enkele andere wetten in verband met de uitvoering en implementatie van het EU-Asiel- en migratiepact 2026 (Uitvoerings- en implementatiewet Asiel- en migratiepact 2026)
De kamer, constaterende dat er wekelijks gemiddeld 800 asielaanvragen worden ingediend; constaterende dat er naar schatting tussen de 20.000 en 60.000 mensen illegaal in Nederland verblijven; overwegende dat het Migratiepact het probleem van illegaliteit niet aanpakt noch oplost; verzoekt de regering een uitzetprogramma te starten en wekelijks 800 illegalen uit te zetten, en de Kamer hierover te informeren.

Grenscontrole als in Duitsland

De regering moet de grenscontroles maximaal intensiveren en asielzoekers niet binnen laten. Duitsland laat zien dat strenge grenscontrole de asielstroom kan tegenhouden. ›› 
23 maart | Markusz | Verworpen: 46–104 |
Wijziging van de Vreemdelingenwet 2000 en enkele andere wetten in verband met de uitvoering en implementatie van het EU-Asiel- en migratiepact 2026 (Uitvoerings- en implementatiewet Asiel- en migratiepact 2026)
De kamer, constaterende dat het nieuwe migratiepact de illegale instroom van asielzoekers niet effectief zal terugdringen; overwegende dat Duitsland de grenzen bewaakt en asielzoekers terugstuurt; verzoekt de regering onze grenscontroles maximaal te intensiveren en net als Duitsland asielzoekers niet binnen te laten.

Asielaanvragen buiten de EU behandelen

De regering moet binnen een jaar met gelijkgezinde landen een voorstel maken waarbij asielaanvragen uitsluitend buiten de EU worden behandeld. Zo voorkomen we dat kinderen vooruit worden gestuurd en de grensprocedure wordt ondermijnd. ›› 
23 maart | Markusz | Verworpen: 51–99 |
Wijziging van de Vreemdelingenwet 2000 en enkele andere wetten in verband met de uitvoering en implementatie van het EU-Asiel- en migratiepact 2026 (Uitvoerings- en implementatiewet Asiel- en migratiepact 2026)
De kamer, constaterende dat het Europese Migratiepact alleen voorziet in een grensprocedure voor kansarme aanvragen en dat minderjarigen daarvan zijn uitgezonderd; overwegende dat mensensmokkel hiermee in stand blijft en asielaanvragen en illegale doorreis in Europa blijven plaatsvinden; overwegende dat de kans groot is dat kinderen vooruit worden gestuurd en hiermee de hele functie van de grensprocedure wordt ondermijnd; verzoekt de regering om met gelijkgezinde landen binnen een jaar te komen tot een voorstel waarbij asielaanvragen uitsluitend buiten de EU worden behandeld.

Migratiegrip en quotumoverweging

De regering moet aanvullende maatregelen nemen om de asielstroom te beperken en een quotum met een duidelijke bovengrens overwegen. Het migratiesaldo van Nederland en de EU is structureel te hoog, wat de draagkracht van de samenleving onder druk zet. ›› 
23 maart | SGP, JA21 | Aangenomen: 94–56 |
Wijziging van de Vreemdelingenwet 2000 en enkele andere wetten in verband met de uitvoering en implementatie van het EU-Asiel- en migratiepact 2026 (Uitvoerings- en implementatiewet Asiel- en migratiepact 2026)
De kamer, constaterende dat implementatie van het Asiel- en Migratiepact moet bijdragen aan het krijgen van grip op migratie; overwegende dat het migratiesaldo van Nederland en de Europese Unie op dit moment structureel te hoog is en dat de draagkracht van de samenleving hiermee onder grote druk staat; verzoekt de regering voortdurend te monitoren in hoeverre het pact ook daadwerkelijk bijdraagt aan de beperking van de asielinstroom; verzoekt de regering indien dit tot onvoldoende grip op migratie leidt op EU-niveau zich in te zetten voor het treffen van aanvullende, instroombeperkende maatregelen en de mogelijkheid van een quotum of richtgetal met een duidelijke bovengrens daarbij te betrekken.

Verplicht uitlezen gegevensdragers asielzoekers

De regering moet een wetsvoorstel indienen dat het uitlezen van telefoons en andere gegevensdragers van asielzoekers verplicht stelt en dit beleid direct uitvoeren. Zonder uitlezen lopen we grote veiligheidsrisico's, fraude en misbruik en wordt de terugkeer van asielzoekers tegengehouden. ›› 
23 maart | PVV | Aangenomen: 94–56 |
Wijziging van de Vreemdelingenwet 2000 en enkele andere wetten in verband met de uitvoering en implementatie van het EU-Asiel- en migratiepact 2026 (Uitvoerings- en implementatiewet Asiel- en migratiepact 2026)
De kamer, constaterende dat de identificatie en registratie van asielzoekers niet op orde zijn en dat gegevensdragers van asielzoekers, zoals mobiele telefoons, nog niet worden uitgelezen; overwegende dat het uitlezen van telefoons en andere gegevensdragers essentieel is om reisroutes en identiteiten van asielzoekers te verifiëren; overwegende dat het niet uitlezen van telefoons en andere gegevensdragers van asielzoekers Nederland blootstelt aan enorme veiligheidsrisico’s, fraude, misbruik en dat dit de terugkeer van asielzoekers ernstig belemmert; verzoekt de regering om met spoed een wetsvoorstel naar de Kamer te sturen dat het uitlezen van gegevensdragers bij asielzoekers wettelijk verplicht stelt en dit beleid per direct uit te voeren.

Intrekken verblijfsvergunningen Syriërs

De regering moet onmiddellijk alle verblijfsvergunningen van Syriërs intrekken en ervoor zorgen dat zij direct terugkeren naar Syrië. Deze vergunningen zijn tijdelijk, dus kunnen worden beëindigd. ›› 
23 maart | PVV | Verworpen: 43–107 |
Wijziging van de Vreemdelingenwet 2000 en enkele andere wetten in verband met de uitvoering en implementatie van het EU-Asiel- en migratiepact 2026 (Uitvoerings- en implementatiewet Asiel- en migratiepact 2026)
De kamer, verzoekt de regering onmiddellijk over te gaan tot het intrekken van alle tijdelijke verblijfsvergunningen van Syriërs en ervoor te zorgen dat Syriërs direct terugkeren naar Syrië.

Directe asielstop en grenssluiting

De regering moet een volledige asielstop afkondigen. Een asielstop kost geen geld en stroomt de instroom van asielzoekers naar nul. ›› 
23 maart | PVV | Verworpen: 42–108 |
Wijziging van de Vreemdelingenwet 2000 en enkele andere wetten in verband met de uitvoering en implementatie van het EU-Asiel- en migratiepact 2026 (Uitvoerings- en implementatiewet Asiel- en migratiepact 2026)
De kamer, constaterende dat het Europese Asiel- en Migratiepact een grote flop is en de massale instroom van gelukszoekers niet stopt, maar alleen probeert te verdelen over Europa of af te kopen met ons belastinggeld; van mening dat herverdelen en afkopen capitulatie is aan Brussel en de asielindustrie, terwijl een asielstop gratis is en instroom stopt; verzoekt de regering per direct onze eigen grenzen te sluiten, een volledige asielstop af te kondigen en alle vormen van herverdeling en afkoop in het Europese Asiel- en Migratiepact af te wijzen.

Solidariteitsmechanisme behouden in asielpact

De regering moet zorgen dat het solidariteitsmechanisme dit jaar niet wordt afgekocht. Het Europese asiel- en migratiepact werkt alleen als solidariteit het fundament van het beleid is. ›› 
23 maart | GL-PvdA, Volt |
Wijziging van de Vreemdelingenwet 2000 en enkele andere wetten in verband met de uitvoering en implementatie van het EU-Asiel- en migratiepact 2026 (Uitvoerings- en implementatiewet Asiel- en migratiepact 2026)
De kamer, overwegende dat het Europese Asiel- en Migratiepact alleen kan werken wanneer solidariteit het fundament vormt van beleid; constaterende dat Nederland kiest om het solidariteitsmechanisme af te kopen in 2026; verzoekt de regering alles in het werk te stellen om de uitvoering op orde te brengen zodat het solidariteitsmechanisme dit jaar niet afgekocht wordt.

Kinderrechtentoets voor grensdetentie

De regering moet vóór inwerkingtreding van de wet een kinderrechtentoets uitvoeren. Detentie van kinderen is schadelijk, traumatiserend en strijdig met het Kinderrechtenverdrag. ›› 
23 maart | GL-PvdA, CU, Volt |
Wijziging van de Vreemdelingenwet 2000 en enkele andere wetten in verband met de uitvoering en implementatie van het EU-Asiel- en migratiepact 2026 (Uitvoerings- en implementatiewet Asiel- en migratiepact 2026)
De kamer, constaterende dat de regering ervoor kiest om gezinnen met kinderen in grensdetentie in een aantal gevallen systematisch in grensdetentie te stellen; constaterende dat de detentie van kinderen schadelijk en traumatiserend is en bovendien in strijd is met het Internationaal Verdrag inzake de Rechten van het Kind; overwegende dat onvoldoende is gekeken naar mogelijke alternatieve maatregelen voor detentie van kinderen; verzoekt de regering voorafgaand aan de inwerkingtreding een kinderrechtentoets uit te voeren over deze wet.

Meer eerlijke verdeling van asielopvang in Europa

De regering moet in Europa zorgen dat landoppervlak en bevolkingsdichtheid meetellen bij de verdeling van asielopvang. Nu draagt Nederland, ondanks zijn kleine oppervlak, een te groot deel omdat alleen bbp en inwoneraantal worden meegerekend. ›› 
23 maart | BBB, CU | Aangenomen: 123–27 |
Wijziging van de Vreemdelingenwet 2000 en enkele andere wetten in verband met de uitvoering en implementatie van het EU-Asiel- en migratiepact 2026 (Uitvoerings- en implementatiewet Asiel- en migratiepact 2026)
De kamer, constaterende dat het solidariteitsmechanisme binnen het Migratiepact is gebaseerd op het bruto binnenlands product en het inwonersaantal van een lidstaat; overwegende dat Nederland een relatief hoog bruto binnenlands product heeft en een groot aantal inwoners op een relatief klein oppervlak; overwegende dat dit ertoe leidt dat Nederland naar verhouding een onevenredig aandeel levert in de opvang binnen de solidariteitspool; overwegende dat relevante factoren voor een eerlijke spreiding, zoals landoppervlak en bevolkingsdichtheid, momenteel geen onderdeel uitmaken van dit mechanisme; verzoekt de regering zich er in Europees verband voor in te spannen dat naast het bbp en het inwonersaantal ook landoppervlak en bevolkingsdichtheid in belangrijke mate worden meegewogen in het solidariteitsmechanisme.

EU-asielpact: plan voor naleving bij tekortschieten

De regering moet een plan maken voor het geval andere EU-landen het asiel- en migratiepact niet naleven; als zij structureel tekortschieten en Nederland onevenredig belast wordt, moet zij het pact niet langer blind uitvoeren. Want Nederland draagt nu al onevenredig de lasten wanneer anderen hun verplichtingen niet nakomen. ›› 
23 maart | BBB | Aangenomen: 87–63 |
Wijziging van de Vreemdelingenwet 2000 en enkele andere wetten in verband met de uitvoering en implementatie van het EU-Asiel- en migratiepact 2026 (Uitvoerings- en implementatiewet Asiel- en migratiepact 2026)
De kamer, constaterende dat het EU-Asiel- en Migratiepact alleen kan functioneren als alle lidstaten hun verplichtingen daadwerkelijk nakomen; constaterende dat eerdere Europese afspraken, zoals de Dublinverordening, structureel zijn ondermijnd doordat lidstaten hun verplichtingen niet naleefden, terwijl Nederland zich wel aan de regels hield en daardoor onevenredig werd belast; overwegende dat ook onder het huidige pact afdwinging en sancties ontbreken wanneer lidstaten hun verantwoordelijkheden niet nakomen; overwegende dat het onaanvaardbaar is dat Nederland opnieuw de gevolgen draagt van het falen van andere lidstaten; verzoekt de regering te komen met een plan van aanpak voor het geval andere lidstaten het pact niet of niet volledig naleven, en indien structurele niet-naleving aanhoudt en Nederland daardoor onevenredig wordt belast, niet langer onvoorwaardelijk uitvoering te geven aan het pact.
23 maart, Wet weerbaarheid kritieke entiteiten (36765) en Cyberbeveiligingswet (36764)

Dubbele boetes onder Cbw en Wwke voorkomen

De regering moet ervoor zorgen dat bij dezelfde overtreding onder de Cyberbeveiligingswet (Cbw) en de Wet weerbaarheid kritieke entiteiten (Wwke) slechts één boete wordt opgelegd. Dit voorkomt dubbele sancties voor hetzelfde feit en beschermde belang. ›› 
23 maart | JA21 | Aangenomen: 150–0 |
Regels ter implementatie van Richtlijn (EU) 2022/2555 van het Europees Parlement en de Raad van 14 december 2022 betreffende maatregelen voor een hoog gezamenlijk niveau van cyberbeveiliging in de Unie, tot wijziging van Verordening (EU) nr. 910/2014 en Richtlijn (EU) 2018/1972 en tot intrekking van Richtlijn (EU) 2016/1148 (PbEU 2022, L 333) (Cyberbeveiligingswet)
De kamer, constaterende dat entiteiten die onder zowel de Cyberbeveiligingswet als de Wet weerbaarheid kritieke entiteiten vallen met meerdere bevoegde autoriteiten te maken kunnen krijgen en dat in het dossier is gewezen op het risico van meervoudige beboeting voor hetzelfde feitencomplex; overwegende dat effectieve handhaving niet mag ontaarden in dubbel punitief optreden voor dezelfde feiten en hetzelfde beschermde belang; verzoekt de regering om bij de uitwerking van samenwerkingsafspraken, handhavingsbeleid en lagere regelgeving te borgen dat voor hetzelfde feitencomplex en hetzelfde beschermde belang niet meer dan één punitieve sanctie wordt opgelegd onder de Cbw en de Wwke, en de Kamer vóór de inwerkingtreding te informeren hoe dit is geborgd.

Toezicht op Wwke en leveranciersmaatregelen

De regering moet de Kamer halfjaarlijks vertrouwelijk en geaggregeerd informeren over de toepassing van artikel 34 van de Wet weerbaarheid kritieke entiteiten en over leveranciersmaatregelen, met gegevens over aantallen, sectoren, de aard van het risico en de stand van bezwaar- en beroepsprocedures. Dit laat de Kamer toezicht houden zonder veiligheid of bedrijfsbelangen te schaden. ›› 
23 maart | JA21 | Aangenomen: 149–1 |
Regels ter implementatie van Richtlijn (EU) 2022/2557 van het Europees Parlement en de Raad van 14 december 2022 betreffende de weerbaarheid van kritieke entiteiten en tot intrekking van Richtlijn 2008/114/EG van de Raad (PbEU 2022, L 333) (Wet weerbaarheid kritieke entiteiten)
De kamer, constaterende dat artikel 34 van de Wet weerbaarheid kritieke entiteiten een ruime vertrouwelijkheidsregeling bevat en dat bij of krachtens de Wwke leveranciersmaatregelen kunnen worden getroffen die diep ingrijpen in bedrijfsvoering, eigendom en continuïteit; overwegende dat de Kamer ook op deze onderdelen haar controlerende taak moet kunnen uitoefenen zonder operationele belangen, kwetsbaarheden of veiligheidsbelangen te schaden; verzoekt de regering om de Kamer vanaf de inwerkingtreding van de Wwke halfjaarlijks vertrouwelijk en geaggregeerd te informeren over de toepassing van artikel 34 Wwke in zwaarwegende gevallen en over de toepassing van leveranciersmaatregelen, met in elk geval informatie over aantallen, betrokken sectoren, de algemene aard van het risico en de stand van eventuele bezwaar- en beroepsprocedures.

Harmoniseren van cyberwetten met BIO en ENSIA

De regering moet de Cyberbeveiligingswet en de Wet weerbaarheid kritieke entiteiten zo afstemmen op BIO en ENSIA dat dubbele administratie wordt voorkomen. Dit bespaart capaciteit die nodig is voor echte digitale weerbaarheid van overheidsorganisaties. ›› 
23 maart | JA21 | Aangenomen: 150–0 |
Regels ter implementatie van Richtlijn (EU) 2022/2555 van het Europees Parlement en de Raad van 14 december 2022 betreffende maatregelen voor een hoog gezamenlijk niveau van cyberbeveiliging in de Unie, tot wijziging van Verordening (EU) nr. 910/2014 en Richtlijn (EU) 2018/1972 en tot intrekking van Richtlijn (EU) 2016/1148 (PbEU 2022, L 333) (Cyberbeveiligingswet)
De kamer, constaterende dat voor overheidsorganisaties de uitwerking van de Cyberbeveiligingswet en de Wet weerbaarheid kritieke entiteiten kan samenlopen met de BIO (Baseline Informatiebeveiliging Overheid) en ENSIA (Eenduidige Normatiek Single Information Audit); overwegende dat dubbele verantwoordings-, audit- en bewijsstructuren capaciteit wegnemen die juist nodig is voor feitelijke weerbaarheid; verzoekt de regering om bij de uitwerking van lagere regelgeving, handreikingen en toezichtpraktijk onder de Cyberbeveiligingswet en de Wet weerbaarheid kritieke entiteiten voor overheidsorganisaties expliciet te borgen dat verplichtingen, bewijslasten, auditlogica en verantwoordingsinformatie zo veel mogelijk worden geharmoniseerd met BIO en ENSIA, en de Kamer hierover vóór de inwerkingtreding te informeren.

Coördinatie toezicht onder beide wetten

De regering moet voor organisaties die zowel onder de Cyberbeveiligingswet als onder de Wet weerbaarheid kritieke entiteiten vallen één gecoördineerd dossier, één auditkalender, één herbruikbare bewijsset en één aanspreekpunt hanteren, en dubbele informatieverzoeken alleen toestaan wanneer echt nodig. Dit voorkomt dubbel werk en houdt de focus op echte beveiliging. ›› 
23 maart | JA21 | Aangenomen: 150–0 |
Regels ter implementatie van Richtlijn (EU) 2022/2555 van het Europees Parlement en de Raad van 14 december 2022 betreffende maatregelen voor een hoog gezamenlijk niveau van cyberbeveiliging in de Unie, tot wijziging van Verordening (EU) nr. 910/2014 en Richtlijn (EU) 2018/1972 en tot intrekking van Richtlijn (EU) 2016/1148 (PbEU 2022, L 333) (Cyberbeveiligingswet)
De kamer, constaterende dat entiteiten in de praktijk tegelijk onder de Cyberbeveiligingswet en de Wet weerbaarheid kritieke entiteiten kunnen vallen en daardoor met meerdere bevoegde autoriteiten, audits, informatieverzoeken en bewijssets te maken kunnen krijgen; overwegende dat effectieve weerbaarheid vraagt om zo min mogelijk dubbel werk en dat toezichtlast niet onnodig mag afleiden van feitelijke beveiligings- en weerbaarheidsmaatregelen; verzoekt de regering om voor entiteiten die onder beide wetten vallen uit te werken dat één gecoördineerd dossier, één auditkalender, één zo veel mogelijk herbruikbare bewijsset en één coördinerend aanspreekpunt het uitgangspunt zijn, en dat dubbele informatieverzoeken alleen plaatsvinden indien dat aantoonbaar noodzakelijk is.

Evaluatie en uitbreiding Cyberbeveiligingswet

De regering moet bij de komende evaluatie van de Cyberbeveiligingswet en de Wet weerbaarheid kritieke entiteiten bekijken of de wetten kunnen worden aangepast zodat regels uit lagere regelgeving op wetniveau komen en de wetten ook gelden voor de Caribische delen van het Koninkrijk. Dit is een logisch moment omdat de evaluatie binnen vier tot vijf jaar na inwerkingtreding plaatsvindt. ›› 
23 maart | GL-PvdA |
Regels ter implementatie van Richtlijn (EU) 2022/2555 van het Europees Parlement en de Raad van 14 december 2022 betreffende maatregelen voor een hoog gezamenlijk niveau van cyberbeveiliging in de Unie, tot wijziging van Verordening (EU) nr. 910/2014 en Richtlijn (EU) 2018/1972 en tot intrekking van Richtlijn (EU) 2016/1148 (PbEU 2022, L 333) (Cyberbeveiligingswet)
De kamer, constaterende dat er binnen vier tot vijf jaar na de inwerkingtreding van de Cyberbeveiligingswet en de Wet weerbaarheid kritieke entiteiten een evaluatie wordt gedaan naar de effectiviteit van de wetten; overwegende dat dit een logisch moment is om te bezien of er aanvullende aanpassingen wenselijk en mogelijk zijn, zoals het onderbrengen van zaken uit de lagere regelgeving op het niveau van de wet, en het uitbreiden van de reikwijdte naar de Caribische delen van het Koninkrijk; verzoekt de regering om bij de evaluatie van de Cyberbeveiligingswet en de Wet weerbaarheid kritieke entiteiten te bezien of, en zo ja, hoe, de wetten aangepast kunnen worden zodat verplichtingen uit de lagere regelgeving zo veel mogelijk op het niveau van de wet zijn geregeld en de reikwijdte van de wetten binnen een redelijke termijn wordt uitgebreid naar heel het Koninkrijk.