De regering moet de kosten van niets doen bij klimaatbeleid regelmatig in kaart brengen. Extreme hitte en droogte veroorzaken nu al schade aan de binnenvaart en de landbouw. Zonder actie worden de kosten voor toekomstige generaties te hoog. ››
De regering moet met een alternatief komen voor het Belastingplan van oktober 2026. De huidige vermogenswinstbelasting (belasting op winst uit vermogen) raakt vooral kleine spaarders. De kosten moeten worden gedekt door aanpassingen binnen het bredere vermogensdomein. ››
De regering moet het Belastingplan aanpassen zodat werken meer oplevert. De inkomstenbelasting stijgt nu met 7,8 miljard euro per jaar. Werken moet echter lonen. Er is geen meerderheid in de Kamer voor deze verhoging van de belasting op werkenden. ››
De regering moet samen met de Stichting van de Arbeid een plan maken om werknemersverzekeringen te verbeteren. De WIA moet beter worden op het gebied van preventie en inkomenszekerheid. Ook moet de begeleiding naar werk en het leren van nieuwe vaardigheden worden verbeterd. ››
De regering moet een centrale doorstroomtoets invoeren. Tegelijkertijd moet de regering de wettelijke taken van deze toets aanpassen in een nieuw wetsvoorstel. De huidige toets heeft namelijk functies die niet bij elkaar passen. De toets moet vooral de leerling en de leraar helpen, in plaats van alleen gebruikt te worden voor beoordelingen. ››
De regering moet scholen de ruimte geven om het schooladvies niet verplicht te laten bijstellen. Nu moeten scholen het advies aanpassen als een leerling hoger scoort op een toets. Dit zorgt ervoor dat veel leerlingen op het verkeerde schooltype terechtkomen. Ook de administratieve regels zijn nu te streng. De regering moet de wetgeving hierover opnieuw bekijken. ››
De regering moet de regels voor leerlingvolgsystemen (LVS) wijzigen. Testen moeten laten zien of leerlingen de leerdoelen echt beheersen. Vergelijkingen met klasgenoten mogen niet in schoolrapporten staan. Nu krijgt een deel van de leerlingen altijd het label 'onder gemiddeld', ook als zij de stof goed begrijpen. ››
De regering moet ervoor zorgen dat automatische niveauvoorspellingen voor het voortgezet onderwijs niet zichtbaar zijn vóór groep 7. Vroege labels beïnvloeden de verwachtingen van docenten en ouders. Hierdoor krijgen kinderen minder kansen en blijven verschillen in het onderwijs bestaan. ››
30 september | PRO, D66, PvdD | Aangenomen: 111–39 |
De regering moet het voorstel van Cito voor een breed overgangsdossier meenemen in de doorstroomtoets. Een toets is slechts een momentopname. Voor een goed schooladvies is een combinatie van testresultaten en het oordeel van de leraar nodig. ››
30 september | CDA, D66, JA21 | Aangenomen: 143–7 |
De regering moet de nieuwe doorstroomtoets voldoen laten aan strenge regels voor digitale toegankelijkheid (WCAG-richtlijnen). Elk kind verdient namelijk een gelijke kans op een passend schooladvies. ››
De regering moet landelijke regels maken voor de kwaliteit van schoolexamens. Nu is de kwaliteit per school sterk verschillend. Een diploma moet op iedere school dezelfde waarde en betrouwbaarheid hebben. ››
De regering moet bij de herziening van de kerndoelen de mogelijkheid creëren voor meer concrete en meetbare minimumdoelen. De huidige kerndoelen (de belangrijkste leerdoelen) zijn te vaag. Hierdoor weten leraren niet precies wat leerlingen minimaal moeten kunnen. Duidelijke doelen geven leraren en schoolleiders meer zekerheid over de kennis van leerlingen. ››
30 september | D66, CDA, JA21 | Aangenomen: 147–3 |
De regering moet de wettelijke belemmeringen voor het oprichten van scholen voor speciaal onderwijs wegnemen. De huidige wetgeving maakt het nu te moeilijk om deze scholen te starten. ››
Samenwerkingsverbanden mogen geen kinderen op een school plaatsen als die school dat niet wil. Het is onwenselijk dat scholen onder dwang leerlingen moeten accepteren. ››
De regering moet de overgang naar passend en inclusief onderwijs stoppen of vertragen. Er moet juist meer geld naar het speciaal onderwijs. Het huidige systeem werkt namelijk niet goed voor veel kinderen en de meeste leraren steunen de verandering niet. ››
De regering moet de 2035-doelstelling voor inclusief onderwijs herzien. Het verminderen van leerlingen in het speciaal onderwijs is onhaalbaar door het lerarentekort en de hoge werkdruk. De regering moet eerst een plan maken voor de versterking van het speciaal onderwijs en de ondersteuning op reguliere scholen. Kinderen hebben de rust en expertise van het speciaal onderwijs juist nodig. ››
De regering moet bij het maken van plannen voor inclusief onderwijs precies aangeven welke hulp scholen nodig hebben. Dit is nodig vanwege personeelstekorten en grote klassen. De regering mag de beschikbaarheid van speciaal onderwijs niet beperken, zolang leerlingen nergens anders een goede plek krijgen. ››
De regering moet de samenwerkingsverbanden voor passend onderwijs opheffen. Het geld en de verantwoordelijkheid moeten direct naar scholen en leraren gaan. Het huidige systeem zorgt namelijk voor te veel bureaucratie en onduidelijke regels. Hierdoor blijven steeds meer leerlingen thuis zitten. ››
De regering moet de plannen voor volledig inclusief onderwijs in 2035 stoppen. Het speciaal onderwijs moet blijven bestaan en juist worden versterkt. Veel leerlingen hebben namelijk behoefte aan specialistische begeleiding, structuur en kleinschalig onderwijs. ››