24 juni om 21:20 - Tweeminutendebat Maatschappelijk domein (inclusief Huiselijk geweld, kindermishandeling en geweld in afhankelijkheidsrelaties) (CD 28/5)
De regering moet direct een herstelplan maken voor de jeugdzorg. Volgens de IGJ (Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd) voldoet geen enkele instelling aan de eisen voor veiligheid en goede zorg. Hierdoor krijgen veel kinderen niet de hulp die ze nodig hebben. De overheid moet actie ondernemen om de kwaliteit en de veiligheid in de jeugdzorg snel te herstellen. ››
De regering moet de aanpak van Filomena landelijk beschikbaar maken. Filomena helpt bij ernstig huiselijk geweld, stalking en femicide (het doden van vrouwen). Deze aanpak werkt bewezen goed en biedt snelle hulp, maar is nu nog niet in heel Nederland beschikbaar. ››
De regering moet deelname aan kwaliteitsregistraties verplichten via de Wet kwaliteitsregistraties zorg. Nu is informatie over zorgkwaliteit niet duidelijk genoeg voor patiënten. De afspraak om 50% van de ziektelast (de impact van ziekten) transparant te maken is niet gehaald; in 2026 is dat slechts 11,5%. De regering moet deze informatie openbaar, begrijpelijk en vergelijkbaar maken. ››
De regering moet samen met het bedrijfsleven een plan maken om te investeren in digitale zorgtechnologie. De samenwerking tussen de overheid en bedrijven is nu te beperkt, waardoor Nederland belangrijke technologische kansen mist. Publiek geld kan worden ingezet om ook investeringen van bedrijven aan te trekken, bijvoorbeeld via Invest-NL (een investeringsfonds). ››
De regering moet in de digitale zorgagenda vaststellen welke digitale zorgtoepassingen klaar zijn voor landelijk gebruik en hoe de uitrol hiervan sneller kan. Nu blijven veel nieuwe technieken steken in testfases. Hierdoor worden personeelstekorten niet aangepakt en blijft de administratieve druk in de zorg te hoog. ››
De regering moet snel een landelijke regeling maken voor het delen van medische gegevens bij spoedzorg. Nu hebben ambulancezorgverleners in noodsituaties vaak geen toegang tot belangrijke informatie. Een landelijke regeling binnen de EHDS (het Europese systeem voor gezondheidsgegevens) kan levens redden. ››
De regering moet de Kamer regelmatig informeren over de kosten van de EHDS (European Health Data Space, een Europees systeem voor het uitwisselen van gezondheidsgegevens). Zo kan de Kamer controleren of de uitgaven nog kloppen met de eerdere verwachtingen. ››
De regering mag geen doorbrekingsmechanisme opnemen in de nationale regeling voor de EHDS (een Europese regeling voor het delen van medische gegevens). Burgers moeten zelf de controle houden over hun medische gegevens. Als iemand kiest voor een opt-out (de mogelijkheid om nee te zeggen tegen het delen van gegevens), moet deze keuze ook echt absoluut zijn. ››
De regering moet onderzoeken hoe zorgaanbieders, zorgkantoren en zorgverzekeraars meer ruimte krijgen voor de aanschaf van innovatieve hulpmiddelen. De huidige regels voor de financiering van de zorg zijn te star. Hierdoor wordt belangrijke technologische vooruitgang in de zorg tegengehouden. ››
De regering moet onderzoeken of de deelname aan het bevolkingsonderzoek baarmoederhalskanker is gedaald na de hack. Als het vertrouwen of de deelname lager is, moet de regering maatregelen nemen. Het vroegtijdig opsporen van baarmoederhalskanker is namelijk erg belangrijk voor de gezondheid van vrouwen. ››
De regering moet samen met BVO NL (de organisatie voor het bevolkingsonderzoek naar baarmoederhalskanker) het vertrouwen in de controles herstellen. Een recente datahack zorgt voor zorgen over privacy en een lagere deelname. Dit is gevaarlijk, want vroege opsporing is essentieel om baarmoederhalskanker te voorkomen. ››
De regering moet onderzoeken hoe zorggegevens in nieuwe ICT-projecten beter gedeeld kunnen worden. Gegevens verspreid opslaan is veiliger dan alles op één centrale plek bewaren. Zo krijgen zorgverleners alleen de informatie die ze echt nodig hebben, na toestemming van de patiënt. ››
De regering moet voor eind 2026 een centrale opt-outregeling voor het delen van zorggegevens uitwerken. Met een opt-outregeling bepalen patiënten zelf dat hun gegevens niet gedeeld mogen worden. Dit geeft patiënten meer controle over hun eigen gegevens. Ook zorgt het voor minder administratief werk en minder juridische problemen bij zorgverleners. ››
De regering moet zorgen dat zorgverleners beter leren omgaan met verschillende culturen. Dit moet gebeuren via opleidingen, kwaliteitseisen en het toezicht op de zorg. Ouderen en patiënten ervaren nu namelijk discriminatie door hun afkomst, taal of religie. Iedereen heeft recht op veilige en passende zorg. ››
De regering moet samen met gemeenten zorgen voor een minimumaanbod aan respijtzorg en logeeropvang. Mantelzorgers zijn onmisbaar in de zorg, maar raken vaak overbelast. Er is te weinig tijdelijke hulp beschikbaar, zoals respijtzorg (vervangende zorg voor een korte tijd) of logeeropvang (een plek waar iemand kan slapen). ››
De regering moet samen met gemeenten en zorgaanbieders plannen maken voor dementiezorg die rekening houdt met iemands cultuur. Ouderen met een migratieachtergrond krijgen nu vaak te laat de juiste zorg. Deze aanpak helpt om signalen van dementie sneller te herkennen en de juiste hulp te bieden. ››
De regering moet zorgen dat ouderen met dementie en hun naasten tijdig passende begeleiding krijgen. Dit kan door te onderzoeken waar het casemanagement dementie tekortschiet. Casemanagement is erg belangrijk voor vroege ondersteuning, maar nu krijgt niet iedereen hier tijdig toegang tot. ››
De regering moet een stappenplan maken om de seksuele gezondheid van ouderen te verbeteren. Het aantal soa’s (seksueel overdraagbare aandoeningen) onder ouderen stijgt en de risico's worden vaak onderschat. Ook kunnen zorgverleners het gesprek over seksualiteit met ouderen vaak niet goed voeren. Betere voorlichting en ondersteuning helpen om soa's te voorkomen. ››
De regering moet een escalatieladder maken voor zorgafspraken, zoals het IZA (Integraal Zorgakkoord) en HLO (Hoofdlijnenakkoorden). Afspraken tussen partijen zoals gemeenten en verzekeraars leveren nu te weinig resultaat op voor ouderen en mantelzorgers. Een escalatieladder maakt duidelijk welke stappen de minister kan zetten als partijen de gemaakte afspraken niet nakomen. ››
De regering moet een openbaar dashboard sturen met de voortgang van de zorgafspraken, zoals het Integraal Zorgakkoord (IZA). Nu is het onduidelijk of plannen voor bijvoorbeeld ouderenzorg echt worden uitgevoerd. Een dashboard geeft de Kamer direct inzicht in de status van deze plannen, wie de verantwoordelijke is en waar het misgaat. ››