30 juni om 17:45 - Regels met betrekking tot de handhaving in de sociale zekerheid om meer passend handhaven mogelijk te maken (Wet handhaving sociale zekerheid) (36785) antwoord 1e termijn + rest
De regering moet garanderen dat er bij opzettelijke fraude met belastinggeld altijd een zware straf volgt. Bewuste fraude tast namelijk het vertrouwen in de sociale zekerheid aan. ››
De regering moet voorkomen dat kindregelingen naar andere EU-landen worden gestuurd. De regering moet ook in Europa lobbyen voor nieuwe regels. Nu geldt het woonlandbeginsel — het recht op regelingen van het land waar je woont — niet voor kinderen. Hierdoor worden kindregelingen ongewenst naar het buitenland verplaatst. ››
De regering moet het recht op persoonlijk contact in de wet opnemen. Fouten voorkomen is namelijk menselijker en effectiever dan ze achteraf moeten corrigeren. ››
De regering moet de grens verhogen voor wanneer mensen een fout in hun uitkering zelf moeten opmerken. In de Wet handhaving sociale zekerheid staat nu dat mensen een fout moeten melden als hun uitkering 20% te hoog is. Veel mensen kunnen dit echter niet goed zelf zien. De regering moet daarom een hogere grens gebruiken en wetenschappelijke kennis gebruiken over hoe mensen denken en handelen. ››
De regering moet onderzoeken hoe bestuursorganen de 'verwijtbaarheid' (de mate waarin iemand iets fout doet) toepassen bij maatregelen of waarschuwingen. Dit is nodig om te zien of persoonlijke omstandigheden en het doenvermogen (wat iemand kan) goed worden meegewogen. Dit beschermt mensen met een verstandelijke beperking of psychische kwetsbaarheid tegen ongelijkheid. ››
De regering moet controleren of overheidsinstanties goed kijken of het terugvragen van geld wel eerlijk is. Dit moet binnen twee jaar gebeuren. Een goede controle is nodig voor de rechtszekerheid van burgers: zij moeten weten waar ze aan toe zijn. Ook moet de regering kijken of de verschillende instanties op dezelfde manier werken. ››
De regering moet altijd achter militairen staan, ook als de gevolgen van hun werk slechter zijn dan gepland. De verantwoordelijkheid voor de risico's van hun inzet mag namelijk niet bij de militair zelf liggen. ››
De regering moet de uitvoering van de aanbevelingen van de commissie-Sorgdrager laten controleren door een onafhankelijke instantie, zoals de Inspectie Overheidsinformatie en Erfgoed. Ook moet de Kamer de resultaten krijgen. Dit herstelt het vertrouwen. Defensie heeft namelijk fouten gemaakt bij de wapeninzet in Hawija en de informatievoorziening. ››
De regering moet wachten met het doen van vrijwillige betalingen (ex-gratia) aan de slachtoffers van de luchtaanval in Hawija. Er is in het oorlogsrecht geen algemene regel die de staat verplicht om schade bij militaire acties te vergoeden. Als de overheid nu wel betaalt, kan dit ervoor zorgen dat de overheid in de toekomst bij elk soort militaire schade verplicht moet betalen. ››
De regering moet de Kamer regelmatig informeren over de adviezen van de commissies Sorgdrager en Brouwer. Deze commissies deden onderzoek naar de aanval op Hawija en de omgang met burgerslachtoffers. De Kamer moet weten of de adviezen echt worden uitgevoerd. Zo kan de Kamer de regering goed controleren. ››
De regering moet een breed plan maken voor burgerslachtoffers en hun nabestaanden na incidenten tijdens internationale missies. In dit plan moet ook de compensatie (geldelijke vergoeding) worden geregeld. Zo weten slachtoffers precies welke mogelijkheden er zijn en hoe Nederland verantwoordelijkheid neemt. ››
De regering moet samen met slachtoffers, nabestaanden en lokale organisaties in Hawija uitzoeken hoe extra hulpprojecten moeten worden uitgevoerd. De eerdere hulp en wederopbouw sloot namelijk niet goed genoeg aan bij wat de getroffenen echt nodig hebben. Zo komt de steun terecht bij de mensen die door het bombardement zijn geraakt. ››
De regering moet benadrukken dat Nederlandse militairen rechtmatig handelden bij de luchtaanval bij Hawija. De terroristische organisatie Islamitische Staat (IS) plaatste een bommenfabriek bewust tussen de burgers. De verantwoordelijkheid voor burgerslachtoffers ligt daarom bij IS. ››
De regering moet aan de Kamer uitleggen hoe de lokale gemeenschap heeft meegewerkt aan de 10 miljoen euro voor gemeenschapsprojecten. Zo wordt duidelijk hoe de lokale mensen deze projecten ervaren. ››
De regering moet een fonds oprichten voor burgerslachtoffers van Nederlandse geweldsinzet. Deze slachtoffers moeten een financiële tegemoetkoming krijgen op basis van duidelijke regels. ››
De regering moet duidelijk maken hoeveel geld er naar de organisatie van de zorg gaat en hoeveel geld er direct naar de zorg gaat. In het jaarverslag is nu niet te zien wat de kosten 'aan' de zorg (organisatie) versus 'in' de zorg (directe hulp) zijn. Dit is nodig om te voorkomen dat bezuinigingen de mensen die in de zorg werken raken. ››
De regering moet afzien van preventiebeleid dat de vrije keuze van Nederlanders beperkt. Preventiebeleid moet mensen alleen informeren. Het mag niet leiden tot betutteling of het sturen van gedrag via campagnes, subsidies of het aanbod van producten. ››
De regering moet geen nieuwe wetten op het gebied van VWS (Volksgezondheid, Welzijn en Sport) naar de Kamer sturen voordat uitvoeringsorganisaties een volledige uitvoeringstoets hebben gedaan. Nieuwe wetten werken namelijk alleen als er vooraf duidelijk is over de uitvoerbaarheid, de hoeveelheid nodig personeel en de gevolgen voor bestaande taken. ››