31 maart, Goedkeuring van het op 21 juni 2019 te Genève tot stand gekomen Verdrag inzake het uitbannen van geweld en intimidatie op de werkvloer (Trb. 2020, 2 en Trb. 2020, 34) (36684)
De regering moet deze zomer concrete plannen presenteren om de RI&E te vereenvoudigen. De RI&E is een verplicht veiligheidsonderzoek op de werkvloer. De huidige regels zijn onnodig ingewikkeld en zorgen voor veel regeldruk. Een simpelere aanpak scheelt ondernemers tijd en geld. ››
De regering moet de Arbowet uitbreiden naar ILO-conventie 190. Deze internationale norm beschermt werknemers tegen geweld en intimidatie op alle werkgerelateerde plekken en momenten. De huidige Arbowet geldt hier niet overal voor, waardoor bescherming ontbreekt bij zaken als woon-werkverkeer en digitale werkcommunicatie. ››
De regering moet de Arbowet (wet veiligheid op het werk) uitbreiden naar ILO-conventie 190. Nu vallen stagiairs, vrijwilligers en werkzoekenden buiten deze bescherming. Iedereen die werkt of studeert verdient een veilige werkvloer zonder geweld en pesten. ››
De regering moet de arbeidseis voor de kinderopvangtoeslag behouden. De regeling stelt ouders in staat werk en zorg te combineren. De toeslag stimuleert daarom betaald werk. Deze voorwaarde is nodig om dat doel te bereiken. ››
De regering moet samen met de kinderopvangbranche kijken hoe de opvangcapaciteit omhoog kan en daar voor de zomer over rapporteren. Bijna gratis kinderopvang leidt tot een forse vraagstijging. De sector kampt nu al met te weinig personeel. Tijdige voorbereiding is nodig voor goede en toegankelijke opvang. ››
De regering moet de uitvoeringskosten in kaart brengen voor het innen van de 4% eigen bijdrage in de kinderopvang. Ouders betalen dit bedrag zelf voor opvang. De huidige inningskosten zijn onduidelijk. Inzicht hierin is nodig om de efficiëntie van de regeling te beoordelen. ››
De regering moet plannen maken om kinderopvang en onderwijs samen te voegen, met de Scenariostudie Vormgeving Kindvoorzieningen als basis. Een gecombineerd publiek stelsel van opvang en scholen helpt kinderen zich beter te ontwikkelen. ››
De regering moet vóór het reces in mei een brief sturen met de planning van de Wet herziening financieringsstelsel kinderopvang. Er is nu onduidelijk wanneer deze wet naar de Tweede Kamer komt. ››
De regering moet per regio in kaart brengen hoeveel basisscholen tussenschoolse opvang aanbieden en tegen welke kosten. Betaald overblijven vormt een financiële drempel voor ouders. Inzicht in het aanbod en de prijzen is nodig om deze drempel te verlagen. ››
De regering moet stoppen met het verhogen van de energiebelasting op gas. Nederland heeft de hoogste belasting op gas van Europa. Veel huishoudens kunnen nog niet overstappen. Zij betalen meer vaste lasten zonder minder te stoken. Dit drijft mensen met lage en middeninkomens in armoede. ››
De minister moet de positie van de Landelijke Cliëntenraad structureel versterken. Deze raad komt op voor mensen met een uitkering. Hun signalen zijn nodig om beleid te verbeteren en problemen bij het UWV, de instantie die uitkeringen regelt, te voorkomen. ››
De Minister moet onderzoeken of de compensatie voor WIA-dagloonfouten (dagloon bij arbeidsongeschiktheid) ook pensioenverliezen dekt. Het UWV corrigeert de administratie niet met terugwerkende kracht. Pensioenfondsen missen daardoor gegevens om uitkeringen aan te passen. De gevolgen voor deelnemers moeten eerst in kaart worden gebracht. ››
De regering moet ervoor zorgen dat werkende Wajongers minimaal het wettelijke minimumloon ontvangen. Wajongers zijn burgers met een arbeidsbeperking. Zij leveren een waardevolle bijdrage aan de maatschappij en werken moet voor hen eerlijk lonen. ››
De regering moet onderzoeken hoe gemeenten en de Belastingdienst gegevens uitwisselen. Hiermee regelt de overheid toeslagen en steun voortaan automatisch. Burgers krijgen nu vaak financiële problemen omdat zij steun niet zelf aanvragen. De overheid heeft de inkomensgegevens al. Geld mag nooit een reden zijn om mensen niet te helpen. ››
De regering moet voorkomen dat lage inkomens er financieel op achteruitgaan door de nieuwe kindregeling. Het kindgebonden budget en de kinderbijslag worden samengevoegd. Dit mag niet leiden tot meer armoede. Lage inkomens krijgen compensatie, bijvoorbeeld via belastingvoordelen. ››
De regering moet mogelijkheden zoeken om verzekeringsartsen flexibel bij het UWV in te zetten. Het UWV kampt met een groot tekort aan artsen voor WIA-beoordelingen (arbeidsongeschiktheid). De helft van de zelfstandige artsen vertrok na de aanpak van schijnzelfstandigheid. Deze experts zijn hard nodig om de begeleiding van langdurig zieke werknemers te garanderen. ››
De regering moet mensen met een uitkering hun UWV-berekening en medische keuring laten controleren. Nu is vaak onduidelijk hoe bedragen tot stand komen. Fouten blijven daardoor lang onzichtbaar. Met open inzicht signaleren mensen problemen eerder. Dit zorgt voor snellere gesprekken en oplossingen. Het UWV moet burgers tijdens het proces betrekken en een helder meldpunt voor fouten inrichten. ››
De regering moet zorgen voor vaste inkomenszekerheid bij ernstige, ongeneeslijke ziekten. Patiënten hebben vrijwel geen kans op herstel. Herkeuringen veroorzaken onnodige stress en financiële onzekerheid. Medische gegevens gaan direct naar keuringsartsen voor de arbeidsongeschiktheidsuitkering (inkomen bij ziekte of letsel). ››
De regering moet stoppen met bezuinigen op arbeidsongeschiktheidsregelingen. Dit zijn uitkeringen voor mensen die door ziekte of letsel niet kunnen werken. Bezuinigen lost de huidige problemen niet op. Het kabinet moet de onderliggende knelpunten direct aanpakken. ››
De regering moet onderzoeken hoe meer werkplekken bij sociaal ontwikkelbedrijven (organisaties die helpen bij werk) en basisbanen bij gemeenten mogelijk zijn. 120.000 mensen vinden nu geen passende baan. Deze banen zijn de oplossing. ››