De regering moet een plan maken om zware criminelen en statushouders uit te zetten via de regeling voor strafonderbreking (het pauzeren van een straf om iemand uit te zetten). Dit is nodig om de veiligheid en de openbare orde te handhaven. Ook de belangen van slachtoffers moeten worden meegenomen. ››
De regering moet zorgen dat de IND mensen met een lopende asielaanvraag informeert over het nieuwe Migratiepact. Dit moet uiterlijk 12 december 2026 gebeuren. De informatie moet duidelijk maken hoe lang de procedure duurt en waar mensen terechtkunnen. De huidige onduidelijkheid over dit pact zorgt namelijk voor onrust op de opvanglocaties. ››
De regering moet rekening houden met de schaal en voorzieningen van kleine en landelijke gemeenten bij de Spreidingswet (de wet voor de spreiding van asielzoekers). De gevolgen van asielopvang zijn daar groter door beperkte politie, zorg en woningen. De regering mag niet verder escaleren als de veiligheid en basisvoorzieningen niet gegarandeerd kunnen worden. ››
De regering moet onderzoeken of de eigen bijdrage voor werkende asielzoekers moet veranderen. De huidige bijdrage is namelijk veel lager dan de werkelijke kosten voor de opvang in een asielzoekerscentrum (AZC). ››
De regering moet de wetten aanpassen zodat de IND (Immigratie- en Naturalisatiedienst) meer AI (kunstmatige intelligentie) kan gebruiken. De techniek ontwikkelt zich sneller dan de organisatie kan bijhouden. Verantwoorde AI zorgt voor snellere en efficiëntere besluitvorming. ››
De regering moet Arriva-boa’s (beveiligers met opsporingsbevoegdheid) meer mogelijkheden geven om de identiteit van verdachten snel te controleren. Dit is nodig voor de veiligheid van reizigers en medewerkers. Ook moeten asielzoekers die drie keer zwartrijden een reisverbod krijgen. ››
De regering moet onderzoeken of gezinshereniging voor alleenstaande minderjarige vreemdelingen (amv's) in een ander land kan plaatsvinden, zoals in Noorwegen. Kinderen reizen nu via gevaarlijke routes naar Nederland om later hun familie te laten overkomen. Dit zorgt voor gevaarlijke reizen en scheiding tussen ouders en kinderen. ››
7 oktober | JA21, Keijzer, SGP | Aangenomen: 120–30 |
De regering moet het nieuwe landenbeleid voor Syrië versnellen naar voorbeeld van het Oekraïense beleid. Het terugsturen van Syrische asielzoekers en statushouders moet prioriteit krijgen. De regering moet de tijdelijke verblijfsvergunningen van Syrische statushouders direct herbeoordelen. ››
De regering moet direct extra maatregelen nemen om de instroom van asielzoekers te beperken. Het COA (Centraal Orgaan opvang asielzoekers) heeft namelijk een groot tekort aan opvangplekken. De asielketen staat onder grote druk doordat Nederland de asielaanvragen van 140.000 Oekraïners opnieuw moet behandelen. ››
Het kabinet moet bij de Europese Unie aandringen op een plan om fossiele energie uit te faseren. De EU moet een gezamenlijke koers varen om de klimaattop (COP31) tot een succes te maken. ››
De regering moet de regels voor gratis emissierechten in het Europese emissiehandelssysteem heroverwegen. Bedrijven moeten hun rechten behouden als zij niet kunnen investeren in duurzaamheid door een gebrek aan energie- of CO2-infrastructuur. De huidige regels maken bedrijven internationaal minder concurrerend en zorgen voor extra kosten zonder extra klimaatwinst. ››
De regering moet alle correspondentie en gesprekken met de Europese Commissie over de DAEB-constructie bij de kinderopvang delen. De Kamer moet weten wat de Europese Commissie precies heeft gezegd over staatssteun. Dit is nodig om te bepalen of het nieuwe financieringsstelsel voor de kinderopvang wel mag volgens de Europese regels. ››
De regering moet onderzoeken hoe de arbeidseis in het nieuwe stelsel voor kinderopvang kan worden aangescherpt. De huidige eis van minimaal één uur werken of studeren maakt te weinig onderscheid tussen ouders die weinig werken en ouders die veel werken. Een strengere eis sluit beter aan bij het werkelijke aantal uren en helpt mensen om meer te gaan werken. ››
De regering moet ruimere regels maken voor de ''redelijke winst' in de kinderopvang. Kinderopvangorganisaties moeten namelijk genoeg geld verdienen om te kunnen investeren in kwaliteit, personeel en meer opvangplekken. ››
De regering moet samen met de sector kijken hoe kennisontwikkeling en innovatie in de kinderopvang beter geregeld kunnen worden. Betere scholing van professionals zorgt voor een hogere kwaliteit van de opvang. Nu is dit nog niet structureel vastgelegd. ››
De regering moet de regels in de Wet kinderopvang uiterlijk in 2028 verruimen. Hierdoor krijgen gemeenten meer ruimte om de kosten voor kinderopvang aan ouders te vergoeden. Dit is nodig om de verschillen met België in Zeeuws-Vlaanderen te verkleinen. Een pilot om dit eerder te doen is ook mogelijk. ››
De regering moet een impactanalyse maken van het nieuwe financieringsstelsel, met en zonder DAEB (studieleningen). Alleen een volledige analyse laat zien wat de gevolgen zijn van verschillende opties. ››
De regering moet voorbereidende stappen zetten voor een nieuwe kindregeling. Dit kan bijvoorbeeld door een geboorte-uitkering en een onlinegezinsportaal in te voeren. Dit zorgt voor een eenduidig wettelijk kader, vergelijkbaar met het Vlaamse Groeipakket. De regering moet de uitwerking hiervan voor het einde van het jaar aan de Kamer presenteren. ››
De regering moet voorkomen dat de armste gezinnen er op achteruitgaan bij de nieuwe regelingen voor kinderopvang. Met een vergoedingspercentage van 95,6% betalen ouders met een laag inkomen namelijk meer dan in het huidige stelsel. ››
De regering moet artikel 1.13 van de Wet kinderopvang voor 2028 schrappen. Zo kunnen gemeenten gezinnen met lage inkomens al eerder helpen met de kosten voor de kinderopvang. ››