[De kamer,
constaterende dat de Kamer al sinds 2021 vraagt om een verbod op
drijfmiddelen die pijn of stress veroorzaken zodat deze dierenmishandeling wordt gestopt;
constaterende dat de toenmalige Minister van Landbouw in juni 2024 een
verbod op stroomstootapparatuur bij het transport van dieren bijna
helemaal af had;
constaterende dat de huidige Minister van LVVN dit verbod aanvankelijk
niet wilde invoeren, en dat een meerderheid van de Kamer in september
2024 heeft afgedwongen dat dat verbod moest worden doorgezet;
constaterende dat de Kamer vroeg alles op alles te zetten om te zorgen
dat het verbod op 1 juli 2025 van kracht kon worden, maar dat de Minister
verschillende onnodige vertragingen heeft veroorzaakt;
constaterende dat recent duidelijk werd dat het verbod mogelijk nog
verder vertraagd zou worden, waardoor een meerderheid van de Kamer
de Minister opnieuw tot actie moest bewegen;
keurt de handelwijze van de Minister van LVVN af.] ››
Verworpen op 9 december: 56 - 94
Volt
GL-PVDA
PvdD
DENK
D66
SP
BBB
VVD
SGP
FVD
CU
CDA
JA21
50PLUS
PVV
2 december, Tweeminutendebat Transportraad d.d. 4 december 2025 (21501-33-1169)
[De kamer,
constaterende dat lidstaten zoals Duitsland en Italië zich openlijk verweren
tegen het verbod op nieuwe brandstofauto’s in 2035;
overwegende dat dit verbod schade toebrengt aan de economie in
Nederland en in Europa;
verzoekt de regering om in de Transportraad tegen het verbod op nieuwe
brandstofauto’s in 2035 te pleiten.] ››
[De kamer,
constaterende dat de Europese Commissie in het gepresenteerde MFK
2028–2034 fors meer geld heeft uitgetrokken voor internationale (militaire)
mobiliteit en dat de Europese Commissie een annex aan het CEF-voorstel
heeft toegevoegd waarin de lijn Groningen-Oldenburg wordt genoemd;
overwegende dat er geen Europese medefinanciering komt voor de
Lelylijn zolang er nationaal geen voldoende financiële middelen worden
gereserveerd en hierdoor het risico bestaat dat potentiële Europese
middelen uit beeld raken;
verzoekt de regering om in Europees verband te blijven inzetten op het
verbreden van de verbinding Groningen-Oldenburg naar AmsterdamGroningen-Oldenburg en om bij het Masterplan Lelylijn ook nadrukkelijk
de verbinding naar Duitsland te betrekken, en de Kamer voor de begrotingsbehandeling IenW over de vervolgstappen te informeren.] ››
[De kamer,
constaterende dat toegang tot snel en betaalbaar internet een voorwaarde
is om mee te doen aan de digitale samenleving;
spreekt uit dat internet een basisbehoefte is;
verzoekt de regering om in gesprek met maatschappelijke organisaties,
ervaringsdeskundigen en telecombedrijven vast te stellen wat er nodig is
om internet als een basisbehoefte te behandelen, waar iedereen recht op
heeft.] ››
Verworpen op 9 december: 70 - 80
GL-PVDA
JA21
CU
DENK
PvdD
50PLUS
D66
Volt
SP
SGP
BBB
PVV
CDA
FVD
VVD
2 december, Tweeminutendebat Telecomraad d.d. 5 december (21501-33-1165)
[De kamer,
overwegende dat het Draghirapport oproept tot een andere, meer
werkbare aanpak van Europese wetgeving om de concurrentiekracht en
arbeidsproductiviteit te versterken;
overwegende dat er nu enkele Omnibusvoorstellen zijn gedaan om
bestaande regels te verbeteren en te verlichten, maar dat er tegelijk
alweer nieuwe digitale wetgeving in voorbereiding is;
verzoekt de regering om in Europa te pleiten voor een pas op de plaats bij
nieuwe digitale wetten totdat het Omnibusproces en de Digital Fitness
Check zijn afgerond.] ››
[De kamer,
overwegende dat de Kamer met eerdere moties van Vermeer en Martens/
Vermeer heeft aangegeven dat Europese digitale regels duidelijker en
beter uitvoerbaar moeten worden;
overwegende dat de Europese Commissie met de Digitale Omnibus en de
Digital Fitness Check een richting inslaat die hier beter bij past dan een
non-paper van het kabinet;
verzoekt de regering om deze lijn van de Digitale Omnibus volledig te
steunen, deze verder te versterken, bijvoorbeeld door de voorgestelde
«stop-the-clock» in de AI Act te verduidelijken en uit te breiden, en in de
Digital Fitness Check te pleiten voor verdere verbeteringen van digitale
regels.] ››
[De kamer,
constaterende dat de verplichtingen die voortvloeien uit de AI Act enorme
administratieve lasten meebrengen die disproportioneel zwaar wegen
voor kleinere bedrijven;
constaterende dat met name deze bedrijven voor innovatie zorgen;
constaterende dat deze verplichtingen significant zwaarder wegen voor
AI-modellen die aangemerkt worden als «high-risk» onder artikel 6 van de
AI Act;
constaterende dat de drempel voor deze classificatie buitengewoon laag
is;
constaterende dat de Digitale Omnibus slechts een klein deel van de
administratiedruk verlicht, maar de drempel voor high-riskclassificatie in
artikel 6 ongewijzigd laat;
overwegende dat bedrijven in de Verenigde Staten niet onderworpen
worden aan dergelijke verplichtingen;
overwegende dat het van belang is een level playing field te creëren om
de concurrentiepositie van Europese bedrijven te bestendigen;
verzoekt de Minister om in het kader van de Digitale Omnibus bij de
Telecomraad van 5 december te pleiten voor een versoepeling van artikel
6 van de AI Act ten behoeve van het verhogen van de drempel voor
high-riskclassificatie.] ››
[De kamer,
overwegende dat de Digitale Omnibus beoogt digitale regelgeving te
versoepelen en vereenvoudigen;
constaterende dat de GDPR op dit moment niet toestaat openbaar
beschikbare data vrijelijk te gebruiken voor modeltraining, maar dat dit
enkel is toegestaan als er sprake is van «legitiem belang»;
constaterende dat «legitiem belang» op dit moment niet duidelijk wordt
gedefinieerd binnen de GDPR en dat dit voor onzekerheid zorgt in het
kader van machine learning training;
constaterende dat in de Digitale Omnibus geen voorstel wordt gedaan tot
het verduidelijken van de GDPR op dit punt;
verzoekt de Minister om in het kader van de Digitale Omnibus bij de
Telecomraad van 5 december te pleiten voor het opnemen van een
expliciete rechtsgrond binnen de GDPR die het trainen van AI-modellen
met openbaar beschikbare data rechtmatig en rechtszeker maakt.] ››
[De kamer,
constaterende dat de Europese Commissie voornemens is om privacy en
AI-wetgeving te versimpelen in een zogenoemde «Digitale Omnibus»;
overwegende dat het verzwakken van bescherming van burgers en
veiligheidsstandaarden voor AI vooral in het belang van Amerikaanse
techgiganten is en niet van de burgers en Europese bedrijven waar
Nederland voor op hoort te komen;
overwegende dat het legaliseren van de praktijken van Amerikaanse
techgiganten om zonder toestemming data van Europese burgers te
verzamelen om AI te trainen, zoals al is geprobeerd op WhatsApp,
LinkedIn en Instagram, vooral deze bedrijven bevoordeelt;
verzoekt de regering om in Europees verband kenbaar te maken dat
Nederland met betrekking tot de Digitale Omnibus in ieder geval de
volgende voorwaarden stelt, namelijk:
– dat is vastgesteld dat grondrechten van burgers op een gelijk niveau
beschermd blijven;
– dat techbedrijven nooit zonder toestemming Europese burgerdata
mogen verzamelen om AI-modellen te trainen.] ››
[De kamer,
overwegende dat Solvinity, leverancier van ICT-diensten van onder andere
DigiD, ministeries en de rechtsketen, op het punt staat overgenomen te
worden door een Amerikaanse partij;
overwegende dat de Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en
Koninkrijksrelaties reeds heeft uitgesproken dat DigiD Nederlands blijft,
wat zowel de software als infrastructuur behelst;
verzoekt de regering om de servers, opslag en de beveiliging van DigiD en
andere diensten die draaien op Solvinity bij voorkeur in Nederlandse en
anders in Europese handen te houden.] ››
[De kamer,
overwegende dat de Algemene verordening gegevensbescherming (AVG)
oorspronkelijk uitging van een risicogebaseerde benadering, maar dat
toezichthouders in de praktijk steeds meer richting een zogeheten
«zero-riskbenadering» zijn opgeschoven;
overwegende dat een aanzienlijk deel van de knelpunten rondom de
toepassing van de AVG voor het bedrijfsleven, verenigingen en individuen
voortvloeit uit deze verschuiving en dat dit kan worden ondervangen door
het expliciet verankeren van verschillende sociaaleconomische belangen
in de opdracht van de toezichthouder, zoals reeds in andere regelgevingsprocessen worden meegewogen;
verzoekt de regering om zich bij vervolggesprekken in Europees verband
over zowel de Omnibuswetgeving als de Digital Fitness Check expliciet in
te zetten voor het vereenvoudigen van de AVG en daarbij nadrukkelijk oog
te hebben voor de risicogebaseerde benadering in artikel 5 AVG en het
meewegen van sociaaleconomische belangen en innovatie door toezichthouders in artikel 51 AVG, en de Kamer over de uitkomsten te informeren.] ››