De regering moet voor Prinsjesdag 2026 een concreet plan maken om de hoge brandstofprijzen structureel aan te pakken, bijvoorbeeld met een prijscap voor brandstof en flexibelere accijnzen. Hoge brandstofkosten wegen zwaar op huishoudens. ››
De regering moet op korte termijn onderzoeken of en hoe de prijstransparantie bij benzinepompen op een kostenneutrale manier kan worden vergroot. Consumenten betalen nu structureel te veel aan de pomp omdat olieprijsschommelingen langzaam in de benzineprijs doorslaan, en hoge brandstofkosten zorgen voor brede zorgen. ››
De regering moet het definitief onklaar maken van gasputten in Groningen tijdelijk opschorten. Nederland heeft geen gasnoodreserve en de huidige geopolitieke situatie maakt dat nodig om de gasvoorziening te waarborgen. ››
De regering moet met transport en logistiek, voedselproducenten, supermarkten en werknemersorganisaties in gesprek gaan over een manier om hoge boodschappenprijzen te voorkomen. De prijzen van boodschappen zijn de afgelopen jaren sterk gestegen voor veel huishoudens. ››
De regering moet onderzoeken of de staat extra btw-inkomsten krijgt door hoge brandstofprijzen en of dat geld kan worden gebruikt om de accijns op brandstof te verlagen. Lagere accijns maakt brandstof goedkoper, waardoor de prijzen van goederen en boodschappen dalen. ››
De regering moet een nationale aanpak voor een weerbare economie voorstellen. De Nederlandse economie is kwetsbaar voor verstoringen in de mondiale fossiele energievoorziening. ››
De regering moet de vrachtwagenheffing voor onbepaalde tijd uitstellen. De combinatie van de heffing en de sterk gestegen dieselprijs maakt transport duurder, waardoor consumenten meer betalen en Nederlandse bedrijven minder concurrerend kunnen zijn. ››
De regering moet opties aan de Kamer voorleggen om het groeiende brandstofprijsverschil tussen Nederland en België/Duitsland te stoppen. Het prijsverschil wordt groter omdat Nederland de accijns op brandstof elk jaar verhoogt en de buurlanden dat niet doen. ››
De regering moet de voor latere jaren gereserveerde budgetten gebruiken om huishoudens en bedrijven te helpen die getroffen zijn door de crisis in het Midden-Oosten. Kwetsbare huishoudens en sommige sectoren worden hard geraakt door deze crisis, terwijl de budgetten bijvoorbeeld bedoeld zijn voor een accijnskorting op brandstof (lagere belasting op brandstof) en steun bij de elektriciteitsrekening voor bedrijven. ››
De regering moet ervoor zorgen dat het Warmtefonds zijn energiebespaarleningen kan blijven verstrekken. Door de oorlog in het Midden-Oosten zijn de energieprijzen gestegen, waardoor 30-40% meer mensen een lening aanvragen; zonder extra geld stopt het fonds mogelijk in 2027. ››
De regering moet ruim voor de zomer een kabinetsreactie geven op het IEA-rapport en andere maatregelen overwegen om de olievraag te beperken. Het IEA stelt voor om de vraag te beperken, maar zonder actie blijft de olievraag hoog. ››
De regering moet de toeslagen, lastenverlichting op arbeid, gerichte energiesteun en een gerichte tegemoetkoming voor energie-intensief mkb (midden- en kleinbedrijf) meenemen bij het onderzoeken en uitwerken van maatregelen tegen stijgende prijzen. Dit helpt de koopkrachtschade voor kwetsbare huishoudens, energie-intensieve bedrijven en de werkende middenklasse gericht te dempen. ››
De regering moet in Europa pleiten voor een nieuwe solidariteitsbijdrage voor fossiele energiebedrijven en daarbij in Nederland de juridische voorbereiding treffen. Een dergelijke belasting vangt de uitzonderlijke winsten op die bedrijven maken door onverwachte marktveranderingen en werkt alleen rechtvaardig als alle EU-landen samen optrekken. ››
De regering moet het Nationaal Isolatie Offensief versneld, breder en toegankelijk uitvoeren. Zo krijgen kwetsbare huishoudens in heel Nederland betere ondersteuning. ››
De regering moet met spoed een voorstel uitwerken om de maximumsnelheid op snelwegen te verlagen. Een lagere snelheid leidt tot minder brandstofverbruik, schonere lucht, minder geluidsoverlast en minder verkeersslachtoffers. ››
De regering moet onderzoeken of de overwinsten van oliebedrijven gebruikt kunnen worden voor tijdelijke gerichte steun aan kwetsbare huishoudens. Dit zou hen helpen hun energiekosten te betalen. ››
De regering moet bij het verstrekken van subsidies onder VEKI, NIKI en SDE++ een voorwaarde opnemen dat bedrijven de energiebesparingsplicht nakomen. Nu wordt de energiebesparingsplicht vaak niet nageleefd, waardoor bedrijven onnodig veel energie verbruiken. ››