De regering moet voor de herfstvakantie een beleidsbrief sturen over de toekomst van arbeidsmigratie en de economische structuur van Nederland. De hoeveelheid migranten die naar Nederland komen, hangt namelijk samen met de keuzes die het land maakt. Het rapport van de Staatscommissie Demografische Ontwikkelingen 2050 laat zien dat de economie bepaalt hoeveel migranten er komen. ››
De regering moet een plan maken om misstanden bij arbeidsmigranten in de langdurige zorg aan te pakken. De European Labour Authority (een Europese instantie voor werk) heeft de zorg hiervoor als prioriteit aangewezen. Veel migranten worden namelijk slecht behandeld. Omdat zij een nauwe band hebben met hun werkgever, durven zij misstanden vaak niet te melden. ››
De regering moet in de Europese Unie strijden voor een eerlijkere verdeling van het Sociaal Klimaatfonds. Nederland krijgt nu veel te weinig geld uit dit fonds vergeleken met de EU-begroting. Ook moet Nederland niet minder ontvangen dan het zelf bijdraagt via ETS2 (een systeem voor de prijs van CO2-uitstoot). ››
De regering moet niet bezuinigen op de arbeidsongeschiktheidsregelingen (uitkeringen voor mensen die niet kunnen werken). Het verlagen van deze uitkeringen zorgt voor meer armoede. ››
De regering moet de bekendheid en het gebruik van de AIO (aanvullende inkomensvoorziening ouderen) vergroten. Veel ouderen maken geen gebruik van deze regeling, terwijl ze er wel recht op hebben. Hierdoor leven 30% van deze mensen onder het bestaansminimum. ››
De regering moet een praktische route maken voor werkgevers om werknemers met geldzorgen veilig door te verwijzen naar hulp. Een pilot bij de Rijksschoonmaakorganisatie laat zien dat dit kan. Veel werkenden met financiële problemen worden te laat geholpen, terwijl signalen zoals loonbeslag vaak wel zichtbaar zijn. ››
De regering moet met banken onderzoeken hoe zij klanten eerder kunnen wijzen op hulp bij geldzorgen. Banken zien betalingsproblemen namelijk vaak al voordat mensen zelf om hulp vragen. Door eerder hulp aan te bieden, bijvoorbeeld via de gemeente, kunnen grote schulden worden voorkomen. ››
De regering moet mensen met ervaring met armoede en schulden structureel betrekken bij het evalueren van het beleid. Dit maakt het beleid effectiever en mensgerichter. Mensen die zelf met deze problemen te maken hebben, zien namelijk goed waar de knelpunten zitten in de hulp en de uitvoering van regels. ››
De regering moet onderzoeken hoe schuldhulp op mbo-scholen beter kan worden geregeld. Geldzorgen zorgen voor stress en uitval bij studenten. Hulp op of dicht bij de opleiding helpt om grote schulden in een vroeg stadium te voorkomen. ››
De regering moet onderzoeken hoe een collectief afbetalingsplan (een plan om schulden samen af te betalen) beter kan werken. Dit plan moet de kosten voor schuldeisers regelen, een tijdelijke stop op het innen van schulden mogelijk maken en verplichte deelname onderzoeken. Een goed plan maakt het innen van schulden makkelijker voor zowel de schuldeiser als de schuldenaar. ››
De regering moet onderzoeken hoe zij financiële educatie op scholen door vrijwilligersorganisaties kan stimuleren. Deze organisaties, zoals Humanitas, leren jongeren hoe ze zelf gezond met geld om moeten gaan. ››
De regering moet een wet op de overheidsincasso maken. Nu innen verschillende overheidsinstanties schulden op hun eigen manier. Dit maakt het systeem onnodig ingewikkeld. Een nieuwe wet zorgt voor één eenvoudige regeling voor het innen van geld bij burgers. ››
De regering moet de grens van 75 euro bij het CJIB schrappen. Het CJIB is de instantie die boetes incasseert. Nu is een betalingsregeling alleen mogelijk bij schulden boven dit bedrag. Ook voor kleinere schulden moet het mogelijk zijn om in termijnen te betalen. ››
De regering moet onderzoeken hoe jongvolwassenen van 18 tot 24 jaar beter beschermd kunnen worden tegen schulden. Deze groep maakt veel gebruik van «buy now, pay later»-diensten (waarbij je achteraf betaalt). Hierdoor loopt deze groep een groot risico op betalingsproblemen door het stapelen van veel kleine schulden. ››
De regering moet onderzoeken hoe jongeren beter financieel geïnformeerd kunnen worden, bijvoorbeeld door gesprekken. Schulden onder jongeren nemen namelijk sterk toe. Veel jongeren weten niet wat de financiële gevolgen zijn wanneer ze 18 jaar worden. ››
De regering moet een basisniveau vaststellen voor het schulden- en armoedebeleid van gemeenten. Dit niveau moet gebaseerd zijn op succesvolle regelingen uit de praktijk. Het vastleggen van dit basisniveau mag niet worden gebruikt om te bezuinigen. Nu verschillen de regels per gemeente te veel. Dit heeft grote negatieve gevolgen voor volwassenen en kinderen. ››
De regering moet werken aan een publiek systeem voor bewindvoering (het regelen van iemands financiën). Bij commerciële bewindvoering is er namelijk geen prikkel om mensen weer zelfstandig te laten leven. Ook worden mensen regelmatig slachtoffer van commerciële bewindvoerders. ››
De regering moet de kostendelersnorm afschaffen. Door deze regel krijgen mensen minder financiële steun als ze samenwonen. Dit zorgt ervoor dat mensen niet durven samen te gaan wonen. Dat is een probleem omdat er een groot tekort aan woningen is. ››
De regering moet de dubbele heffingskorting niet afschaffen. Dit is een belastingvoordeel voor werkende koppels. Als deze korting verdwijnt, komen veel mensen in financiële problemen. ››
De regering moet nog dit jaar plannen maken om de landelijke schuldpauzeknop te verbeteren. Deze knop zorgt ervoor dat incasso's tijdelijk worden stopgezet. Dit geeft mensen met schulden de rust om hun financiële situatie te stabiliseren. De regeling moet beter bekend zijn en meer schuldeisers moeten meedoen. ››