De regering moet de accijns (belasting) op benzine en diesel tijdelijk verlagen. Nederland heeft een van de hoogste brandstofprijzen. Een verlaging helpt huishoudens en bedrijven direct. ››
De regering moet stoppen met de plicht om geld uit de vrachtwagenheffing terug te geven voor verduurzaming. Het elektriciteitsnet is op veel plekken vol. Transportondernemers kunnen hun vrachtwagens daarom in de praktijk niet elektrisch maken, maar betalen wel extra lasten. ››
De regering moet snelwegblokkades hard aanpakken. Mensen die de weg blokkeren moeten direct worden verwijderd en streng worden gestraft. Deze blokkades zijn gevaarlijk, hinderen hulpdiensten en ontregelen het land. ››
De regering moet de verdubbeling van de motorrijtuigenbelasting voor campers terugdraaien. Nederland is nu een van de duurste landen van Europa voor camperbezitters. Campers worden vooral gebruikt voor recreatie. ››
De regering moet de lage motorrijtuigenbelasting voor kermisexploitanten behouden. Het kwarttarief moet blijven en mag niet verder omhoog. De kermis is een belangrijk onderdeel van het Nederlandse culturele erfgoed. ››
De regering moet klimaatgeld van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat gebruiken voor het onderhoud van wegen, bruggen en het spoor. De infrastructuur is slecht onderhouden. Goede wegen en spoorwegen zijn noodzakelijk voor de Nederlandse economie en een goede bereikbaarheid. ››
18 mei om 10:00 - Wijziging van de begrotingsstaten van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (XV) voor het jaar 2026 (wijziging samenhangende met de Voorjaarsnota)
De minister moet afspraken maken zodat mensen die van baan wisselden of mantelzorg hebben opgenomen, toch hun compensatie krijgen voor de overstap naar het nieuwe pensioenstelsel. Nu vallen deze mensen soms tussen wal en schip en missen zij hun geld. ››
De regering moet de bezuinigingen van 300 miljoen euro op Sociale Zaken intrekken. Deze bezuinigingen voorkomen een overeenkomst in de polder, het overleg tussen de overheid, werkgevers en vakbonden. ››
De regering moet plannen maken om rijkswerkgelegenheid en zelfstandige bestuursorganen (zbo's: organisaties die onafhankelijk van een ministerie werken) beter over het land te spreiden. Het vestigen van deze diensten buiten de Randstad versterkt de economie en de voorzieningen in de regio's. ››
De regering moet duidelijk maken hoe plannen (strategische agenda's) met de regio's worden gemaakt. Er moet staan wie meewerkt, wanneer het start en welke regio's meedoen. Samenwerking met regio's is nodig om Nederland onafhankelijker te maken op het gebied van energie, schone industrie en voedselzekerheid. ››
De regering moet diplomatieke druk uitoefenen op India om Insiya terug te laten keren. Insiya is in 2016 met geweld ontvoerd en rechterlijke uitspraken worden genegeerd. Dit schendt de mensenrechten en de rechtsstaat. De zaak moet onderdeel worden van de strategische samenwerking tussen de Europese Unie en India. ››
De regering moet zorgen voor hulp aan ouders na internationale kindontvoering. Hiervoor moet een landelijke werkwijze komen. Deze hulp zorgt voor minder spanning en een veiligere terugkeer van de kinderen. ››
De regering moet een plan maken om de samenwerking met India af te bouwen. Dit moet gebeuren tot Insiya is teruggekeerd naar Nederland. Jarenlange diplomatie heeft niet geholpen. Druk werkt alleen als er duidelijke gevolgen zijn. ››
De regering moet de koning vragen om de zaak-Insiya te bespreken met de Indiase premier tijdens het werkbezoek. Zo krijgt deze zaak aandacht op het hoogste niveau. ››
De regering moet een gesprek organiseren tussen premier Modi en de moeder van Insiya. Insiya is bijna tien jaar geleden met geweld uit Nederland naar India ontvoerd en is nog steeds niet terug bij haar moeder. ››
De regering moet nieuwe samenwerkingen met India stopzetten totdat Insiya is teruggekeerd. Deze Nederlandse burger is tien jaar geleden met geweld naar India ontvoerd. Jarenlange diplomatieke pogingen hebben niet geholpen om haar terug te krijgen. ››
De regering moet asielaanvragen van Palestijnen en andere asielzoekers zo snel mogelijk afwijzen als zij al een verblijfsvergunning hebben in een ander Europees land. Veel van deze mensen hebben namelijk al een status in een andere EU-lidstaat. ››
Het kabinet moet vaker bijdragen aan rechtszaken bij het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EVRM), ook als Nederland niet direct bij de zaak betrokken is. Zo kunnen de gevolgen voor het migratiebeleid duidelijk worden gemaakt. Uitspraken van het Hof moeten rekening houden met de belangen van landen. ››
Het kabinet moet in Europa bepleiten dat asielzoekers makkelijker teruggestuurd kunnen worden naar andere EU-landen. Nu blokkeert artikel 3 van het EVRM (verbod op marteling) te vaak de terugkeer. Hierdoor houden landen zich niet aan de Dublin-regels over wie verantwoordelijk is voor een asielaanvraag. Er moet een minimumniveau van ernst zijn voordat terugkeer wordt gestopt. ››