3 juni om 21:30 - Tweeminutendebat Betaalbare energierekening voor huishoudens (CD 9/4)

Lagere btw op gas en stroom

De regering moet de btw (belasting toegevoegde waarde) op energie verlagen naar het lage tarief. Twee miljoen mensen hebben namelijk moeite om de energierekening te betalen. De btw op gas en stroom zorgt voor een te hoge rekening. ›› 
3 juni | SP | Verworpen: 45–105 |
3 juni om 21:10 - Tweeminutendebat Energieraad (CD 5/3)

Bescherm de methaanverordening

Het kabinet moet de methaanverordening niet verzwakken. Deze regels zijn een belangrijk wapen tegen klimaatverandering. Europa is machtig genoeg om buitenlandse bedrijven te dwingen zich aan de regels te houden. De techniek om de uitstoot van methaangas te beperken is bovendien al beschikbaar. ›› 
3 juni | GL-PvdA | Verworpen: 56–94 |

Bescherm het Arctische gebied tegen boren

Het kabinet moet de Europese Commissie vragen het moratorium (een tijdelijk verbod) op boren in het Arctische gebied te behouden. Het poolgebied is erg kwetsbaar door de klimaatverandering. Bedrijven willen daar toch boren voor hun eigen winst. ›› 
3 juni | GL-PvdA | Verworpen: 53–97 |
3 juni om 20:50 - Tweeminutendebat Waterstof, groen gas en andere energiedragers (CD 4/3)

Discussie over het Nationaal Plan Energiesysteem

De regering moet een openbare consultatie organiseren over de plannen voor het Nationaal Plan Energiesysteem (NPE). Dit is het plan voor onze toekomstige energievoorziening. De keuzes in dit plan bepalen namelijk of onze energie betaalbaar en beschikbaar blijft. De resultaten van deze gesprekken moeten worden gebruikt om het plan verder uit te werken. ›› 
3 juni | CDA, CU, D66, JA21, SGP, VVD | Aangenomen: 125–25 |

Belastingvoordeel voor groene gasproductie

De regering moet een voorstel doen voor een fiscale inputvrijstelling voor de productie van groen gas. Dit is een belastingvoordeel op de benodigde grondstoffen. Dit is nodig omdat er een bijmengverplichting geldt: een verplichting om een deel groen gas te gebruiken. Zonder dit voordeel worden de kosten onnodig hoog. Bij de productie van waterstof krijgt men dit voordeel al wel. ›› 
3 juni | SGP | Verworpen: 27–123 |

Minder afhankelijk van fossiele brandstoffen

De regering moet onderzoeken hoe subsidies en financiële steun kunnen helpen om minder afhankelijk te zijn van fossiele brandstoffen. Blokkades in de Straat van Hormuz laten zien dat deze afhankelijkheid de energieprijzen beïnvloedt en de weerbaarheid van het land aantast. ›› 
3 juni | GL-PvdA | Aangenomen: 86–64 |

Bescherm geld voor groene waterstof

De regering moet de afschrijvingen (amortisatie) van de waterstofinfrastructuur zo betalen dat er genoeg geld overblijft voor hernieuwbare waterstof. Er is nu al te weinig geld beschikbaar voor groene waterstof. Zonder deze middelen komt de markt voor deze duurzame brandstof niet op gang. ›› 
3 juni | GL-PvdA | Aangenomen: 86–64 |

Stimuleren groene energie door vraagcreatie

De regering moet groene vraagcreatie inzetten om de vraag naar hernieuwbare energie, zoals waterstof, te stimuleren. Dit geeft bedrijven zekerheid om te investeren. De regering moet dit onderzoeken voor het klimaatpakket van 2027. Ook moet de regering in Brussel eisen dat groene regels, zoals de verplichting om groene producten te gebruiken, onderdeel worden van nieuwe Europese wetten. ›› 
3 juni | GL-PvdA | Aangenomen: 87–63 |
3 juni om 20:30 - Tweeminutendebat Leefbaarheid en Veiligheid (CD 8/4)

Meer steun voor middelgrote gemeenten

De regering moet onderzoeken of middelgrote gemeenten (M50-gemeenten) steun kunnen krijgen via het Nationaal Programma Leefbaarheid en Veiligheid (NPLV). Deze gemeenten hebben namelijk ook grote problemen met wonen, veiligheid en achterstanden. Omdat deze problemen minder opvallen dan in grote steden, krijgen ze nu te weinig hulp. Dit zorgt voor ongelijkheid. ›› 
3 juni | JA21 | Aangenomen: 103–47 |

Borging financiering School en Omgeving

De regering moet het programma School en Omgeving onderdeel laten blijven van de SPUK Kansrijke Wijk (speciale subsidie voor wijken). Na 2028 verandert de financiering namelijk. Dit zorgt voor versnippering van het geld in plaats van samenwerking in de wijken. Onzekerheid over de financiering brengt de samenwerking tussen scholen, gemeenten en andere partners in gevaar. ›› 
3 juni | CU, D66, GL-PvdA, JA21 | Aangenomen: 84–66 |

Familiescholen in het leefbaarheidsprogramma

De regering moet familiescholen opnemen in het Nationaal Programma Leefbaarheid en Veiligheid. Deze scholen werken goed en helpen gezinnen bij zaken als taal, financiën en werk. Door familiescholen uit te breiden naar meer wijken, wordt armoede effectiever bestreden. ›› 
3 juni | GL-PvdA, CU, D66 | Aangenomen: 108–42 |

Veiligheid van medewerkers in de wijk

De regering moet organisaties met de status Veilige Publieke Taak meer informatie geven over risico's. Medewerkers van woningbouwcorporaties worden steeds vaker bedreigd of lastiggevallen tijdens hun werk. Om veilig te kunnen werken, moeten zij van tevoren weten of een situatie risicovol is voordat zij contact zoeken met bewoners. ›› 
3 juni | PVV | Aangenomen: 100–50 |

Veiligheidsregels en de bouw van woningen

De regering moet onderzoeken of strengere landelijke veiligheidsnormen de bouw van nieuwe woningen in de weg staan. De regels voor veiligheid in steden en dorpen veranderen vaak. Deze regels maken het soms moeilijk om nieuwe woningbouwprojecten te realiseren. ›› 
3 juni | PVV | Aangenomen: 124–26 |

Aanspreekpunt voor gebieden buiten het NPLV

De regering moet één centraal aanspreekpunt maken voor gebieden die niet onder het Nationaal Programma Leefbaarheid en Veiligheid (NPLV) vallen. Veel gebieden hebben namelijk grote stedelijke problemen, maar kunnen nu niet makkelijk contact leggen met de landelijke overheid. Dit aanspreekpunt helpt deze gebieden om de juiste hulp te krijgen. ›› 
3 juni | PVV | Aangenomen: 150–0 |

Kosten bij nieuw veiligheidsbeleid beperken

De regering moet onderzoeken hoe de kosten voor particulieren en VvE's (verenigingen van eigenaren) beperkt kunnen worden bij nieuw veiligheidsbeleid. Nieuwe regels voor de veiligheid van gebouwen kunnen namelijk zorgen voor onverwacht hoge kosten voor bewoners. ›› 
3 juni | PVV | Aangenomen: 84–66 |
3 juni om 20:10 - Tweeminutendebat Besluit versterking regie volkshuisvesting (28325-304)

Schrappen regels voor sociale huurwoningen

De regering moet de regels in het Ontwerpbesluit versterking regie volkshuisvesting schrappen. Deze regels verplichten een hoog deel sociale huurwoningen. Woningcorporaties maken echter grote verliezen bij de bouw van sociale huur. Meer gewone woningen zorgen voor meer doorstroming en lagere prijzen. De focus moet liggen op het vergroten van het totale aantal woningen. ›› 
3 juni | Markusz | Verworpen: 24–126 |

Eenduidige regels voor middenhuurwoningen

De regering moet landelijke regels vastleggen in het Besluit versterking regie volkshuisvesting. Provincies en gemeenten mogen geen strengere eisen stellen aan de prijs, de grootte of de staat van middenhuurwoningen. Zo weten bouwers precies waar ze aan moeten voldoen. Dit zorgt ervoor dat er sneller nieuwe woningen worden gebouwd. ›› 
3 juni | Markusz | Verworpen: 23–127 |

Meer stimulans voor gedeelde woonvormen

Het kabinet moet onderzoeken hoe de bouw van onzelfstandige eenheden, zoals gedeelde woonvormen, structureel gestimuleerd kan worden. Deze woonvormen helpen de woningnood aan te pakken en zijn goed voor de mentale gezondheid. De Wet versterking regie volkshuisvesting biedt hier momenteel onvoldoende mogelijkheden voor. ›› 
3 juni | GL-PvdA, D66 | Aangenomen: 127–23 |

Meer ruimte voor mantelzorgwoningen

De minister moet gemeenten helpen om meer vergunningsvrije mantelzorg- en familiewoningen toe te staan. Het Besluit versterking regie volkshuisvesting beperkt deze woningen nu tot het achtererf, maar een plek op het zijerf of voorerf is vaak beter en wenselijker. Gemeenten kunnen zelf ruimere regels maken, maar hebben hulp van de rijksoverheid nodig. ›› 
3 juni | BBB | Aangenomen: 147–3 |

Flexwoningen makkelijker verplaatsen

De regering moet onderzoeken hoe vergunningen voor flexwoningen (verplaatsbare woningen) locatie- en tijdsongebonden kunnen worden verleend. Het voordeel van deze woningen is juist dat ze verplaatsbaar zijn. Nu zijn de vergunningen nog gebonden aan een specifieke plek en tijd, wat de inzetbaarheid beperkt. ›› 
3 juni | D66 | Aangenomen: 118–32 |