De regering moet onderzoeken of het vooraf controleren van documenten bij scholen echt werkt om risico's te ontdekken. De onderwijsinspectie en de Raad van State twijfelen namelijk of deze papieren controles effectief zijn. ››
De regering moet regelmatig controleren of de regels voor burgerschapsonderwijs bij nieuwe scholen (b3-scholen) nog wel werken. Anti-democratische ideeën veranderen voortdurend. Hierdoor kunnen de huidige regels van de Inspectie van het Onderwijs verouderd raken. ››
De regering moet de verschillen in arbeidsvoorwaarden tussen leraren in het regulier onderwijs en leraren op privéscholen in kaart brengen. Er is een tekort aan leraren. ››
De regering moet diplomatieke druk uitoefenen op India om Insiya terug te laten keren. Insiya is in 2016 met geweld ontvoerd en rechterlijke uitspraken worden genegeerd. Dit schendt de mensenrechten en de rechtsstaat. De zaak moet onderdeel worden van de strategische samenwerking tussen de Europese Unie en India. ››
De regering moet zorgen voor hulp aan ouders na internationale kindontvoering. Hiervoor moet een landelijke werkwijze komen. Deze hulp zorgt voor minder spanning en een veiligere terugkeer van de kinderen. ››
De regering moet een plan maken om de samenwerking met India af te bouwen. Dit moet gebeuren tot Insiya is teruggekeerd naar Nederland. Jarenlange diplomatie heeft niet geholpen. Druk werkt alleen als er duidelijke gevolgen zijn. ››
De regering moet de koning vragen om de zaak-Insiya te bespreken met de Indiase premier tijdens het werkbezoek. Zo krijgt deze zaak aandacht op het hoogste niveau. ››
De regering moet een gesprek organiseren tussen premier Modi en de moeder van Insiya. Insiya is bijna tien jaar geleden met geweld uit Nederland naar India ontvoerd en is nog steeds niet terug bij haar moeder. ››
De regering moet nieuwe samenwerkingen met India stopzetten totdat Insiya is teruggekeerd. Deze Nederlandse burger is tien jaar geleden met geweld naar India ontvoerd. Jarenlange diplomatieke pogingen hebben niet geholpen om haar terug te krijgen. ››
De regering moet in Europees verband zorgen voor extra geld voor de Europese Autoriteit voor Voedselveiligheid (EFSA). Lange wachttijden bij deze instantie zorgen voor een tekort aan toegelaten biologische gewasbeschermingsmiddelen en biociden (middelen om ongedierte te bestrijden). ››
De regering moet pleiten voor een versnelde beoordeling van biologische gewasbeschermingsmiddelen bij de EFSA (Europese Autoriteit voor Voedselveiligheid) en alle EU-landen. Deze middelen zijn nodig om minder gif te gebruiken in de landbouw. Nu gaat de controle in Europa te traag door een gebrek aan kennis en capaciteit. ››
De regering moet in Europa zorgen voor een beter plan voor de toelating van biocontrol-middelen (natuurlijke bestrijdingsmiddelen). Het huidige voorstel is onvoldoende en brengt de veiligheid en eerlijke concurrentie in gevaar. Dit advies komt van het Ctgb, de instantie die bepaalt welke bestrijdingsmiddelen in Nederland gebruikt mogen worden. ››
De regering moet een concreet actieplan maken voor kwetsbare teelten. Veel bestrijdingsmiddelen verdwijnen en goede alternatieven zijn er vaak niet. Zo wordt voorkomen dat bepaalde gewassen volledig uit Nederland verdwijnen. ››
De regering moet in Brussel strijden voor voedselzekerheid en zelfstandigheid bij het Omnibusvoorstel. Dit is een Europees plan om regels voor de veiligheid van voedsel en diervoeder te versimpelen. Nederland moet daarbij weerbaar blijven en niet te afhankelijk worden van andere landen. ››
De regering moet de Tweede Kamer een definitief beslismoment geven over de Omnibus Food and Feed (Europese regels voor voedsel en veevoer). De regering mag geen definitieve afspraken maken zonder toestemming van de Kamer. Zo kan de Kamer de kosten, voordelen en risico's van deze regels goed afwegen. ››
De regering moet 'green lanes' (snelle procedures) invoeren voor biocontrols. Biocontrols zijn natuurlijke bestrijdingsmiddelen tegen plagen. De huidige plannen zijn niet genoeg om de toelating hiervan te versnellen. De regering moet dit ook op Europees niveau regelen. ››
De regering moet in Europa pleiten tegen extra tijd voor het gebruik van schadelijke gewasbeschermingsmiddelen. Dit zijn middelen om planten te beschermen tegen plagen. Als deze termijn wordt verlengd, blijven giftige stoffen te lang in gebruik. Dit brengt onacceptabele risico's met zich mee. ››
De regering moet in Europa pleiten voor het behoud van periodieke herbeoordelingen voor alle stoffen. Dit is een regel waarbij stoffen elke paar jaar opnieuw worden gecontroleerd op veiligheid. Stoffen kunnen namelijk schadelijk zijn voor mens en milieu, maar dat blijkt vaak pas na langdurig gebruik. ››
De regering moet onafhankelijk uitzoeken wat het Omnibusvoorstel (een plan voor de beoordeling van stoffen) kost en hoeveel extra personeel er nodig is. Het is nu onduidelijk of dit plan de werkdruk en vertragingen bij de beoordeling van stoffen echt oplost. De regering moet ook laten zien hoe dit betaald wordt. ››