De regering moet waarborgen dat het ministerie tijdig en volledig wordt geïnformeerd over de kwaliteit van uitvoeringsorganisaties. Jarenlang bleef de slechte kwaliteit van WIA-beoordelingen (onderzoek naar arbeidsongeschiktheid) verborgen. Hierdoor ontbrak toezicht en liepen burgers risico op onterecht lage uitkeringen. Directe informatie is nodig om de keuringen goed te controleren. ››
De regering moet een concreet tijdpad opstellen voor de Wet pensioenverdeling bij scheiding (Wps) en de Kamer hier binnen drie maanden over informeren. De nieuwe pensioenwet (Wtp) is al van kracht, maar de regels voor het verdelen van pensioen na een scheiding zijn nog niet aangepast. Hierdoor ontstaan praktische knelpunten. Snelle wetsbehandeling is daarom noodzakelijk. ››
De regering moet met pensioenuitvoerders overleggen om het bedrag ineens bij pensionering te vervroegen. Dit is een eenmalige uitkering uit je pensioen. Vertraging ondermijnt het vertrouwen in deze regeling. Mensen moeten eerder kunnen kiezen wat ze met hun geld doen. ››
De regering moet in kaart brengen hoe sterk activistische doelen meespelen bij beleggingen van pensioenfondsen. Deze fondsen beheren het geld van deelnemers primair voor een stabiel inkomen op latere leeftijd. Het is belangrijk dat financieel rendement voorrang houdt boven niet-financiële actie. ››
De regering moet met De Nederlandsche Bank regelen dat deelnemers met een pensioenfonds in België bij de overstap naar het nieuwe pensioenstelsel gegarandeerd indexatie krijgen. Indexatie houdt in dat pensioenen meegroeien met de inflatie. Fondsen in België ontlopen nu streng toezicht, waardoor koopkrachtbehoud niet zeker is. ››
De regering moet in kaart brengen welke groepen pensioencompensatie missen en praten met de Pensioenfederatie en Stichting van de Arbeid over een passende oplossing. Werknemers die van baan wisselen of tijdelijk werkloos zijn tijdens de invoering van de Wet toekomst pensioenen, lopen nu vaak hun vergoeding mis. Dit voldoet niet aan de wettelijke eis voor adequate compensatie. ››
De minister moet onderzoeken hoe deelnemers in de solidaire premieregeling (pensioenregeling met gedeelde risico's) zelf kiezen tussen een vast of variabel pensioen. De meeste mensen willen zekerheid van een vast bedrag. Keuzevrijheid geeft meer vertrouwen in de eigen pensioenregeling. ››
De regering moet de bestuursregels voor pensioenfondsen aanpassen onder de Wet toekomst pensioenen. Deelnemers dragen de financiële risico's en zijn verplicht aangesloten, maar hebben weinig invloed. Zij moeten meer directe zeggenschap krijgen over hun pensioen. Ook de rol van werkgevers en vakbonden moet worden aangepast. ››
De regering moet onderzoeken hoe pensioenadvies van de werkgever belastingvrij wordt. Werknemers maken onder de Wet toekomst pensioenen belangrijke keuzes. Huidige belasting op advies ontmoedigt het gebruik. Fiscale vrijstelling helpt mensen om met vertrouwen hun pensioen te regelen. ››
De regering moet de verhoging van de AOW-leeftijd (staatspensioen) definitief schrappen. Het plan staat niet in de Voorjaarsnota en de vakbonden willen er niet over praten. Daardoor ontbreekt het draagvlak. ››
De regering moet pensioenfondsen oproepen de pensioenen te verhogen. Veel uitkeringen zijn de afgelopen jaren niet meegegroeid met de stijgende prijzen. Door de inflatie verliezen gepensioneerden koopkracht. Waar financieel mogelijk moeten fondsen deze inhaalslag maken. ››
De regering moet onafhankelijk onderzoek doen naar de mogelijkheden en consequenties van landaanwinning in de kustzone. Er zijn meer ruimteclaims dan beschikbare ruimte in Nederland. ››
De regering moet onafhankelijk onderzoek doen naar de mogelijkheden en consequenties van ruimtelijke ontwikkelingen in het Markermeer/IJmeer, zoals voor IJstad en de uitbreiding van de Marker Wadden. Er zijn meer ruimteclaims dan beschikbare ruimte en de vraag naar wonen in de Metropoolregio Amsterdam blijft groot. ››
De regering moet laten zien hoe de Minister van VRO voldoende macht krijgt om de ruimtelijke opgaven in de Nota Ruimte te coördineren. Zonder duidelijke regie lopen de uitvoeringsplannen vertraging op. ››
De regering moet de Kamer voorafgaand aan de vaststelling van de definitieve Nota Ruimte concreet inzicht geven in de totale ruimteclaim van de ambities op het gebied van woningbouw, defensie, natuur, landbouw, energie en infrastructuur. Zonder dit overzicht kan de Kamer de ruimtelijke gevolgen niet goed beoordelen. ››
De regering moet gemeenten helpen om in hun omgevingsplannen een onderscheid te maken tussen gewone kampeerterreinen en luxe chaletparken, zodat betaalbare plekken voor tenten en caravans behouden blijven. Veel vakantieparken worden nu luxer, waardoor goede kampeerplaatsen schaarser worden. ››
De regering moet onderzoeken hoe een verplicht haalbaarheidsonderzoek kan worden gesteld bij plannen om campings om te vormen tot recreatieparken. Zo blijft het aantal kampeerplaatsen behouden en kunnen gemeenten betere keuzes maken. ››
De regering moet het PBL-advies over 100.000 ha extra natuur geven aan de taskforce stikstof. Het PBL zegt dat dit nodig is om onze natuurdoelen te halen. ››
De regering moet in de Nota Ruimte een duidelijke definitie geven van naturinclusiviteit (dat ruimte ook voor natuur wordt gereserveerd), de verbinding tussen natuurgebieden verbeteren en natuurlijke oplossingen optimaal benutten. Een sterke natuurinfrastructuur houdt Nederland gezond en leefbaar en tegengaat natuurversnippering. ››